Op de parking staat een grote auto, zo'n écht grote met een open dak en een dubbele uitlaat en zelfs vier banden van rubber waarop de carrosserie klaarstaat om weg te scheuren, gedrongen als een pitbull die op het punt staat aan te vallen.

Wie het baasje van de pitbull is, zie je in een oogopslag als je het restaurant binnenkomt. Baasje is de man in de hoek, die een beetje op een gorilla lijkt, maar perfect in het pak is gehesen. Hij heeft een stevige kaaklijn, zoals de Action Man-popjes waarmee ik als kind speelde en die geheel waren opgetrokken uit tes- tosteron. Ze jongleerden met dynamiet en machinegeweren. Ze hadden littekens en een torso die in menig spelend jongetje de herenliefde moet hebben laten ontluiken.

De herenliefde is de man in de hoek in elk geval niet genegen, dat zie je zo. Hij zit aan tafel met een jongere vrouw. Ze draagt een groen leren jasje, zo modern dat het in een sciencefictionreeks zou kunnen dienen. Af en toe grijpt ze de handen van de chique gorilla, als een drenkelinge haar boei. Veel gelegenheid krijgt ze daar niet toe, want hij wordt voortdurend opgebeld. Hij leunt dan achterover en regelt zakelijke kwesties, in het rond kijkend met een blik van : doe mij eens wat !

Een van de telefoontjes is anders van toon. De gorilla mompelt in zijn babbelijzer met een stem die naar pantoffels ruikt. Naar het huiselijke leven. Naar een vrouw voor wie hij bang is, al was het maar omdat ze met gemeenschap van goederen zijn getrouwd. De vrouw in het leren jasje doet alsof dit haar niet raakt. Ze probeert de drankkaart uit het hoofd te leren en bestudeert haar gemanicuurde nagels. Dan tuit ze haar lippen en kijkt in het rond. Haar blik blijft even aan mij haken, maar niet lang, o niet lang. Ik ben geen partij voor haar, met mijn afgeleefde fleece en de vermoeienis rond mijn ogen van een lange dag werken in de koekjesfabriek.

De situatie is duidelijk, om niet te zeggen cliché. Zij is de minnares natuurlijk, het niet meer al te jonge popje dat zich elke avond met dure crèmes eeltige vingertoppen wrijft om in de stralenkrans van haar geliefde te mogen verkeren, zolang ze braaf is en het thuisfront tolereert. Wat drijft vrouwen ertoe, vraag ik mij wel eens af, om in deze vrijgevochten jaren niet voor een frisse blije vent te kiezen, maar vast te blijven haken aan maîtressetoestanden uit de tijd van Guy de Maupassant ? Wellicht spelen hier instincten met baarden van miljoenen jaren. Geld en macht erotiseren. De vertrouwde statussymbolen blijven magnetisch. " Tina, he has all the toys", kakelde lady Di tegen een vriendin over Dodi Al-Fayed. Met alle speeltjes bedoelde ze duidelijk geen prullen uit de seksshop, maar bijvoorbeeld een jacht, een privéjet en een eigen winkelparadijs. Het bevestigt mijn mening over deze koninklijke snol, die zo volwassen was als een verwende dochter van zeven jaar. Voorts vond ik ze niet eens zo knap. Daarvoor leek ze te veel op Yves Verstuyft, een panlat van een jongen met wie ik de schoolbanken deelde en die verder volstrekt in de sneeuw van weleer is verdwenen.

Het overspelige koppel is inmiddels uitgetafeld. Er hangt onweer in de lucht. Het wordt zo drukkend in het restaurant dat mijn tafelgenote en ik verkiezen geen koffie te nemen en ook geen dame blanche. Op de parking staan de twee, innig verstrengeld. Na een laatste zoen kruipen ze achter het stuur. Hij in zijn pitbullbak, zij in een lichtblauwe mini. Ze verlaten het parkeerterrein en rijden de rotonde op. Zij vlak achter hem aan, haar kleine autootje achter zijn vestzakslagschip op sleeptouw genomen. Ze lijkt wel een rollend speelgoedje zo, dat aan een koord door hem wordt voortgetrokken en dankzij een vernuftig mechanisme tegelijk op en neer danst. Het is maar een klein beetje triest.

"Waar zouden zij naartoe gaan ?" vraagt mijn tafelgenote.

"Hij vast naar zijn vrouw", zeg ik weinig avontuurlijk, zijn gesprek met het thuisfront indachtig.

"Volgens mij hebben ze eerst nog stomende seks", doet ze koppig.

"Zal ik ze eens volgen ?" opper ik. Ik duw het gaspedaal dieper in, maar kies dan resoluut voor een andere richting. Net zoals zij proberen wij heftig fatsoenlijk te blijven, zoals de schijnvrome wereld van ons verwacht.

Reacties : jp.mulders@skynet.be

Jean-Paul Mulders