We waren naar het trendy eethuis afgezakt voor onze driemaandelijkse bijeenkomst van vakbroeders. Op de muren van het etablissement waren hemelsblauwe schaakborden geprojecteerd. Lopers en torens, en mysterieuze notaties die indruk maken op mensen die nog nooit hebben geschaakt : Pc2 Pb8 Dg8+ Kd7. De band met wat in het restaurant geserveerd werd, wokgerechten, was onduidelijk vanuit cultuurhistorisch perspectief. Maar dat stoorde de aanwezigen niet. Zoals gewoonlijk was het gezellig. We hadden een paar flessen gekraakt. De belangrijkste nieuwtjes uit het wereldje waren de revue gepasseerd, inclusief enige belangwekkende roddels. En toen kwam het gesprek op huizen. Het onderwerp doet mijn tenen al krullen van op kilometers afstand, al was het maar vanwege van de hardnekkigheid waarmee vriend en vijand mij tegenwoordig trachten te overreden tot het nemen van een hypotheek.
...

We waren naar het trendy eethuis afgezakt voor onze driemaandelijkse bijeenkomst van vakbroeders. Op de muren van het etablissement waren hemelsblauwe schaakborden geprojecteerd. Lopers en torens, en mysterieuze notaties die indruk maken op mensen die nog nooit hebben geschaakt : Pc2 Pb8 Dg8+ Kd7. De band met wat in het restaurant geserveerd werd, wokgerechten, was onduidelijk vanuit cultuurhistorisch perspectief. Maar dat stoorde de aanwezigen niet. Zoals gewoonlijk was het gezellig. We hadden een paar flessen gekraakt. De belangrijkste nieuwtjes uit het wereldje waren de revue gepasseerd, inclusief enige belangwekkende roddels. En toen kwam het gesprek op huizen. Het onderwerp doet mijn tenen al krullen van op kilometers afstand, al was het maar vanwege van de hardnekkigheid waarmee vriend en vijand mij tegenwoordig trachten te overreden tot het nemen van een hypotheek. "Kopen of huren ?" vraagt zo'n disgenoot mij dan assertief als ik zeg dat ik mijn appartement beu ben en iets anders zoek. "Liever huren", probeer ik tegen beter weten in. Zeer voorspelbaar krullen de mondhoeken van mijn gesprekspartner misprijzend omlaag. "Je moet kópen", wordt mij vervolgens aangeraden. "Dat huren is maar weggesmeten geld."Alsof ik dat zelf ook niet bedacht zou kunnen hebben. Maar die prijzen, meneertje, die prijzen. Kort geleden bezocht ik nog een nieuwbouwappartementje. In het oordschap Lovendegem, toch wel bekend als de navel van de wereld. We stonden in een soort spelonk die de verkoper bloedserieus "de grootste slaapkamer" noemde. Het tweede slaaphokje had je nodig om de kleerkast in te zetten die er in het eerste niet meer bij kon. Mocht het zo treurig niet zijn, ik zou aan een lachstuip ten prooi zijn gevallen. Ondanks dit soort ongemak kostte het appartementje vijf miljoen oude Belgische franken. Na contante betaling van zo'n half miljoen ongein waar alleen notaris en staat rijker van worden, komt dat neer op een afbetaling van 35.000 frank per maand. Ik zie me zo al twintig jaar kreunen om een oppervlakte te verwerven van enige zakdoeken groot. "O nice," denk ik dan, "laat maar zitten." Ik heb niet zo'n baksteen in mijn maag, vind het leven te vluchtig om het krampachtig te proberen vast te cementeren. "Wij zijn ook al een hele tijd op zoek naar iets om te kopen", zuchtte Sofie. "Maar het is onbetaalbaar geworden. Als je ouders niet bijspringen tenminste. Want dat hoor ik altijd van mensen die wél jong hebben gekocht : dat vader of moeder hen een paar miljoen heeft toegestoken als voorschot op de erfenis." Vreemd genoeg vond ik die woorden wel troostend. Geneigd als ik ben om de aansprakelijkheid voor rampen en tegenspoed op mij te nemen, ga ik er al snel van uit dat de schuld wel voor een stuk bij mezelf zal liggen. Moest je maar wat harder gewerkt hebben, fluistert een venijnig stemmetje dan in mijn hoofd, en minder geld uitgegeven hebben aan boeken en cd's. Maar twijfel ik nog aan mezelf, dan weet ik van Sofie en Tom wel zeker dat het verstandige mensen zijn. Ze maken het in hun vak omdat ze getalenteerd zijn en verbeten werken. Zo verbeten zelfs dat Tom, hoewel hij amper dertig is, al een paar keer met hartklachten in de spoedopname sukkelde. Stress, luidde daar het verdict. Als zij al geen huis kunnen kopen, bedacht ik, dan is het met de kansen van de jonge generatie in het algemeen be-droevend gesteld. Tenminste : van de jonge generatie die het puur van haar arbeid moet hebben. Als werkende mens kun je je moeiteloos het nieuwste mobieltje permitteren, airco in je wagen of exotische reizen. Maar een fatsoenlijke eigen woning wordt, zeker voor singles, almaar moeilijker bereikbaar. Het ironische is dat die "kansarmoede" ook nog eens fiscaal wordt bestraft. Wie een huis koopt, krijgt een deel van de afbetaling van de belastingen terug. Wie geen geld heeft om te kopen, mag geen cent van zijn huur aftrekken. Slimme jongen die mij daar de logica van uitlegt. Je kunt je natuurlijk altijd, zonder steun van je ouders, te pletter werken voor je droomhuis. Zoals Thomas en Anja, twee andere vrienden van mij, die met hun twee kinderen een bouwvallige boerderij betrekken. Ze kochten die vijf jaar geleden en zijn ze sindsdien in het zweet huns aanschijns aan het verbouwen. Alleen voor de echt grote werken worden vaklui ingehuurd. De rest doen ze zelf, weekend na weekend, terwijl ze tijdens de week om kwart voor zes hun bed uit moeten om de kinderen naar de opvang te brengen en vervolgens naar hun veeleisende werk te sporen. Ze zijn al jaren uitgekeken op hun job, maar zouden het een ramp vinden mocht een van beiden die verliezen. In het weekend wordt er al jarenlang gekapt en gebroken, geschuurd en gesloopt. Beide echtelieden snauwen elkaar als volleerde ploegbazen af en je ziet zo waar het heengaat : straks staat dat huis daar strak en glanzend op het puin van hun huwelijk. Eén op de drie Belgen kan de slaap niet meer vatten, las ik onlangs in de krant. Eén Belg op acht wordt behandeld voor een angststoornis, en we voeren de Europese zelfmoordlijst aan. Als ik Thomas en Anja bezig zie, begrijp ik die onthutsende cijfers meteen een stuk beter. Soms ben ik blij dat ik geen baksteen in mijn maag heb. Jean-Paul Mulders