Niet alleen de huid, ook onze hoofdhuid schilfert geleidelijk af : niets is natuurlijker. Maar wanneer het proces te snel verloopt, worden schilfertjes gevormd. En dat staat niet echt op een donker pak.
...

Niet alleen de huid, ook onze hoofdhuid schilfert geleidelijk af : niets is natuurlijker. Maar wanneer het proces te snel verloopt, worden schilfertjes gevormd. En dat staat niet echt op een donker pak.Linda Raats / Illustratie : Sandra Schrevens Reeds aan het einde van vorige eeuw erkenden de wetenschappers het causale verband tussen hoofdroos en de aanwezigheid van gisten. Met deze informatie werd echter weinig gedaan. In het begin van de jaren '80 testte het farmaceutisch bedrijf Janssen een geneesmiddel voor de behandeling van huidletsels veroorzaakt door gisten. Daarbij bleken de testpersonen niet alleen hun huidletsels maar ook hun schilfertjes kwijt te raken. Sindsdien weet men dat roos veroorzaakt wordt door een goedaardig gist : pityrosporum ovale (P. ovale). Onder hoofdroos verstaan we de witte schilfers die afkomstig zijn van een afschilfering van de hoofdhuid. Hoofdroos gaat vaak gepaard met jeuk. Het micro-organisme aan de basis van de roos en de bijhorende jeuk, P. ovale, is op ieders hoofd aanwezig, maar sommige omstandigheden zorgen ervoor dat de gist zich sterker ontwikkelt. Roos is niet alleen sociaal gezien vervelend. De overwoekering van de haarzakjes door de gisten kan leiden tot infecties, die op hun beurt en vooral bij mannen kunnen leiden tot een predispositie voor haaruitval. Dr. Piet De Doncker is clinical research manager bij Janssen. Hij lag mee aan de basis van de ontwikkeling van Nizoral, een behandelende shampoo tegen roos. ?Ongeveer 20 procent van de mensen heeft last van roos. Bij 5 procent daarvan komt het tot een uitgesproken vorm met veel schilfertjes en erge jeuk?, aldus Piet De Doncker. ?Hoofdroos is een universeel probleem zonder onderscheid van geslacht, ras, huidtype. Dat er bij sommige mensen meer gisten op de hoofdhuid zitten, heeft uiteenlopende redenen.? De Doncker somt verschillende factoren op die vermoedelijk een rol spelen : overgevoeligheid is er een van, maar ook mannelijke hormonen, klimaat (relatieve vochtigheid, zonlicht), het gebruik van alcohol, stress, erfelijke voorbeschiktheid, de samenstelling van de talg van de hoofdhuid, zweten, hoofddeksels, aandoeningen van het zenuwstelsel (Parkinson) of het immuniteitssysteem (aids). Er zijn verschillende antiroosshampoos op de markt verkrijgbaar. Rene Furterer brengt een shampoo op basis van theeboomolie, de shampoos van Dercos bevatten proctone-olamine en ook Head & Shoulders met zinkpyrithion is vrij populair. De Nizoral shampoo van Janssen werd vorige herfst op het 5de Europees Congres voor Dermatologen in Lissabon voorgesteld. ?Roos wordt vaak behandeld met seleniumsulfide of zinkpyrithion,? zegt Piet De Doncker. ?In shampoos verwerkt, gaan deze stoffen wel een abnormale overwoekering van de hoofdhuid met P. ovale tegen, maar ze slagen er niet in een overkolonisatie door deze gist uit te schakelen. In een beginstadium ziet men vaak goede resultaten, maar op termijn is deze manier van behandelen minder succesvol. Omdat de schedelhuid voortdurend door P. ovale wordt gekoloniseerd, kan roos nooit volledig en voor altijd verdwijnen.? Daarom heeft Janssen ketoconazole, een stof waarvan men ontdekte dat gist er erg gevoelig voor is, in de antiroosshampoo verwerkt. Een shampoo tegen roos moet volgens De Doncker vier eigenschappen hebben : de shampoo moet de gist uitroeien, de sebumproductie mag niet worden beïnvloed, er mag geen heropflakkering volgen en de shampoo mag geen cortisoneachtige werking hebben. Piet De Doncker : ?Een eenmalige behandeling met Nizoral levert geen resultaten op. Je moet de shampoo twee weken lang, twee keer per week gebruiken. Daarna één keer om de twee weken om ervoor te zorgen dat het evenwicht in het sebumlaagje van de schedelhuid bewaard blijft en overgroeien met gisten onmogelijk wordt.? Piet De Doncker omschrijft de neveneffecten als niet noemenswaardig, soms wordt het haar wat droger. In 10 procent van de gevallen treedt met Nizoral geen verbetering op. ?Over het waarom zijn we het nog niet eens, misschien ligt in deze gevallen geen gist aan de basis van het probleem.? Maar de andere resultaten zijn hoopgevend. ?Nizoral pakt de onderliggende oorzaak van de roos aan. Echter, zodra de behandeling wordt gestopt, begint het schilferen opnieuw omdat de gist zich dan ongehinderd verder kan vermenigvuldigen. Maar met een onderhoudswasbeurt één keer om de twee weken, blijft 82 procent van de mensen tot 6 maanden na de behandeling vrij van roos.?