Verspreid in het gebergte en ver weg van de dorpen bevinden zich de oude schuren van het Zwitserse kanton Valais (Wallis). Het lijkt of de kleine kubussen van vijf bij vijf meter zich tegen de hellingen genesteld hebben. De benedenverdieping, met uitzicht op de velden, werd vroeger als stal gebruikt. Het bovenste gedeelte, aan één kant open, vormde een beschutting voor hooi en stro. Deze eenvoudige constructies, op een vriendelijke manier in het landschap geïntegreerd, werden tradi-tioneel aan drie kanten in droge steen opgetrokken. Het timmer- en schrijnwerk was meestal van lariks. De daken werden belegd met zware platen leisteen.
...

Verspreid in het gebergte en ver weg van de dorpen bevinden zich de oude schuren van het Zwitserse kanton Valais (Wallis). Het lijkt of de kleine kubussen van vijf bij vijf meter zich tegen de hellingen genesteld hebben. De benedenverdieping, met uitzicht op de velden, werd vroeger als stal gebruikt. Het bovenste gedeelte, aan één kant open, vormde een beschutting voor hooi en stro. Deze eenvoudige constructies, op een vriendelijke manier in het landschap geïntegreerd, werden tradi-tioneel aan drie kanten in droge steen opgetrokken. Het timmer- en schrijnwerk was meestal van lariks. De daken werden belegd met zware platen leisteen. Decennialang stonden deze bouwsels er verwaarloosd en ongebruikt bij, op weg om een ruïne te worden of half ingestort door lawines, waarna ze zich weer in het steenachtige landschap zouden integreren. Militante natuurliefhebbers zien dat overigens graag gebeuren. De architecten Patrick Devanthéry en Inés Lamunière lieten hun oog op één van de leegstaande, beschermde schuren vallen en koesterden andere ambities. "Wij wilden het gebouw graag in zijn authentieke vorm en met de oorspronkelijke materialen behouden, ook al vervult het zijn oude functie niet meer. Dit moest een tweede verblijf worden in harmonie met de natuur." Met dit uitgangspunt zijn de architecten, zowel in hun beroeps- als in hun privéleven een duo, aan de slag gegaan. De zijgevels lieten ze geheel in de originele staat : er werd geen nieuwe ingang gecreëerd en er is ook geen enkele schoorsteen toegevoegd. De houten onderdelen aan de buitenkant zijn bewaard gebleven, te sterk beschadigde stukken werden op traditionele, ambachtelijke wijze hersteld. Aan de achterkant van het gebouw werd er wel een zwaar betonnen blok neergezet ter bescherming tegen lawines. Het is met groen gepatineerd koper bedekt zodat het er heel natuurlijk uitziet. Om toch een kleine uitbreiding van de bescheiden oppervlakte te kunnen verwezenlijken, werd de vloer van de stal met veertig centimeter verlaagd. "Precies het hoogteverschil tussen een mens en een koe", zegt Patrick Devanthéry. Eveneens zijn twee ruimtes uitgehakt in de rotsen, één aan de zijkant om er een keuken in te installeren, en aan de achterkant kwam er een ruimte voor de technische installatie. De quasi onveranderde schuur is door enkele eenvoudige ingrepen getransformeerd tot een aangename woonplek met twee belangrijke kamers. Beneden bevindt zich de woonkamer met weids uitzicht op de vallei, door wat vroeger de staldeur was. In deze uiterst lichte ruimte zijn de wanden uit de oorspronkelijke droge steen opgetrokken. Parketvloer, plafond en al het houtwerk zijn van larikshout. Ernaast werd nog een ruimte 'uitgegraven', in de betonnen bekisting van die holte is de ultramoderne keuken gemonteerd. Het meubilair bestaat uit strak inox gecombineerd met rood gelakt hout. In de lawinebestendige aanbouw kwam een smalle trap die leidt naar de eerste verdieping. De oorspronkelijke schuur is een prachtige, helemaal met hout beklede kamer geworden die op twee manieren het daglicht binnenlaat. Aan de voorkant werd de oorspronkelijke deur waarlangs het hooi vroeger binnenkwam, vervangen door een raam. De open oostkant, waar vroeger de wind vrijelijk kon binnenwaaien, hebben de architecten toegemaakt met glas en hout. De aanblik van die gevel is niet veel veranderd, maar door een speelse constructie van oude planken valt het licht nu op een versnipperde manier binnen. Vooral bij zonsopgang en zonsondergang geeft dat een origineel effect. Alle ruimtes zijn minimalistisch maar toch warm ingericht. Sommige meubels zijn door de architecten zelf ontworpen, hun inspiratie putten ze uit de eenvoudige, sobere vormen van het huis zelf. De krukjes in massief larikshout, de tafel in de eetkamer, en de bedden zijn daar een mooi voorbeeld van. De andere meubelen en accessoires zijn niet speciaal ontworpen voor deze woning, maar ademen toch een sfeer die erbij past. Zoals de koehuid die als tapijt fungeert, de robuuste tuinbank, of de verlichting. Enkele gesofisticeerde voorwerpen brengen evenwicht in dit oude gebouw, onder andere de stoelen van Charles Eames en de fauteuils in leer en metaal van Le Corbusier. - Info : www.devanthery-lamuniere.ch Door Robert Colonna d'Istria - Foto's Jean-François Jaussaud / LuxproductionsDecennialang stonden deze bouwsels er verwaarloosd bij, op weg om ruïnes te worden.