De wereld zit me niet echt lekker. Heb ik een Trump-depressie of en een winterdipje? Het voelt eerder als paniek. Ik ben protestmoe, voel me in de pan gehakt, terwijl het allemaal nog moet beginnen. Omdat ik het gevoel heb dat wat ik ook doe, het nooit goed genoeg zal zijn.
...

De wereld zit me niet echt lekker. Heb ik een Trump-depressie of en een winterdipje? Het voelt eerder als paniek. Ik ben protestmoe, voel me in de pan gehakt, terwijl het allemaal nog moet beginnen. Omdat ik het gevoel heb dat wat ik ook doe, het nooit goed genoeg zal zijn. Als ik eerlijk ben, is het niet eens die grote Trump die pijn doet, maar de vele kleine. De afbrekers, de vitters, de zagepieten die je erop wijzen dat wat je ook doet, het nooit ofte nooit genoeg is. Het getwist op Twitter en Facebook is zo deprimerend dat je er soms je hoofd bij wil neerleggen. Een tijd geleden zei zelfs schrijver Joost Vandecasteele ook al zoiets tijdens een uitzending van De Afspraak. Joost is niet bepaald een zoete boodschap verspreidende goeroe à la Ish Ait Hamou, maar hij ervaart de taal op Twitter als onmenselijk en hard. Hij heeft behoefte aan meer positiviteit, zei hij. Zelf zou ik het eerder 'nood aan constructieve en opbouwende energie' noemen, maar dat is een semantische discussie. We bedoelen hetzelfde, denk ik. Positief zijn is niet hetzelfde als kritiekloos de andere kant uitkijken. Natuurlijk is het nodig om kritisch te zijn voor alle vormen van ongelijkheid en hufterigheid. Dat moet je benoemen om te kunnen begrenzen. Maar veel vaker zie je dat onbenulligheden op de spits worden gedreven. Mensen slaan elkaar met schuldgevoelens rond de oren over onschuldige zaken. Waar ze hun eten kopen, bijvoorbeeld, of hun kleren. Of ze een hond hebben, dan wel een auto. Elke stap die je zet wordt gemonitord en veroordeeld door een groep betweters, en dat verstoort de zuurtegraad van onze mentale voedinsgbodem danig. Wie alsmaar te horen of te lezen krijgt dat hij of zij dom is, egoïstisch, fout en wat nog allemaal, verliest de moed. Ooit stelden psychologen vast dat je voor elke negatieve opmerking drie tot zes positieve commentaren nodig hebt om het gemoed weer in de neutrale stand dan wel om mensen gemotiveerd te krijgen. Is de verhouding omgekeerd - drie tot zes keer meer kritiek of sarcastische opmerkingen dan lof of bevestigende woorden - dan duikt het gemoed onder nul en gaan mensen onderpresteren. Men stelde het zowel vast op de werkvloer als in relaties, zowel bij volwassenen als bij kinderen. Kinderen zijn zo mogelijk nog gevoeliger voor negatieve opmerkingen. Ze internaliseren wat je hen wijsmaakt.Dat negativiteit langer blijft plakken, heeft een neurologische verklaring. Onze hersenen behandelen positieve en negatieve ervaringen in andere delen, zo blijkt. Omdat je over de negatieve informatie meestal langer nadenkt, laat het grondiger sporen na dan positieve informatie. Of je nu geld verloren hebt, of iemand staat letterlijk of figuurlijk in je voortuin te plassen: het blijft hangen. Slecht is sterker dan goed, letterlijk. Ook opmerkelijk: blijkbaar denkt men dat mensen die negatieve informatie verspreiden slimmer zijn dan wie op het positieve hamert. Chicaneren mensen op sociale media omdat ze dan slimmer lijken? Het goede nieuws is dat we al een voldaan gevoel kunnen krijgen als we de kleinste vooruitgang boeken: een project dat goed loopt, een meeting die vlot ging, een fijn telefoongesprek, een gedachte waar je blij van wordt. Het slechte nieuws is dat tegenstand en negativiteit van anderen ons meteen met een gevoel van blokkade opzadelen. En omdat we niet meer dan één negatieve opmerking per keer kunnen verwerken, stort onze gemoedstoestand de dieperik in als we teveel kritiek uit verschillende richtingen moeten verwerken. Er is overigens nog iets dat velen lijken te vergeten in hun drang om overal ongevraagd hun ongezouten mening of meestal vernietigende opinies rond te strooien. Morgen kan het gedaan zijn. Met jou, met je geliefden, met je job en je zekerheden. Niets is verworven. Is een spoor van ongelukkige sentimenten achterlaten echt wat je wil? In plaats van mensen het gevoel te geven dat ze achterlijk zijn, of schuldig aan wat er fout loopt in de wereld - kortom niet goed bezig zijn - zou je bijvoorbeeld kunnen benadrukken hoeveel eerlijke mensen er zijn die ontzettend hard hun best doen. Misschien beantwoorden ze niet aan het ideaalbeeld van de strenge goegemeente omdat ze niet vegetarisch zijn of hun kleren in een winkelketen kopen, maar toch doen ze hun verdomde best. In die mate zelfs dat velen op de rand van een burn-out balanceren.En ook als je per sé kritiek wil geven - soms is het wel nodig - doe dat dan niet ad hominem of op een vernederende manier. Geef mensen de ruimte om die informatie te verwerken. Kader in dat hele proces niet alleen jezelf maar ook de ander in een constructief verhaal. Trek grenzen als dat moet - dat blijft helaas nodig - maar vergeet in andere gevallen niet te benadrukken dat er ook goede dingen zijn. Minstens zes antidota heb je nodig om de persoon die je zonet de grond inboorde voor iets onnozelfs als levensstijl weer in evenwicht te krijgen. Kun je dat niet? Vraag je dan af of het wel de moeite is om je kritiek te uiten. Je doet namelijk meer kwaad dan goed.En dan durf ik te denken: as above, so below. Door ook constructief met elkaar te communiceren in plaats van alleen maar te zeuren en te bekvechten wordt de wereld misschien weer wat minder donker.Cathérine Ongenae