Plots vroeg hij, met zijn aktentas op schoot, vergiffenis. "Sorry".
...

Plots vroeg hij, met zijn aktentas op schoot, vergiffenis. "Sorry". Een verhaal over goede GSM-manieren. ANNA LUYTENFOTO'S : KRISTIEN BUYSE De man bestond uit een onopvallend maar vermoeid gezicht van een veertiger, een grijs pak en een draagbare telefoon. De trein maakte veel lawaai. Zo werd hij ertoe gedwongen het nog een keer te zeggen : "Sorry... ""Met mij alweer. ""Maak ik je wakker ? ""Ik wilde je stem nog even horen... ""... "Telefoneren wordt mooier als er liefde mee gemoeid is. "... ""Ja, ik hou ook van je. ""Krijg ik nog een zoen ? ""Toe, nog een. "Toen deed hij het. Hij drukte zijn lippen op zijn ultralichte, draagbare telefoon. Een al te menselijk gebaar, misplaatst op dit staaltje van technologische hoogstand. Zodat het meer een nieuw soort exhibitionisme leek. Sommige GSM-dragers schijnen in al hun bereikbaarheid niet eens behoefte meer te hebben aan privacy. Mensen die in het openbaar het mondstuk van telefoons kussen, zijn onverzadigbaar. De man koesterde zijn telefoon tussen duim en wijsvinger, de yuppiegreep. "Nog een laatste... ""Dada. "Hij klapte het apparaat dicht. Met het nodige elan. Mobiele hartstocht. Flitsende eros. Naar alle waarschijnlijkheid klinken ook in een GSM de stiltes nog het meest vertederend. Al zijn ze dan iets duurder. Wereldwijd zouden er 52 miljoen mensen een mobiele telefoon hebben. In België lopen 130.000 mensen met een GSM op zak. Dat zorgt voor bevreemdende taferelen. Een man of vrouw met een mobiele telefoon doet nadenken. Zijn het slachtoffers van een time-management-kultuur ? Of zijn ze efficiënter dan de rest ? Maar ook : hoe ver gaat fatsoen ? En : hoe bereikbaar moet een mens zijn ? De kletsbel, zo noemde Louis Couperus de telefoon. Dichter bij de 21ste eeuw is de telefoon veel meer. Wie er geen heeft, is anoniem, sociaal gehandicapt, sluit zichzelf uit. Alleen na de vakantie staat het goed om zaligheid te vergelijken met een weekje zonder telefoongerinkel. Het is een enkeling die in het dagelijks leven het gemis van een telefoon niet voelt. Ronald De Weert (32) dacht zonder te kunnen. Twee maanden geleden werd hij één van de 3.220.000 residentiële klanten van Belgacom. Hij kreeg thuis een aansluiting, en plots werd hij weer populair. "Ik merkte dat mensen geen afspraken meer met me maakten. Nu word ik geregeld ergens uitgenodigd. " Zelfs ons sociale leven wordt telefonisch bepaald. "Er is niemand meer die onverwacht bij je aanbelt. Ieder bezoek wordt eerst telefonisch vastgelegd. Als je geen telefoon hebt, is het een heel gedoe om iets te organizeren. Zelfs al schreef ik briefjes en uitnodigingen, altijd was er iemand die een afspraak wilde verplaatsen. Telefoonloos leven wil zeggen dat een afspraak een afspraak is. "In '91, het jaar van de laatste volkstelling, had nog zo'n 22 % van de Belgische gezinnen geen telefoonaansluiting. "Er zijn in ons land nog steeds meer mensen zonder telefoon dan zonder televisie", zegt Inge Daemen, persverantwoordelijke van Belgacom. Een telefoon is er om te bankieren, eten te bestellen, uit te huilen, zaken te doen, bereikbaar te zijn. Alhoewel in die bereikbaarheid grenzen kunnen worden ingebouwd. Zo zorgen antwoordapparaten voor een pseudo-bereikbaarheid. Niet zelden zijn ze een verlengstuk van de abonnee. Met een fragment uit een fuga van Bach of het refrein van een Abba-song op de achtergrond willen mensen hun boodschap iets persoonlijker maken. Soms lijken die boodschappen een gevecht te leveren om steeds kreatiever en helaas wansmakelijker