Vier kerstboeketten samengesteld door vier jonge Vlaamse bloemisten. Ze zijn allevier jonger dan dertig en vertegenwoordigen meesterlijk de jonge generatie bloemisten. Twee van hen zijn geboren onder het sterrenbeeld van de Maagd en de andere twee onder het teken van de Stier.
...

Vier kerstboeketten samengesteld door vier jonge Vlaamse bloemisten. Ze zijn allevier jonger dan dertig en vertegenwoordigen meesterlijk de jonge generatie bloemisten. Twee van hen zijn geboren onder het sterrenbeeld van de Maagd en de andere twee onder het teken van de Stier.Drie van de vier, Frankie Bollingh (26), Frederick van Pamel (26) en Nico Canters (28) studeerden aan de beroemde Nederlandse school van Vught. Kristof de Waele (26) kreeg zijn opleiding in Kortrijk. Stuk voor stuk geven ze blijk van veel professionalisme en een grote maturiteit in hun werk. In tegenstelling tot wat je zou kunnen denken, laten die piepjonge bloemisten zich weinig beïnvloeden door gedicteerde modes inzake bloemen en kleuren ( Red Decadence zou dé trend voor de komende maanden worden). Zij spelen veel meer in op het marktaanbod. Dat deden ze ook voor het samenstellen van hun kerstboeket: vier totaal verschillende concepten met elk een andere dominante. Voor Nico Canters waren dat takken, voor Frederick Van Pamel bladeren, voor Frankie Bollingh vruchten en voor Kristof de Waele bloemen. De dieprode roos Grand Prix is duidelijk de vedette in Kristofs zeer compacte compositie, die ook een tapijt van veenbessen bevat, de seizoenvrucht bij uitstek (wordt nu in de buurt van Cape Cod, in het zuiden van New England geoogst). Met inheemse hulstbladeren ( Ilex) zit Frederick van Pamel helemaal in de klassieke eindejaarssfeer. Maar hij plaatst zijn eveneens compacte compositie op een ruwe, zwarte pot en zet er de hulstbessen als een hoedje bovenop. Eenvoud is hier troef. De structuur die Frankie Bollingh koos, is ook zeer compact, maar de vorm krijgt zeer feestelijke allures. Alle aandacht gaat naar de Cucunis-vruchten. Al de rest doet zijn best om die vruchten zo goed mogelijk te doen uitkomen: zwarte ligusterbessen, stengels Beer Grass, slingers Tillandsia en zelfs bijna onzichtbare Hydrangea-bloemen. Het geheel wordt afgewerkt met goudkleurige metaaldraad. Nico Canters maakt het zichzelf niet makkelijk door takken te kiezen. Hij gebruikt ook bewust inheemse materialen zoals hopranken, Clematis-stengels met donsachtige vruchtpluizen en Lathyrus-stengels. Omdat deze elementen in de hoogte groeien en bovenaan lichtjes vervagen, hebben we hier ook met een hoge compositie te maken, opgelicht met de vruchtjes van Asclepias. Tekst en foto's J.-P. Gabriel