Hier zie je dus nooit toeristen, denk ik, wanneer ik na een lange fietstocht uitrust op een bankje in De Dageraad, een prachtige woonblok uit het begin van de eeuw, gelegen in Amsterdam-Zuid, een eind buiten het historische hart. Op het moment dat ik dat denk, daagt er van achter een hoekje een eenzame toerist op met fototoestel om zijn nek: een rustige kerel, die zo aandachtig naar de gevels kijkt, dat hij bijna struikelt over de stoeprand. De zeldzame bezoekers op deze plek zijn meestal architecten of bouwhistorici die de Amsterdamse School kennen uit publicaties over architectuur: massatoeristen komen hier niet. Zelfs verrassend veel Amsterdammers hebben nooit De Dageraad of de Spaarndammerbuurt bezocht. Die laatste wijk staat zelfs op geen enkele toeristische kaart. Ik geef toe dat het een inspanning vergt, want deze monumenten liggen rond de oude stad verspreid. De Amsterdamse School ontdekken, vergt ook een intellectuele inspanning: de architectuur is minder toegankelijk dan de glorieuze bouwwerken uit de Gouden Eeuw. De binnenstad oogt bovendien gezelliger dan de uniforme wijken in de rand.
...