te worden. Een bron van ergernis. Veel mensen gebruiken hun antwoordapparaat als een geautomatizeerde toezichter die vervelende mensen buitenhoudt. Vooral tijdens de weekends, als ze de telefoonstress beu zijn en niet met om het even wie willen kommuniceren. Het lijkt in ieder geval beleefder dan de hoorn twee dagen van de haak te leggen. Mensen die telefoneren, zo blijkt uit onderzoeken, willen onmiddellijk gehoor krijgen. Er zijn bedrijven die klanten en dure bestellingen verliezen omdat de hoorn niet snel genoeg wordt opgenomen. Mieke Pieterman, direktrice van Pieterman en Partners (een opleidingsinstituut voor telekommunikatie en persoonlijke prezentatie in Breda), onderwijst bedrijven de telefoonetiquette. "De manier waarop de telefoon wordt aangenomen, is de eerste indruk die je als bedrijf en trouwens ook als privé-persoon nalaat. De klant blijkt de manier waarop hij te woord werd gestaan nooit te vergeten en te verbinden met het imago van het bedrijf. Als hij aan de telefoon lang moet wachten, denkt hij automatisch dat er ook een te lange leveringstermijn zal zijn. " Mensen doorverbinden of laten wachten met een muzaktoontje is niet alleen onbeleefd, maar ook zeer onprofessioneel voor een bedrijf. Pieterman : "De wachtenden vinden die muziekjes verschrikkelijk. Een bedrijf zendt trouwens op die manier de verkeerde boodschap uit. Je zegt de klant bij voorbaat dat je niet in staat bent om hem onmiddellijk te helpen. Als dank voor zijn geduld geef je hem dan ongevraagd een deuntje. Je moet juist je bereikbaarheid tonen. Dadelijk de telefoon opnemen, is onontbeerlijk. Nooit langer dan drie keer laten rinkelen. Wat absoluut niet kan, is vanuit de wagen met je klanten bellen. Dat gaat met horten en stoten, en geeft de indruk dat je het snel-snel wil afwerken. "De telefoon heeft de jongste jaren aanleiding gegeven tot diep gepeins over de juiste omgangsvormen. Dat staat voor een groot stuk op rekening van de draagbare telefoon. Zowat overal ter wereld blijken mensen zich te storen aan de opvallende GSM- of mobiele-telefoongebruikers. En dat is niet alleen een kwestie van jaloezie, soms is het vervelend met andermans zaken gekonfronteerd te worden. "Hallo ? Er is geen pikante worst meer, wat zal ik meebrengen ? " Niemand hoeft toch te weten dat de diepvrieskist met vleeswaren in de supermarkt aanleiding kan geven tot twijfel. Of hoe reageert men als een klant aan een tafel achterin een restaurant het GSM-nummer draait van een vriend die vijf tafels verderzit ? De walkie-talkie van de jaren negentig is soms zeer astrant. Daarom wordt nu vanuit diverse hoeken een nieuw soort etiquette uitgewerkt. In sommige Belgische restaurants wordt de klant vriendelijk gevraagd om zijn of haar GSM bij de receptie achter te laten. Uit vrees voor de storende bieptonen in een cosy sfeer. Aan de receptie beantwoordt men alle gesprekken, en in dringende gevallen wordt de opgeroepene aan zijn tafeltje in het oor gefluisterd wie er wacht aan de lijn. "Vele nuances in de hedendaagse etiquette, zoals het verzenden van dankbriefjes en het niet roken zolang er nog iemand zit te eten, zijn het resultaat van een lange traditie. Mobiele telefoons bestaan nog niet zo lang als sigaretten. Daarom heeft degene die zijn toestel welvoeglijk wil gebruiken het veel moeilijker. Het is nog vrij onbekend terrein. " Cellnet, een Brits netwerk voor mobiele telefoons, verspreidt een boekje met de titel Mobile Manners (mobiele manieren). In deze gids krijgt de GSM-gebruiker een antwoord op "hedendaagse dilemma's" zoals : kan je je telefoon gebruiken