Ik reis veel, ruim de helft van het jaar. Maar ik kom ook graag thuis, vooral hier in dit oude pand dat me zoveel geborgenheid biedt. Zo'n plek is de sleutel tot een gelukkig leven", stelt Boris Vervoordt. Hij vertelt het terwijl hij alweer aan het inpakken is voor een zakenreis naar Italië. Boris leidt de galerie van het Kanaal, de oude mouterij in Wijnegem waar de familie Vervoordt haar collecties exposeert, maar ook hedendaagse kunst brengt, een museum uit- bouwt en artisanale ateliers heeft.
...

Ik reis veel, ruim de helft van het jaar. Maar ik kom ook graag thuis, vooral hier in dit oude pand dat me zoveel geborgenheid biedt. Zo'n plek is de sleutel tot een gelukkig leven", stelt Boris Vervoordt. Hij vertelt het terwijl hij alweer aan het inpakken is voor een zakenreis naar Italië. Boris leidt de galerie van het Kanaal, de oude mouterij in Wijnegem waar de familie Vervoordt haar collecties exposeert, maar ook hedendaagse kunst brengt, een museum uit- bouwt en artisanale ateliers heeft. Hij was ook betrokken bij de tentoonstellingen die het huis Vervoordt organiseerde in Venetië, in het prachtige Palazzo Fortuny dat ongeveer net zo oud is als het oude pakhuis dat hij bewoont. Dit verklaart meteen zijn fascinatie voor oude gebouwen met hoge plafonds, veel balken en perfecte proporties. Zijn voorliefde heeft ook alles met deze plek te maken, want hij groeide op rond de Vlaaikensgang waar zijn vader Axel Vervoordt eind jaren zestig een antiekzaak begon. Hij redde de oude brandsteeg aan de voet van de kathedraal van de sloop en restaureerde de zestiende-eeuwse panden met gevoel voor de eeuwenoude patina. Boris woont achterin het straatje in een vrij groot gebouw. "De basisstructuur en de volledige benedenverdieping dateren uit 1557, de hoogtij van Antwerpen. Maar later kreeg het bouwwerk een andere bestemming, het werd een pakhuis met koffiebranderij. Daarvoor werden ook de schouwen aangepast, wat meteen verklaart waarom de haarden zo groot zijn. Toen wij hier kwamen, hing de koffiegeur nog in het gebouw." Boris' appartement telt verscheidene verdiepingen. Centraal vind je twee grote woonruimten, de rode eet- en de witte zitkamer. "Ze werden een beetje als lofts opgevat, want een deel van het plafond werd weggehaald waardoor de ruimte extra werd verhoogd en de lichtinval nog mooier werd", aldus Boris. Het zijn lofts avant la lettre, want toen de vloeren destijds werden opengebroken was er van lofts met grote open leefruimten amper sprake. De open haarden zijn het kloppende hart van elke ruimte. In de rode eetkamer staat een bijzondere schoorsteenmantel van zwarte Belgische marmer, vervaardigd in de zeventiende eeuw naar een ontwerp van niemand minder dan de beroemde barokschilder Jacob Jordaens. Deze schouw komt trouwens uit het Jordaenshuis. De rood gekalkte wanden schenken deze ruimte een beetje de grandeur van de Antwerpse architectuur van weleer. In dergelijke gebouwen werden wanden niet zelden in baksteenrood geverfd. Ook de combinatie van de oude balken en vloeren met hier en daar een antiek meubel en een stuk vintage design werkt verfrissend. Het geeft dit interieur meteen een hedendaagse toets. Onder het dak zit een houten paviljoen voor de slaapruimte. "Dit is een chalet in het midden van de stad", zegt Boris glimlachend, "het hout is heerlijk warm en akoestisch perfect. We hebben wel oude, doorleefde planken gebruikt. Het dakterras werd geconcipieerd door landschapsarchitect Eric Dhondt. De brute materialen en stenen schenken deze hermitage onder het dak het nodige wabi-gehalte. Volgens het Japanse spirituele concept van wabi, zit de schoonheid verborgen in het imperfecte, het brute en natuurlijke. Dat principe vind je hier zelfs terug in de kleinste details. Dit is meteen het geheim van elke Vervoordt-creatie. DOOR PIET SWIMBERGHE & FOTO'S JAN VERLINDE