Kijk eens papa ! Kijk eens hoe snel ik kan ! Veel sneller dan Floris !" Het is zomer en het is vrijdag. Dat wil zeggen : Speelstraat. Kinderen krijgen de sleutel van de straat, auto's worden vriendelijk verzocht een andere parkeerplaats op te zoeken, speelgoed en krijttekeningen zijn het nieuwe plaveisel. "Kijk eens !" Het kraaiende bevel keert voortdurend terug tussen de kinderkreten. "Hoe snel ik fiets. Hoe mooi de vlinder die ik getekend heb. Hoe grappig mijn grap. Kijk eens !" En laatst mijn zesjarige neefje nog, met wie ik net een wedstrijdje gelopen had, waarin ik hem nipt had laten winnen. "Niet slecht, tante. Als je iets meer zou trainen, zou je een goede loopster zijn. Niet zoals ik, wel. Maar ik ben dan ook de snelste van de klas."
...