op straat ? In het hoofdstuk In de wagen schrijft men in Mobile Manners : "Een kleine tip : als je passagiers zenuwachtige mensen of bejaarden zijn, getuigt het van goede manieren om hen op voorhand te vertellen dat je een telefoon in de wagen hebt voor het geval je toestel begint te rinkelen en het hen onaangenaam doet schrikken. "Of nog (In de stad) : "Het is belangrijk te weten dat de bevolkingsdichtheid in Engeland betekent dat een goede verkeersdoorstroming even belangrijk is op het voetpad dan op de autosnelweg. Hoe belangrijk het telefoontje dat je verwacht ook mag zijn, je zal jezelf niet geliefd maken bij de andere voetgangers als je een noodstop maakt in het midden van het voetpad. Als je de oproep wil beantwoorden, zoek dan een ingang van een winkel, een bushalte, of zelfs een lege telefooncel. " De vraag is hoe geliefd de mobiele beller zich zal maken bij de gebruiker van publieke telefooncellen. Buiten de stad zou het gevaar om mensen voor het hoofd te stoten nog groter zijn : "Onderschat de meedogenloze mars van vele voetgangers niet. Het is makkelijker dan je denkt om iemand in zijn gang te belemmeren. Vele bejaarden die verlegen lijken, kunnen zeer boos worden. "Op kantoor getuigt het van onwellevendheid om tijdens het bezoek van een klant of tijdens een vergadering een oproep te beantwoorden. Je kan altijd een beroep doen op de callback-keuzemogelijkheid of de mailbox. Er is geen schel gerinkel, en de binnengekomen telefoons worden opgevangen door een automatische telefoonbeantwoorder van het GSM-netwerk die de abonnee later meedeelt wie er opgebeld heeft. Dat het imago van de mobiele telefoon niet geschaad mag worden door klungelachtig en ongegeneerd gedrag van de gebruikers, staat ook voor de producenten buiten kijf. "We willen een educatieve funktie vervullen binnen de GSM-wereld", zegt Guido Verbeke, regionaal manager van de mobiele-telefoonproducent Motorola. "Daarom krijgt iedereen bij aankoop van een GSM een boekje met onze beleefdheidsleer mee. "Zomaar een hoffelijkheidsregel om nooit te vergeten : "Spreek zachtjes, vooral wanneer u zich in een menigte bevindt. Niet iedereen interesseert zich voor uw gesprek. " In de opera, het teater en de bioskoop kan men met een gerust geweten de medetoeschouwer van boersheid beschuldigen die tijdens de voorstelling de mobiele telefoon laat rinkelen. Ook in een restaurant of café is het volgens de nieuwe telefoonetiquette korrekter om de mobiele telefoon uit te zetten. Hoewel je het nog kan meemaken : twee mensen die rustig met elkaar een glas drinken op een terrasje terwijl ze met iemand anders aan de lijn hangen. De terreur van de onzichtbare, ongenode gast. De Motorolagids pakt dat probleem aan : "U wilt samen met vrienden of familie genieten van een rustige maaltijd, een gezellige avond of een spannende film ? Aarzel dan niet om u even af te sluiten van de alledaagse drukte en schakel de GSM uit. " Onbereikbaar zijn, is soms een teken van hoffelijkheid. "Hallo ? " zeggen en je naam verzwijgen is ook bij het aannemen van een mobiele telefoon onbeleefd. "Wees kort en zakelijk, en beantwoord de oproep door eerst je naam te noemen", zegt de telefoonetiquette. "Kan ik u helpen ? " blijft een goede openingszin. Sommige dingen staan niet in de boekjes, maar zijn goed om weten. In sommige ziekenhuizen, waaronder de Leuvense Universitaire Ziekenhuizen, mag men sinds enkele maanden niet meer binnen met een GSM. Adrien Fauconnier, industrieel ingenieur van de ziekenhuizen in Leuven : "Een draagbaar telefoontoestel zendt sterke elektromagnetische