We leven in een land met ongekende luxe. Als je een dikke honderd jaar geleden zou beschreven hebben welke weelde er in 2020 zou zijn, dan hadden ze je vierkant uitgelachen of zelfs uitgescholden voor idealistische idioot. En hoewel de levensstandaard er flink op vooruit is gegaan, is dat nu eigenlijk niet anders. Zeg vandaag dat België quasi een paradijs is, en heel wat landgenoten bekijken je net zo scheef als die mensen van honderd jaar geleden.

En toch: de overgrote meerderheid van wat je vandaag tegenkomt, is een teken van geluk of rijkdom. Het gaat hier best goed in België. Toch lijken heel wat mensen blind voor al dat positieve en geven ze de voorkeur aan sakkeren over de mankementen.

Dat we ons in een van de meest welvarende periodes ooit bevinden, weerhoudt ons er niet van het negatieve te verheerlijken. Van de rij bij de bakker tot gesprekken op het werk, we klagen dat het een lieve lust is. We wedijveren om wie het lastigste leven heeft, om daarna toch te besluiten dat je ook die tegenslag weer te boven gekomen bent. We zijn wannabe helden die elkaar willen overtroeven in het martelaarschap.

We zijn welvarender dan ooit, maar verheerlijken het negatieve

Op die manier maken mensen een negatieve situatie niet éénmaal mee, maar oneindig veel keer. Zo zag ik onlangs een ruzie die op zich niet mooi was. Twee weken later werd de kwestie door de ruziënde partijen nog steeds regelmatig herbeleefd, doordat ze het voorval telkens opnieuw in geuren en kleuren vertelden aan andere mensen. Telkens opnieuw gingen ze door dezelfde ongelukkige emoties, die ze nu bovendien hadden overgedragen op mensen die niets met het conflict te maken hadden.

Uiteraard leven we ook niet in roze eenhoornland met duizend regenbogen en het is helemaal niet nodig om al het negatieve te bannen, integendeel. Een negatieve gebeurtenis biedt immers een fantastisch contrast om te zien in welke positieve richting we liever wel willen gaan. Maar daar loopt het vaak mis. We vergeten soms dat er na regen altijd weer zonneschijn komt. Soms vergeten we zelfs dat een probleem in veel gevallen niet eens een probleem is. Er is blijkbaar iets misgelopen in onze cultuur waardoor we maar problemen blijven rondstrooien, zonder dat we zelfs maar proberen een mogelijke oplossing te bieden.

Een rallypiloot zei me ooit dat de beste manier om niet te pletter te vliegen tegen een betonnen wand bestond uit wegkijken van die wand en je te richten op de weg die je wel wil uitgaan. In het gewone leven vliegen we constant te pletter tegen die muur en maken we er zelfs reclame voor, door hem later op de weg nog eens op te bouwen.

Is het je al eens opgevallen hoeveel eetzaakjes waar je nooit eerder op hebt gelet er plots opduiken als je enorme honger hebt? Wat als we nu eens hetzelfde doen met ons gemoed en een honger hebben naar dingen die ons gelukkig maken? Zou er dan niet plots ook zoveel meer vrolijkheid opduiken?

Louis De Jaeger heeft als missie om België te verduurzamen in alle aspecten. Hij doet dit met het Food Forest Institute VZW, zijn tuin- en landschapsarchitectenbureau Commensalist, met de #ByeByeGrass campagne, de #LaatZeLiggen campagne en door het sensibiliseren met het schrijven van artikels en een boek over de toekomst van de landbouw.

We leven in een land met ongekende luxe. Als je een dikke honderd jaar geleden zou beschreven hebben welke weelde er in 2020 zou zijn, dan hadden ze je vierkant uitgelachen of zelfs uitgescholden voor idealistische idioot. En hoewel de levensstandaard er flink op vooruit is gegaan, is dat nu eigenlijk niet anders. Zeg vandaag dat België quasi een paradijs is, en heel wat landgenoten bekijken je net zo scheef als die mensen van honderd jaar geleden.En toch: de overgrote meerderheid van wat je vandaag tegenkomt, is een teken van geluk of rijkdom. Het gaat hier best goed in België. Toch lijken heel wat mensen blind voor al dat positieve en geven ze de voorkeur aan sakkeren over de mankementen. Dat we ons in een van de meest welvarende periodes ooit bevinden, weerhoudt ons er niet van het negatieve te verheerlijken. Van de rij bij de bakker tot gesprekken op het werk, we klagen dat het een lieve lust is. We wedijveren om wie het lastigste leven heeft, om daarna toch te besluiten dat je ook die tegenslag weer te boven gekomen bent. We zijn wannabe helden die elkaar willen overtroeven in het martelaarschap. Op die manier maken mensen een negatieve situatie niet éénmaal mee, maar oneindig veel keer. Zo zag ik onlangs een ruzie die op zich niet mooi was. Twee weken later werd de kwestie door de ruziënde partijen nog steeds regelmatig herbeleefd, doordat ze het voorval telkens opnieuw in geuren en kleuren vertelden aan andere mensen. Telkens opnieuw gingen ze door dezelfde ongelukkige emoties, die ze nu bovendien hadden overgedragen op mensen die niets met het conflict te maken hadden. Uiteraard leven we ook niet in roze eenhoornland met duizend regenbogen en het is helemaal niet nodig om al het negatieve te bannen, integendeel. Een negatieve gebeurtenis biedt immers een fantastisch contrast om te zien in welke positieve richting we liever wel willen gaan. Maar daar loopt het vaak mis. We vergeten soms dat er na regen altijd weer zonneschijn komt. Soms vergeten we zelfs dat een probleem in veel gevallen niet eens een probleem is. Er is blijkbaar iets misgelopen in onze cultuur waardoor we maar problemen blijven rondstrooien, zonder dat we zelfs maar proberen een mogelijke oplossing te bieden.Een rallypiloot zei me ooit dat de beste manier om niet te pletter te vliegen tegen een betonnen wand bestond uit wegkijken van die wand en je te richten op de weg die je wel wil uitgaan. In het gewone leven vliegen we constant te pletter tegen die muur en maken we er zelfs reclame voor, door hem later op de weg nog eens op te bouwen.Is het je al eens opgevallen hoeveel eetzaakjes waar je nooit eerder op hebt gelet er plots opduiken als je enorme honger hebt? Wat als we nu eens hetzelfde doen met ons gemoed en een honger hebben naar dingen die ons gelukkig maken? Zou er dan niet plots ook zoveel meer vrolijkheid opduiken?Louis De Jaeger heeft als missie om België te verduurzamen in alle aspecten. Hij doet dit met het Food Forest Institute VZW, zijn tuin- en landschapsarchitectenbureau Commensalist, met de #ByeByeGrass campagne, de #LaatZeLiggen campagne en door het sensibiliseren met het schrijven van artikels en een boek over de toekomst van de landbouw.