Het is donderdag 17 april, 1958. Nog vlug leggen werkmannen de laatste hand aan het Atomium. Pas rond twee uur
...

Het is donderdag 17 april, 1958. Nog vlug leggen werkmannen de laatste hand aan het Atomium. Pas rond twee uur's nachts is het werk gedaan. De volgende ochtend opent koning Boudewijn Expo 58 met een hoopvolle toespraak over vrede, vrijheid en verbondenheid. De Tweede Wereldoorlog is achter de rug en de toekomst lijkt rooskleurig. In heel België heerst een gevoel van optimisme. Meer dan 41 miljoen bezoekers reizen af naar Brussel om het ongekende spektakel mee te maken. Hostessen glimlachen naar de gasten en kinderen likken aan driekleurige ijsjes. De stemming is euforisch. Zestig jaar later is Expo 58 nog altijd een begrip. Het Atomium, dat in 2006 een renovatie onderging, glimt weer als vanouds. Ingenieur André Waterkeyn ontwierp het monument ooit alleen voor de Expo, maar het gebouw werd zo populair dat het mocht blijven staan. De negen bollen stellen samen één cel zuiver ijzer voor, een symbool voor verbintenis en een vreedzaam gebruik van atoomenergie. Een hot topic, en dat is het vele decennia later nog steeds. Voor Anny, Willy en François roept het de tijd op waarin de wereld plots onbegrensd leek en hun eigen leven extra kleur kreeg. Want zij waren er alle drie bij, in '58. 'In het Japans paviljoen at ik voor het eerst met stokjes. Ik had geen idee dat er zoiets bestond! Expo 58 was mijn kans om de wereld te ontdekken. Nu weet iedereen alles door het internet, maar dat was in die tijd totaal anders. Nu gaan Belgen zelf naar de wereld toe, maar in '58 kwam de wereld naar België. Uit vijfduizend meisjes werd ik gekozen als hostess. Mijn ouders waren scheepsleveranciers, dus ik ben internationaal opgevoed. Voor een hostess was een algemene ontwikkeling heel belangrijk, net als een goede talenkennis. Ik sprak Engels, Frans, Duits en Nederlands. We kregen een opleiding waarin we alles leerden over de expositie. Je moest vooral zorgen dat je niks verkeerd deed, want dan vloog je buiten. Er waren strenge regels: je mocht niet roken, niet dansen, niet flirten, geen alcohol drinken... Jammer, want er is geféést op de Expo, dat hou je niet voor mogelijk. Toch wilde ik niets riskeren. Een aantal hostessen ging eens zonnen met losgeknoopte bloesjes, maar de leiding betrapte hen en ontsloeg hen zonder pardon. Later werd ik chef hostess in en rond de haven van Antwerpen. Ik zorgde ervoor dat de meisjes klaarstonden als er schepen aankwamen. Met de andere hostessen was er een geweldige klik, we bleven elkaar nog jaren zien. Samen bezochten we de wereldtentoonstellingen in Sevilla en Lissabon, maar dat was toch anders. In '58 waren we zo trots, we dachten dat alles beter zou worden. Als ik nu de tv opzet, denk ik: hoe is het mogelijk dat er nog altijd geen vrede op aarde is? Mijn ervaring op Expo 58 heeft mijn hele leven bepaald. Ik werd stewardess en leerde daardoor mijn man kennen. Samen hebben we de hele wereld gezien, van Alaska tot Afrika. Alle rijkdom die ik heb gekregen op cultureel gebied, kwam door Expo 58. ' 'Ik was zes toen ik samen met mijn moeder en grootmoeder Expo 58 bezocht. Wij woonden in Niel, op de buiten, waar veel mensen niet verder waren geweest dan de hoek van de straat. In ons stamcafé stond een spaarpot en als die vol was konden we met de bus naar Brussel. De expositie was voor ons een cultuurshock: wij hadden nog nooit mensen met een andere huidskleur gezien, laat staan computers. Toch verbaasde ik me nog het meest over de kabelbaan op het terrein. Die