Tot een stuk in de nacht heerst er een gezellige drukte in de straten van Barcelona. Het aantal drankgelegenheden en restaurants is overweldigend. Om u een tijdrovende zoektocht te besparen, leiden wij u langs de beste adresjes in en rond het historische centrum.
...

Tot een stuk in de nacht heerst er een gezellige drukte in de straten van Barcelona. Het aantal drankgelegenheden en restaurants is overweldigend. Om u een tijdrovende zoektocht te besparen, leiden wij u langs de beste adresjes in en rond het historische centrum. Pieter Van Doveren Foto's : Tony Le DucHet populaire uitgaansleven in de Catalaanse kuststad situeert zich van de wijk Ciutat Vella met Barri Gòtic (het gotische stadsdeel bij de haven) tot enkele pleinen landinwaarts in Dreta de l'Eixample. Dit laatste stadsdeel ontstond tijdens de uitgebreide 19de-eeuwse stadsvergroting, en u vindt er heel wat van de opzienbarende modernista-burgerpaleizen van architect Gaudí. Barcelona groeide in de loop der tijden uit tot een wereldstad, die zich vanaf de kustlijn vele kilometers uitstrekt. De keuken van Catalonië is rijk aan smaak en rijk aan olie. Hoewel de meeste Catalanen de hele dag door eten, is vetzucht zeldzaam. Misschien is dat een gevolg van het heilzame mediterrane dieet. Gewoonlijk eet men eerst groenten en salades, en vervolgens vis of vlees van de grill. Rijst, vis en de vier basissausen ( sofregit, samfaina, picada en allioli) vormen de fundamenten van de keuken. Het eerste wat een Catalaanse baby na de borst proeft, is de pa amb tomàquet. Dat zijn grote plakken landelijk brood ( pa de pagés), kort geroosterd op de grill of in de pan, ingewreven met tomaten en besprenkeld met olijfolie. Geliefde bereidingen zijn vooral la sarsuela (vissoep), paella (waarin zowel vis als vlees een belangrijke rol spelen), arroz negre (zwarte rijst met inkt van inktvis), mel i mató (honing met verse geitenkaas) en crema catalana (gebrande vanillecrème). Het alom in de eethuizen geafficheerde menú del dia (dagmenu) biedt overwegend goede kwaliteit tegen een lage prijs, en in bars en tavernes kan je een eigen maaltijd samenstellen met tapas. Bij iedere vorm van Catalaans eten horen streekwijnen, afkomstig van Alella, Tarragona, El Priorato, El Panadés en Sitges. Het dagelijks leven in Barcelona kent zijn rituelen : zondagochtend kopen de bewoners van de stad churros in de churrería. Deze zuiderse beignets worden thuis met de vingers in gesmolten chocolade gedoopt. Op de terrassen drinkt men café con hielo. Deze koude koffie met suiker serveert men in een glas met ijsblokjes. Ook een clara (een biertje aangelengd met citroenlimonade) en het melkachtige horchata-drankje op basis van lokaal chufa-fruit zijn populaire verfrissers. Men eet naar onze begrippen tergend laat : om 11 uur ontbijten, is geen uitzondering, lunchen doe je ten vroegste om 13 u.30, en als je 's avonds de stoel onder tafel schuift, is het vaak al 22 uur of later. In de restaurants van Barcelona zijn de meeste spijskaarten in het Catalaaans opgesteld. Spanje heeft vier officiële talen. Zo komt het dat een Spanjaard uit Barcelona een Madrileen niet begrijpt. Vóór het eten wenst hij de tafelgenoten ?bon profit", het Catalaans voor ?eet smakelijk en amuseer u aan tafel". De slentertocht begint aan de noordelijke kant, juist over de Avinguda Diagonal, een van die lange straten waar het jachtige verkeer voor een heksenketel zorgt. Flash, Flash ontdekt u in een zijstraat tegenover een parkeergarage. Binnen heerst een ambiance uit de jaren '60 en '70. Het zwart-witinterieur werd ontworpen door de binnenhuisarchitecten Federico Correa en Alfonso Mila, en behoort inmiddels tot de klassiekers. In Flash, Flash komen vooral gezapige swingers voor een eenvoudige en redelijk geprijsde hap. De spijskaart vermeldt bijna 100 verschillende tortillas (omeletten). Op de hoek van Muntaner en Còrcega ligt L'Olivé, een geliefd wijkrestaurant waar geen plaats vrij is als u niet reserveert. Achter de gezandstraalde ramen wordt plezier gemaakt, terwijl de koks in de zichtbare keuken druk bezig zijn. In L'Olivé komen smakelijke en hedendaagse Spaanse bereidingen op het bord. Er is geen menu, en u moet rekenen op zo'n 1000 fr. voor een volledige maaltijd. Bij het buitengaan blijven heel wat bezoekers nababbelen op het voetpad : ook dat is typisch Spaans. De nabijgelegen Passeig de Gràcia strekt zich uit tot de Plaça de Catalunya. De brede laan is de Champs Elysées van Barcelona, en telt verschillende weelderige modernista-gevels van Gaudí. Tegenover zijn bekende Casa Milá (door de bewoners van Barcelona uit afgunst wel eens La Pedrera of de steengroeve genoemd) ligt de Passatge de la Concepcio. Daar, in een volledig verbouwd herenhuis, bevindt zich het wondermooie restaurant El Tragaluz. Dat betekent hemellicht, en in het restaurant is de hemel dan ook de stille begeleider van elke maaltijd. Het prachtige design-interieur dateert uit 1990, en werd ontworpen door Pepe Cortès en Sandra Tarruella. Het grafische werk is van Javier Mariscal en het meubilair van Nancy Robbins. Het geheel kreeg in 1991 de belangrijke FAD-prijs ( Foment d'Arts Decoratius). De Japanse taverne op het gelijkvloers is recenter. El Tragaluz is zonder meer het mooiste restaurant van Barcelona, en het eten is lekker en betaalbaar. Terug naar de Passeig de Gràcia. Tegenover het door Gaudi getekende huis Batlló ligt Tapa Tapa. Deze grote, moderne tapabar biedt een ruime keuze aan redelijk verzorgde hapjes, en zoals in de meeste van dit soort gemaksrestaurants eet je voor een paar honderd frank je buikje vol. Tapas die deel uitmaken van het standaardrepertoire zijn La Bomba (een bolletje aardappelpuree met pikante saus), caracoles (slakken) en tortilla de patata (omelet met aardappelen). Op enkele passen van de vroeg-modernista-drukkerij aan de Carrer d'Arago, waar nu Fundació Antoni Tápies is ondergebracht, vindt u het bekende klasserestaurant Orotava. In het kleine, stijlvolle eethuis spelen tradities een grote rol. Directeur José María Luna is een persoonlijkheid. Hij onderhoudt goede contacten met de aristocratie, en ook met de jagers die het wild tot aan de keukendeur brengen. Orotava is ook gespecialiseerd in vis en schaal- en schelpdieren. De schilderijen en heel wat bezoekers zijn bijna duizend jaar oud. In een straat aan de andere kant van Passeig de Gràcia ligt restaurant Casa Calvet. Het is het enige door Gaudi gebouwde privé-huis dat open is voor het publiek. Er is een eetzaal met muren van witte modernista-stenen, en achter panelen van glas en hout bevinden zich drie deftige salons. Miguel Aliga is de kok, en hij wil best met het portret van de beroemde bouwmeester poseren. Hij komt op voor een creatieve Spaanse keuken, en zijn specialiteiten zijn hígado de pato fresco con salsa de naranjas amargas (lever van eend met saus van bittere sinaasappels) en fideus (vermicelli) met knoflook. Nu zijn we dicht bij Laie, met in de kelderverdieping een vermaarde boekenwinkel en daarboven een literair café en tearoom. In de gang staat op een lange tafel een buffet uitgestald met sandwiches, salades, taarten en koeken. 