De man die ons op het erf van het kasteel van Jannée verwelkomt, oogt als een boer in volle arbeid. Charles de Woot de Jannée noemt zichzelf afwisselend een klusjesman en een soort conciërge. Hij levert strijd met het verval in het kasteel dat de naam van zijn familie draagt, en niet zonder succes. Dit kasteel werd gedurende de 17de en de 19de eeuw herbouwd rond de ruïnes van een slottoren uit de 12de eeuw. Het bezit een fraaie binnenkoer die aan drie zijden omsloten wordt door het kasteel en de stallingen van weleer. Daarrond l...

De man die ons op het erf van het kasteel van Jannée verwelkomt, oogt als een boer in volle arbeid. Charles de Woot de Jannée noemt zichzelf afwisselend een klusjesman en een soort conciërge. Hij levert strijd met het verval in het kasteel dat de naam van zijn familie draagt, en niet zonder succes. Dit kasteel werd gedurende de 17de en de 19de eeuw herbouwd rond de ruïnes van een slottoren uit de 12de eeuw. Het bezit een fraaie binnenkoer die aan drie zijden omsloten wordt door het kasteel en de stallingen van weleer. Daarrond ligt een immens park, vlak achter het kasteel een vijver met tientallen eenden. Maar op de achtergrond zoeft het verkeer op de N4 voorbij. "Ik heb twee soorten gasten", zegt de gastheer. "Gefrustreerden en des émerveillés." De eerste groep dacht in een echt hotel te overnachten met alle snufjes en diensten die daarbij horen. En dat zijn we dus niet. De tweede groep verwachtte zich aan een bescheiden bed and breakfast, en dat zijn we evenmin." We lopen samen door het park dat vijftien hectare beslaat en waar damherten, ganzen, pauwen en moeflons in vrijheid rondlopen. In de stallingen kijken we naar een interessante koetsencollectie met daartussen een driewieler voor drie personen: huisvlijt van de lokale smid op het einde van de vorige eeuw. Op de muur werd door Sophie De Bois, een nichtje van de kasteelheer, een groot schilderij aangebracht waarop zelfs de kasteelheer als koetsier staat afgebeeld. De studenten die een handje helpen bij het opknappen van de gebouwen stellen tientallen technische vragen. In het kasteel logeren de gasten op twee verdiepingen. Op de eerste bevinden zich de suites Cérises en Canards, een etage hoger liggen nog drie kamers die wat bescheidener uitvallen. De suites zijn buitengewoon ruim, met oud meubilair en niet zonder charme. De badkamers vallen zeer groot uit. "Haardrogers en televisietoestellen vinden onze gasten hier niet," merkt Charles de Woot op, "wel open haarden en een stemmig decor. Het probleem is dat buitenstaanders het kasteelleven altijd een beetje te paradijselijk zien. In het begin van de 20ste eeuw werkten er 22 mensen op dit domein, dat een gesloten economische entiteit vormde. Maar die tijd is nu eenmaal voorbij. Wat er rest, is dit." De ontbijtzaal ligt in een bijgebouw en lijkt wat op een winkel waar lokale producten worden aangeprezen, en dat is jammer. Maar de oude keuken is een juweeltje, volgestouwd met potten, pannen, taartvormen, een tableau d'appel en een fornuis waaraan zich destijds zes man vertild hebben. Château de Jannée, Rue de Jannée 1, 5590 Pessoux-Ciney, Tel. 083-68 82 07, ligt langs de N4 tussen Namen en Marche, op 5 kilometer van Ciney. Voor een tweepersoonskamer betaalt u 2500 fr., voor een suite 4500 fr., ontbijten inbegrepen.PIERRE DARGE / FOTO'S JAN VERLINDE