Op monumentale doeken schildert Albert Mastenbroek (50) zonnebloemen, papegaaien en teddyberen. Wat in het vlak gebracht wordt, moet krachtig en simpel zijn.
...

Op monumentale doeken schildert Albert Mastenbroek (50) zonnebloemen, papegaaien en teddyberen. Wat in het vlak gebracht wordt, moet krachtig en simpel zijn. PIET DE MOORIk ben eigenlijk altijd straatarm geweest. Nu gaat het iets beter. Maar dat gaat zo, als je voor iets kiest. Ik heb gekozen voor het schilderen omdat ik niets anders kan. Ik ben er dag in, dag uit mee bezig. Ook op zaterdag en zondag, tot een uur of zes. Dan ben ik wel uitgepist en kijk ik wat naar de televisie. Wat zou ik anders moeten doen ? Nu ja, soms heb ik wel het gevoel dat ik knettergek word tussen mijn muren. Maar als je er niet voortdurend mee bezig bent, red je het niet. Ik ben nu 50. Aan cafés heb ik geen behoefte meer, ik ken het verhaal intussen al. Ik ben rustig geworden en heb geduld. Dat klinkt ouderwets, maar schilderen is een oud ambacht. Met een kater kan ik wel een doek opspannen, maar niet schilderen. Gedronken is hier anders wel. Ik heb voor een schilderij eens een partij van 400 flessen wijn gekregen. Na een maand of drie waren ze allemaal soldaat. In principe kan ik alles schilderen, dat is zo als je 30 jaar in het vak zit. Ik schilder al een jaar of tien zonnebloemen, teddyberen en papegaaien, maar ik zou net zo goed andere zaken kunnen schilderen. Het belangrijkste aan een schilderij is dat de dingen die je schildert goed in het vlak zitten en dat er niet te veel of te weinig op de compositie staat. Soms lukt het me niet, en dan haal ik er de witkwast over, ook al is het bijna af. Dat valt niet mee als je aan een doek bijna een maand gewerkt hebt. Ik schilder graag iets krachtigs en simpels. Een papegaai is voor mij ook een zwarte en een blauwe vlek op een grijze achtergrond. Ik doe dat graag. Je kan me net zo goed een abstract als een figuratief schilder noemen. Maar met die vragen ben ik niet bezig. Dat is iets voor de critici. De teddyberen en de zonnebloemen kan je ook bekijken als driehoeken die in een vierkant vlak zijn aangebracht. Je moet er verder niets achter zoeken, want ik heb niets met bloemen of beren. Alles is schilderbaar, als het maar sterk is. Ik ben een nieuwe uitdaging aangegaan. Ik probeer de zee te schilderen. Dat is vreselijk moeilijk. Want wat is de zee ? Lucht en water en eventueel een streep ertussen. Ik ben er al een tijd mee bezig, maar tot nog toe is er maar één schilderij waarop het me een beetje gelukt is. Misschien wordt het wel niets. De zee fascineert me. Het zal er wel diep inzitten. Ik woon nu in Gent, maar ik ben in Vlissingen aan de dijk opgegroeid en heb zelf gevaren. Ik breng laag na laag op, van licht naar donker en dan weer van donker naar licht. Door die techniek beginnen de kleuren te vibreren en te gloeien. Want kleur en licht moeten eruit komen, ze mogen er niet op liggen. Je hebt wel 30 soorten doek, maar ik schilder alleen op dubbeldraads Vlaams linnen, want dat is het beste materiaal. Soms maak ik voor de onderschilderingen zelf mijn verf, maar voor de eindlagen gebruik ik het beste wat er op de markt is. Dat is peperduur. Voor 20.000 frank heb je maar een piepklein zakje verf. Voor ik eraan begin, weet ik doorgaans wat ik ga schilderen. Gewoonlijk ben ik met drie doeken tegelijk bezig. Terwijl het ene droogt, werk ik voort aan het andere. Zelf vind ik mijn schilderijen nogal streng en sober, maar ik ben dan ook een Hollander. Soms komt er wel eens iemand over de drempel om een doek te kopen. Het gebeurt ook dat ik hier zes maanden niemand zie. Ik werk niet op bestelling, want schilderen moet uit jezelf komen. Meestal weet ik niet wie mijn schilderijen koopt. Als er een tentoonstelling is, bemoei ik me nooit met de selectie die de galeriehouder maakt. Ik heb ook nauwelijks omgang met andere schilders. Ik wil niet voortdurend door de doeken aangekeken worden, daarom stapel ik ze zo op dat ik op de achterkant kijk. Ik zou anders knettergek worden. Het is de enige manier om er afstand van te nemen. Mijn schilderijen zijn monumentaal. Als er foto's van genomen worden, ga ik er meestal bijstaan. Niet omdat ik mijn gezicht er met alle geweld op wil hebben, maar wel omdat de mensen dan een idee krijgen van de omvang van mijn doeken. Albert Mastenbroek stelt nog tentoon tot 20 april in Arte Domus in Kortrijk, van 12 april tot 31 mei in Deco Art in Brugge, en tussendoor, van 23 tot 31 maart, in Woontrend '96 op Flanders Expo.