Na een korte vermelding door de Franse romancier Marcel Proust in zijn magnum opus 'A la recherche du temps perdu' werden deze schelpvormige cakejes een internationaal symbool voor de kracht van het geheugen, zelfs voor diegenen die nooit zijn boeken hebben doorploegd. Of je het ermee eens bent dat het boek een van de grootste meesterwerken uit de literatuurgeschiedenis is of niet, deze cakejes zijn ontegensprekelijk overheerlijk.

140 g boter + een beetje extra om de vorm in te vetten

125 g bloem + een beetje extra om de vorm in te bloemen, 1 tl bakpoeder

OE tl zout, 2 eieren 90 g suiker

2 tl lopende honing 40 ml melk

Doe de boter in een pan en laat kleuren tot de gesmolten boter goudbruin is. Giet in een hittebestendige kom en laat afkoelen tot kamertemperatuur.

Meng in een kom de bloem, het zout en het bakpoeder. Meng in een andere, grotere kom de eieren, suiker en honing en klop tot het een luchtige massa is geworden. Voeg dan beetje bij beetje de droge ingrediënten toe en daarna de bruine boter en de melk. Dek af en laat minstens twee uur afkoelen in de koelkast, dit zorgt voor de kenmerkende bult op het cakeje. Als je dit niet belangrijk vindt, kun je ook meteen bakken.

Vet de madeleinevorm in met boter en bestuif lichtjes met bloem. Zet ook de vorm in de koelkast om af te koelen.

Verhit de oven tot 200°C. Leg een theelepel deeg in elk vormpje en bak gedurende 8 à 10 minuten tot ze donkerbruin worden aan de randjes. Houd ze goed in de gaten aan het eind van de baktijd zodat je geen te donkere madeleines krijgt. Laat afkoelen op een rekje.