Mijn stapmaatje, een geweldige gastheer die met liefde smakelijke diners bereidde en de avond animeerde, mijn persoonlijke traiteur bij ziekte en 112 bij amoureuze rampen: vijftien jaar geleden waren er voor mij geen twee zoals B. Destijds was ik er zeker van: onze vriends...

Mijn stapmaatje, een geweldige gastheer die met liefde smakelijke diners bereidde en de avond animeerde, mijn persoonlijke traiteur bij ziekte en 112 bij amoureuze rampen: vijftien jaar geleden waren er voor mij geen twee zoals B. Destijds was ik er zeker van: onze vriendschap was voor eeuwig. Toen de band na de dood van B.'s moeder toch verwelkte en ik daar mijn spijt over uitsprak, volgde een confronterend gesprek. Waar was ik geweest in zijn rouwperiode? Waar waren zijn soep en attente kaartjes in de maanden na het overlijden? Ik begreep er weinig van. Had ik dan niet gezegd dat hij me op eender welk uur kon bellen? Had ik niet herhaaldelijk onze gebruikelijke uitjes naar de film en het vertrouwde terras voorgesteld? Achteraf besefte ik dat ik het immense gewicht van zijn verdriet niet correct aanvoelde. Moeder en zoon waren al langer uit elkaar gegroeid, alleen: mijn indruk van hun band of zijn verlies deed er niet toe. Als je rouwt, wil je geen opinies, maar erkenning. Wie veraf staat van de dood weet weinig af van de emoties die het verlies van een dierbare losmaakt, zegt rouwbegeleider Hanneke van de Plassche (p. 20). Maar wat de tips van experten ook leren is dat kennis over rouwen helpt. Dat je je kunt voorbereiden op de steun die anderen op een dag nodig zullen hebben. Had ik dat destijds geweten, ik had er onze vriendschap mee gered.