's Avonds eet u à la carte. Haastige mensen kunnen terecht in de over de stad verspreide sandwichbars van Pans & Company en Bocata. De Spaanse broodjes met ham, tomaat en olijfolie (geen boter !) bieden een welkome variant op hamburgers. Voor een slenterparade op La Rambla is de plaats van afspraak Zurich. Het café heeft een ideale ligging aan de uitgang van de ondergrondse in het park van Plaça de Catalunya. Dit centrale plein wordt via La Rambla met het Columbus-monument bij de haven verbonden. Zurich is momenteel nog het lelijkste café van Barcelona. Maar er bestaan plannen om het te vernieuwen. Zoals in alle Spaanse cafés is het bijzonder rokerig (Spanjaarden zijn de zwaarste rokers van de EU), en daarom is een plaatsje op het terras te verkiezen. De stoelen buiten zijn een bevoorrecht observatiepunt, en met wat geluk speelt er een band in het park. La Rambla loopt langs de rand van de historische wijk Barri Gòtic, en is Barcelona's bekendste laan. In het midden strekt zich een breed paseo of flaneerpad uit met stalletjes en straatanimatie tot in de vroege uurtjes. In een zijstraatje aan de linkerkant ligt La Casa del Bacalao (het huis van de stokvis). In de vitrine liggen gezouten vissen. Cocochas (kaken) of desmigado (schilfers) : niemand is het eens over wat nu het fijnste is. Van in olie ontzoute stokvis met paprika en olijfolie bereiden de bewoners van Barcelona esqueixada. Bacalao al pil-pil is een andere populaire bereiding met stokvis. Halverwege La Rambla ligt aan de rechterkant de ingang van Mercat de St. Josep, in de volksmond gekend als Mercat de la Boqueriá (letterlijk : markt van het rundvlees). Deze anderhalve eeuw oude kleur- en geurrijke markt levert alle ingrediënten voor de Catalaanse keuken en het gezonde mediterrane dieet. De schilderachtige marktvrouwen staan in hun kraampjes op een verhoogje achter hun waren. De speciale relatie tussen verkoper en koper verloopt volgens een ongeschreven lokaal wetboek. Vooral het aanbod van verse vis maakt indruk, maar ook de keuze aan vleeswaren : Catalaanse butifarra-worst, jabugo (de beste ham na pata negra), salchichón-worst en chorizo ibérico. Terug op La Rambla, richting Middellandse Zee, passeert u de betegelde modernista-gevel en etalages van Escribá. Het is de bekendste banketbakker en chocolatier van de stad. Aan de muur hangen foto's van vedetten, en in de vitrines liggen onder meer caca d'anis (platte suiker- en anijskoeken) en pralines. Zakt u La Rambla verder af, dan komt u aan het anderhalf jaar geleden afgebrande operagebouw Liceu. Aan de overkant ligt het Café de la Opera. Dit Zwitsers koffiehuis van rond de eeuwwisseling, met een door sigarettenrook gepatineerd interieur, werd eertijds bijna uitsluitend bezocht door deftig opgedirkte concertgangers. Vandaag zijn het vooral jongeren en bohémiens die over de vloer komen, onder wie heel wat kleurrijk uitgedoste straatartiesten. Het publiek veranderde, maar de obers bleven. Ze lopen nog even stijf rond als vroeger. Het hoekje om, en daar is plotseling het wondermooie Plaça Reial. De stoelen op de terrassen zijn er tot in de vroege ochtend bezet, en er wordt gitaar gespeeld en gezongen in het licht van door Gaudí getekende straatlantarens. Op de magische Plaça Reial is iedereen gelijk en kent de dag geen einde. Les Quinze Nits (de vijftien nachten) is een van de drukbezochte eethuizen van het plein. In deze moderne Spaanse brasserie vraagt men redelijke prijzen. De