'En nu een kwartslag naar rechts.' Het is mei 2002 en de gids in de grot van Font-de-Gaume dirigeert ons als waren we een symfonieorkest. Deze grot in de Périgord is een van de enige met prehistorische tekeningen die open zijn voor bezoekers. De gids knipt af en toe lichten aan om ons tekeningen te tonen van bizons, paarden en rendieren die op de welvingen van de rotsen geschilderd en gegraveerd zijn. Als het licht na onze kwartdraai aangaat, staan we voor twee rendieren met grote geweien, naar elkaar toe gebogen. Het grote mannetje likt de snuit van het vrouwtje en we slaken collectief een zucht. Teder. Dat is het enige woord om dit te omschrijven. 'De eerste afbeelding ooit van liefde', fluistert de gids. De haartjes in mijn nek gaan overeind staan en ik bedenk dat de mensen die 17.000 jaar geleden deze...

'En nu een kwartslag naar rechts.' Het is mei 2002 en de gids in de grot van Font-de-Gaume dirigeert ons als waren we een symfonieorkest. Deze grot in de Périgord is een van de enige met prehistorische tekeningen die open zijn voor bezoekers. De gids knipt af en toe lichten aan om ons tekeningen te tonen van bizons, paarden en rendieren die op de welvingen van de rotsen geschilderd en gegraveerd zijn. Als het licht na onze kwartdraai aangaat, staan we voor twee rendieren met grote geweien, naar elkaar toe gebogen. Het grote mannetje likt de snuit van het vrouwtje en we slaken collectief een zucht. Teder. Dat is het enige woord om dit te omschrijven. 'De eerste afbeelding ooit van liefde', fluistert de gids. De haartjes in mijn nek gaan overeind staan en ik bedenk dat de mensen die 17.000 jaar geleden deze donkere grot in kropen, met lampen van dierenvet en verf van oker, misschien niet spectaculair veel van ons verschilden. Een vraag die Charles Foster - dierenarts, Oxford-professor en rechtsgeleerde - zich ook stelde. Voor zijn vorige boek Leven als een beest leefde hij een tijdje als een otter, vos, edelhert en gierzwaluw om uit te zoeken wat dieren tot dieren maakt. In Leven als een mens probeert hij uit te vissen wie de mens nu eigenlijk is en of onze voorouders die veertig millennia geleden jagend en verzamelend door Europa trokken veel verschilden van diegenen die het nu in luxejeeps doorkruisen om hun vakantiegeld in zonnige oorden te gaan uitgeven. Dus leefde hij vier seizoenen in Engelse bossen zoals een mens in het laatpaleolithicum van zo'n 40.000 jaar geleden, trok hij naar een neolithische nederzetting om uit te zoeken wanneer mensen dieren en planten gingen domesticeren, en bezocht hij ten slotte universiteiten om te proberen terug naar de verlichting te reizen. Zijn conclusie? 'We zijn lachwekkend slecht aangepast aan ons huidige leven.' Foster is een ronduit vreemde man, die ronduit vreemde dingen doet, en toch blijf ik gefascineerd lezen. Hij filosofeert al experimenterend en reizend over waarom de winter het interessantste seizoen is, over het belang van muziek, dans, religie, wetenschap en hoe slecht rechte lijnen zijn, en over hoe genderongelijkheid, grenzen, hiërarchie, stress en veel vormen van geweld pas zo'n 12.000 jaar geleden ontstonden, toen we ons permanent op één plaats vestigden. Het is Foster snel duidelijk: veel van onze huidige persoonlijke, maatschappelijke en politieke problemen ontstonden toen we het jagen en verzamelen achter ons lieten en 'modern' werden. 'Jager-verzamelaars hadden een nauwe, respectvolle en vaak emotionele band met veel land en veel planten- en diersoorten. Ze leidden lange, relatief ziektevrije levens en er is weinig bewijs voor geweld. (...) ze vonden eigendomsrechten een belachelijk idee want de wereld kon je niet bezitten, (...) ze hadden zeeën van tijd want je kunt niet dag en nacht jagen en verzamelen (...) en produceerden kunst die tot het beste behoort wat mensen ooit gemaakt hebben.' En nee, zo verdedigt hij zich, dat is geen romantisch geneuzel over edele wilden. Sedentarisme was het begin van de ontzieling van de wereld, en de mensheid. De prehistorie is niet voorbij, ze regeert ons nog steeds, maar we hebben onszelf getemd en zijn daar niet beter van geworden. 'We zijn wilde dieren, ingesteld op voortdurend contact met de aarde en met anderen en toch vragen we ons af waarom ons huidige leven, gebouwd op het idee dat we een soort simpele machine zijn, zo suboptimaal voelt.' Foster wilde uitzoeken wat het betekent om mens te zijn, om zo zelf een betere vader, echtgenoot en vriend te zijn. Ik hoop voor hem dat het gelukt is. En ook al kan ik me niet in al zijn ideeën vinden, hij slaagt er wel in om mij te prikkelen en over tijdreizen te doen dromen. Zo'n retourtje 16.752 voor Christus, wat kost dat?