Pottenbakken van Tony Birks is zoals de ondertitel belooft een "compleet handboek". En bovendien eentje dat niet blijft steken in het gebruikelijke amateuristische spelen met klei. Uiteraard behandelt Birks alle klassieke technieken: van het draaien van potten tot de handgevormde potten, van het kleuren en glazuren van klei tot de raku- en kapseloven. De voorbeelden en de informatie die hij daarbij geeft, sporen de gebruiker aan om te gaan experimenteren.

Geïllustreerd met honderden kleurenfoto's. (Cantecleer, 1390 fr.) HV

Nogal wat mensen zijn verlekkerd op Chinees, maar ze kijken er tegen op om zelf Chinees te koken. Ze denken dat het te tijdrovend en te ingewikkeld is. Nochthans zijn twee belangrijke Chinese technieken, het roerbakken in de wok en het stomen, makkelijk onder de knie te krijgen. In Het nieuwe Chinese kookboek vertelt Yan-Kit er alles over. Ze beschrijft de ingrediënten die je nodig hebt, ze legt uit wat de verschillen zijn tussen de verschillende regionale keukens, en ze geeft ook hier en daar een etikette-tip mee. Als je met je stokjes wat neemt van een gerecht midden op de tafel, dan moet je, alvorens het eten naar je mond te brengen, altijd - hoe vluchtig ook - even de rijst in je kom aanraken. (Het Spectrum, 695 fr.)

In grote lijnen is de plot van een Easy Rawlins-thriller altijd dezelfde: ex-detective Rawlins heeft de onderwereld van Los Angeles vaarwel gezegd en leidt een regelmatig leven. "Maar je kan een nikker wel van de straat halen, maar je krijgt de straat van z'n leven niet uit zijn huid." In Een klein geel hondje is Rawlins conciërge in een school en wordt zijn hulp ingeroepen door een verleidelijke lerares die, jawel, een klein geel mormel heeft en die beweert dat haar echtgenoot haar met de dood bedreigt. Als die echtgenoot vermoord wordt, is Easy de belangrijkste verdachte. Spanning, melancholie, knappe dialogen, recht voor de raapse sensualiteit en terloopse commentaar op de verhouding tussen blank en zwart in het Amerika van de jaren '60: Walter Mosley wordt niet voor niets de zwarte Chandler genoemd. (Atlas, 800 fr.) LA

De Amerikaanse Elisabeth Fuller, die in Australie een huis op heilige aboriginal-grond betrekt, ontmoet een zekere Max. Ook hij is een inboorling. Hij neemt de vrouw mee op een tocht door het uitgestrekte binnenland van Australië. Zo leert ze De stem van de aarde kennen, wat ook de titel is van het boek. Het is meteen ook een poging om deze inboorlingen hun waardigheid terug te geven, hun heilige plaatsen en hun tradities te respecteren. Dit laatste betekent dat je bijvoorbeeld nooit mag vragen naar de oude verhalen, iets wat wij kennen als droomtijd, ook al is dat een woord dat de inboorlingen zelf nooit gebruiken (Elmar, 690 fr.) PdM

De Franse stripauteur Edmond Baudoin weet als geen ander kleinmenselijke verhaaltjes in een album te dwingen. In het autobiografische Piero verhaalt hij hoe hij in zijn jeugd samen met zijn broertje dagdroomde, hoe tekenen een steeds grotere rol gaat spelen in hun leven, en waarom de ene wel en de andere niet als stripauteur/kunstenaar aan de slag ging. Het album openslaan is een kinderhart binnengaan. Naïviteit, speelsheid, liefde, heel veel warmte en schitterende wilde zwarte penseeltrekken. (Sherpa, 465 fr., 1830 fr. voor de luxe editie).

(kader)

GEVOEL

Ik zal op pad gaan in het zomers avondblauw,

Geprikt door korenaren over dun gras lopen:

Verdroomd zal ik mijn voeten drenken in de dauw

En ik zal door de wind mijn haren laten dopen.

Elk woord, elke gedachte zal me dan vergaan:

Maar weidse liefde zal zich in mijn ziel verbreiden

En als een vagebond zal ik ver, heel ver gaan

Door de Natuur - verblijd alsof een vrouw me leidde.

(Uit "Gedichten", een zeer ruime selectie uit het werk van Arthur Rimbaud, gekozen en schitterend vertaald door Paul Claes. Arbeiderspers, 750 fr.)