bakjes, dat waren voor mij als klein jongetje precies vliegende eieren! Pas jaren later ben ik beginnen te verzamelen. Mijn vrouw en ik spaarden eerst postzegels bij de lokale hobbyclub. Als ik een mooie had gevonden, met een kasteel erop bijvoorbeeld, dan gingen we in het weekend op pad om dat kasteel eens te bekijken. Zo herontdekten we de expopaviljoenen. We zijn toen gestopt met postzegels en begonnen aan de huidige verzameling. Elk weekend struinden we rommelmarkten af, soms wel vijf per dag. Dan kwamen we thuis met twee plastic tassen vol spullen. Zo kreeg ik de microbe te pakken. (lacht)Veertig jaar later bestaat mijn verzameling uit zo'n 13.000 stuks. Naar sommige items ben ik wel dertig jaar op zoek geweest. Ik heb heel zeldzame spullen, zoals de typemachine van de secretaresse van decommissaris-generaal en een uniek mokkasetje. Toch heb ik nooit exuberante bedragen betaald, vroeger was alles een pak goedkoper dan nu. In 2008 mocht ik mijn collectie tentoonstellen in het Amerikaans Theater. De lanen rond het Atomium en het theater stonden vol oldtimers, er speelde muziek en het liep vol volk. Het was alsof ik Expo 58 herbeleefde. Ik leef niet in het verleden, maar ben wel nostalgisch over de Expo. Het was een kentering in het leven van de mensen. De computer, de telefoon en de televisie... alles wat we nu normaal vinden, was toen nog in opkomst. Later ben ik eens naar de Expo van Hannover geweest, maar dat was niet te vergelijken met die van '58. Vroeger was alles nog nieuw en spannend.' 'Het commissariaat-generaal van de Expo was op zoek naar redacteurs. Het was maart 1957, ik was 23 jaar en had nog nooit gewerkt. Op mijn eerste dag, een zaterdag, bleek tot mijn schrik dat ik op de technische informatiedienst ging werken. Ik moest offertes controleren en teksten vertalen uit het Frans. Gelukkig had ik de taal als kind geleerd door de boekjes van Tintin van begin tot eind te lezen. Die eerste dag werd ik opgevangen door een droom van een jonge vrouw, de secretaresse van de afdeling. Ze maakte mij wegwijs en ik was verkocht. Anita noemde ik haar, ook al heette ze eigenlijk Anna-Catharina. Ik schreef mijn ervaringen op in een dagboek en daar kwam zij geregeld in voor. In het gebouw waar we werkten was ook de hostessenopleiding. Op een dag had ik het ene na het andere telefoontje gekregen en moest ik dringend naar het toilet. Er waren maar twee wc's beschikbaar, want men was niet voorzien op zoveel jonge vrouwen. Ik rende er op een drafje naartoe, mijn rits was al naar beneden. Op het toilet stond ik oog in oog met drie hostessen. Eentje gilde en in paniek vluchtten de meisjes weg. De rest van de dag zat ik met een rode kop aan het bureau. De hostessen heb ik na de opleiding niet meer gesproken. (lacht)Expo 58 was een venster op de wereld. We waren jong en we droomden van Europa. Ik kon de indrukken die ik er opdeed nauwelijks relativeren. Nu zijn de tijden veranderd. Ik leef voor mijn gevoel in een andere wereld, al voor de derde keer. Eerst in de jaren vijftig enzestig, toen volgden de jaren zeventig en later de digitalisering. Op pensioen heb ik computerles gevolgd en ik schrijf na al die jaren nogaltijd. De eerste expodag werd afgesloten met een overweldigend vuurwerk. Daarna volgde nog veel spektakel. Anita regelde dat ik overal bij kon zijn en we gingen vaak samen op pad. Ik was erg onder de indruk van haar. Die schone jongedame van toen is later mijn vrouw geworden. Exact drie jaar na de opening van Expo 58 zijn we getrouwd. Het was de mooiste tijd van mijn leven.'