golven uit en kan storingen veroorzaken bij de medische apparatuur. "Dé manier om wat zielerust te vinden, zo prijst men de GSM aan. In België werkte de recente publiciteitscampagne van Proximus voor mobiel bellen op het gemoed : een vrouw zonder GSM weet niet welk groot onheil haar overkomt terwijl ze rustig loopt te winkelen. "Wij willen aantonen dat de mobiele telefoon geen luxeartikel is", zegt Patricia Joosen van de kommunikatieafdeling van Proximus/Belgacom. In België is slechts 1,2 % van alle gebruikte telefoons een GSM-toestel. In Zweden zou dat bijna de helft zijn. Maar bij ons is mobiel bellen nog altijd duur. Joosen : "Een toestel kost gemiddeld 20.000 fr., mobiel bellen gemiddeld 18 fr. per minuut tijdens de piekuren. "Met de komst van het mobiele telefoontoestel verhoogt de kans dat er veel meer wordt getelefoneerd dan nodig, zo blijkt uit een studie van Market Line, een internationaal onderzoeksbureau. Dat wil zeggen dat ook de kans verhoogt op nonsens of niet-essentiële kommunikatie. Ook het streven naar het zeggen van zinnige dingen hoort eigenlijk thuis in hedendaagse etiquette. Een onderzoek van Motorola in de VS wijst uit dat GSM-bezitters hun toestel vooral gebruiken om te zeggen dat ze ergens later zullen aankomen dan voorzien, om afspraken te verplaatsen, om even goeiedag te zeggen, om de weg te vinden, of om zaken te doen. "Hoe mobieler je bent, hoe meer men van je verwacht dat je belt. Als ik nu vijf minuten te laat thuiskom zonder te verwittigen, krijg ik op mijn donder omdat ik 'toch had kunnen bellen met de GSM', " zegt Karel Vingerhoeds, GSM-bezitter. "Ik hou ervan bereikbaar te zijn. In mijn leven heeft de telefoon altijd centraal gestaan", zegt Laurent Pascal, makelaar. "Ondanks de aanwezigheid van personeel op mijn kantoor, wil men nog altijd graag de baas spreken. Ik creëer bij mijn klanten graag het idee dat ik er voor hen altijd ben. " En daarmee is misschien de essentie van de aanwezigheid van de GSM in de bedrijfswereld uitgedrukt. Of nog : "Ik ben doodongelukkig als ik de telefoon niet hoor. " En toch geeft die GSM ook de veelvuldige gebruiker in Vlaanderen nog een vreemd soort schuldgevoel. Laurent Pascal : "Ik vind het vreselijk dat mensen mij zien bellen. Ik wil niet als een yuppie beschouwd worden. " Zelfs als hij gaat jagen, neemt hij het toestel mee. "Af en toe moet ik op een bepaald uur een klant bellen. " Maar meestal gebruikt hij het voor privé-doeleinden : "In de auto. Om op lege momenten mijn vrienden en familie te bellen. "Ieder heeft zo zijn reden om zich met een GSM gelukkig te voelen. Erik Melaerts (muzikant) : "Ik bel vooral met het thuisfront. Ik heb mijn GSM gekocht toen mijn vriendin zwanger was. Ik wilde bereikbaar zijn, want er kan toch altijd iets gebeuren. " Nu belt hij soms gewoon naar huis om te zeggen : "Ik vertrek. "Inge Maertens is bedrijfskonsulente : "Terwijl ik vroeger thuis een kattebel schreef, zal ik nu af en toe eens opbellen. " En ze geeft het toe : "Laatst zag ik in de solden een pracht van een mannenhemd. Ik belde naar huis en vroeg mijn vriend of hij zo'n oranje hemd wilde. De GSM helpt bij snelle beslissingen. Ik voel me er ook veiliger mee als ik 's avonds alleen in de wagen zit. Ik weet dat ik altijd om hulp kan bellen. " Ze zoekt nu een "vrouwelijk" GSM-model. Liefst tijgerprint. Want soms geeft dat toestel haar een gevoel van macht. "Het is iets sexy, iets androgyn. Alsof je een mannenpak aantrekt. "Aan sommige vrouwen geeft een mobiele telefoon een gevoel van macht. "Hij is sexy, androgyn. Alsof je een mannenpak aantrekt. "