open deuren geven uit op het geanimeerde buitengebeuren, en het interieur is gezellig. Er komen vooral artiesten en jonge mensen. Wij proefden daar ensalada de bacalao en een carpaccio van kabeljauw met puree van verse tomaten en olijfolie. Er was ook fideus van vermicelli in saus, maar daar hadden we na vier happen al genoeg van. Rond kerken en kathedralen in de gotische wijk ligt een doolhof van steegjes en straten. Er zijn bekende eethuizen, zoals Can Culleretes, Els Quatre Gats en Agut. Ze worden druk bezocht door Spanjaarden en toeristen en beschikken meestal over een spijskaart in diverse talen. Can Culleretes eist de titel op van oudste restaurant van Barcelona. Het dateert uit 1786, en is te vinden in een donker, middeleeuws straatje tussen Carrer de Ferran en Carrer de Boqueria. Can Culleretes biedt smakelijk en redelijk geprijsd ouderwets Catalaans eten in een ouderwetse omgeving met keramische tegels. In Els Quatre Gats hangen nog flarden van de sfeer van een artiestencafé uit het begin van deze eeuw. Het eethuis heeft een neogotisch decor met balkon, en het verhaal gaat dat Picasso en drie bevriende artiesten meehielpen om het restaurant van de grond te krijgen. Picasso zou er zijn eerste tentoonstelling gehouden hebben. Els Quatre Gats heeft een goed dagmenu voor minder dan 400 frank. Agut ligt op drie straten van de kustlijn in een buurt met ouderwetse tapabars. Bij Agut serveert men al meer dan een halve eeuw klassieke Catalaanse gerechten in brasseriesfeer. Op de gepolijste vloer staan eenvoudige stoelen en tafels, en ook hier is het menu van 400 frank een koopje. Bekend tot in Japan is Los Caracoles. Dit toeristisch restaurant met schilderachtig interieur is van buiten te herkennen aan de in de façade ingebouwde kippengrill. Via de bar kom je in de keuken, waar een kordon bezwete koks rond een oud stalen fornuis voor onvergetelijke taferelen zorgt. Achter de keuken bevindt zich een doolhof van trapjes en zaaltjes. Het eten in Los Caracoles stelt teleur, en is naar Spaanse normen aan de prijzige kant. Voor traditionele Catalaanse specialiteiten kan u ook terecht in La Cuineta. Dit ouderwetse eethuis ligt in de schaduw van de kathedraal en heeft een bombastische plattelandsinrichting met krullerige meubeltjes van rond de eeuwwisseling. Hoe meer trapjes u opklimt, hoe weelderiger de eetzalen. El Casal ligt bij de kathedraal en de Romeinse muur uit de 7de eeuw. Het kleine, modern ingerichte eethuisje heeft geen enkele pretentie en serveert op weekdagen voor de lunch voor nog geen 300 frank een voortreffelijk keuzemenu. De gerechten zijn bereid uit verse ingrediënten van prima kwaliteit. Geen wonder dat er geen stoel of barkruk onbezet blijft. Bankbediendes en universiteitsmedewerkers zijn trouwe klanten. In El Casal werkt de hele familie mee. Keukenprinses is Rosa : zij toont ensalada de aguacates y atún (salade van avocado en tonijn) en caballa de Palamós al horno (makreel van Palamos uit de oven), twee gerechten uit het dagmenu. El Casal gaat om 7 uur 's ochtends open voor het ontbijt en sluit om 21 uur. Senyor Parellada ligt op drie passen van het Picasso-museum. Achter de façade en de ontvangstruimte met bar verbergt zich een modieus Catalaans restaurant waar groepjes vrienden ontspannen en toch stijlvol eten. Dit aangename eethuis wordt geleid door de gecultiveerde Ramon Parellada, die behoort tot de vijfde generatie restaurateurs in zijn familie. De eetvertrekken weerspiegelen de sfeer van Havana van voor de revolutie, compleet met een door kolommen gedragen balkon. Het eten is het model van modern Catalaans koken. Onderweg naar Barceloneta, de volkswijk die in de 18de eeuw werd gebouwd op een klein schiereiland, passeert u eerst eethuis Set Portes. Deze populaire Spaanse brasserie heeft een interieur dat in anderhalve eeuw nauwelijks veranderde. De vloer is een schaakbordmotief met zwarte en witte tegeltjes. De muren zijn gedecoreerd met lambriseringen, en op de plaatsen waar eens beroemde gasten zaten, hangt nu hun naambordje. Set Portes is gespecialiseerd in zee-eten en presenteert een uitgebreide spijskaart. Hoe later u komt, hoe minder toeristen. Wij proefden van tronco de merluza hervido y su caldo con arroz of witte zeebaars met witte rijst, witte uien, witte aardappelen en witte saus (650 frank, en dat was geen koopje !) en van sarsuela met onder meer een half kreeftje (1000 frank, ook voor die prijs is er meer en beter te koop). Reina Cristina is een lelijk straatje dat uitgeeft op de Plaça d'Antonio Lopez. Tussen een monocultuur van hifi-winkels ligt Can Paixano, Barcelona's meest onwaarschijnlijke xampanyeria. In deze Spaanse champagnebar, waar de vleeswaren aan het plafond te drogen hangen en de kurken non-stop van de flessen cava ploppen, wordt zwaar geconsumeerd. Cava is Spaanse wijn die volgens de champagnemethode aan de bruis wordt gebracht. Men staat er dicht op elkaar gepakt voor de bar, met in de ene hand een glaasje zonnig schuim en in de andere een op de grill opgewarmd broodje met druipend spek en ganzenlever. Een fles brut kost nog geen 120 frank, en het broodje komt op 55 frank ! Het leven is mooi, maar bij het buitenkomen geselen de zonnestralen meedogenloos. Via de terrassen langs de jachthaven gaat het laatste deel van de voettocht naar Barceloneta, de volkswijk die voor durvers de beste taparestaurants verbergt. In de armoedige woonblokken achter de visrestaurants aan de Passeig Joan de Borbó bevinden zich authentieke eethuisjes, zoals het aan het sportplein gelegen eetcafé Magin Solé. Er ligt zand op de vloer en tegen de muur staan tonnen en kratten opgestapeld. Buurtbewoners drinken wijn aan de bar en er circuleren schaaltjes met makreel, bonen en worst. De Catalaanse vrouw aan de grill krijst als een kraai, en op tafel komen grote sneden geroosterd brood, ingesmeerd met allioli, op rooster gebakken sardientjes, inktvisjes, baby-artisjokken en Spaanse worsten : olé, het feest kan beginnen. Als wij als laatste vanuit het schemerige eetcafé hetzonovergoten plein opstappen, gaan de luiken achter ons dicht. In de verte, aan de oostelijke kustlijn, glinstert de nieuwe olympische plezierhaven met rond de kom tientallen eethuizen. Daar heerst een toeristische pretparksfeer, compleet met opdringerige obers die de voorbijgangers aan een tafeltje proberen te parkeren. Het is maar een paar passen naar het strand en een siësta in het zand. Orotava : aristocratisch eethuisje gespecialiseerd in vis.Van linksonder volgens de wijzers van de klok : Senyor Parellada, modern eten in de sfeer van pre-revolutionair Havana ; visverkoopsters op de Mercat de la Boqueriá ; Els Quatre Gats waar Picasso zijn eerste expo hield ; café Zurich, uitkijkpost opLa Rambla ; Can Paixano, waar de Spaanse schuimwijn stroomt ; onvergetelijke taferelen in Los Caracoles ; zeg nooit zomaar saucisse tegen een Spaanse salchichón.Links : Laie, vermaarde boekenwinkel met eten en drinken ; rechts : Sete Portes, hoe later, hoe minder toeristen ; onder : tapas vind je overal in een oneindige variatie.