Hoon en verontwaardiging. Kon je die emoties elimineren, dan ging Twitter vandaag nog failliet', schreef essayist/columnist Bas Heijne ooit. Denk aan de storm die onmiddellijk in alle hevigheid opstak op de sociale media toen onlangs bekend raakte dat de VRT de samenwerking met tv-maker Bart De Pauw stopzette wegens grensoverschrijdend gedrag. Vooral de vrouwen die hadden getuigd moesten het in de lawine van reacties ontgelden. Preutse lesbo's en aandachtzoekers waren het. Ze moesten dringend een dikker vel kweken. De meerderheid nam het spontaan op voor De Pauw, 'de sympathieke tv-figuur'.
...

Hoon en verontwaardiging. Kon je die emoties elimineren, dan ging Twitter vandaag nog failliet', schreef essayist/columnist Bas Heijne ooit. Denk aan de storm die onmiddellijk in alle hevigheid opstak op de sociale media toen onlangs bekend raakte dat de VRT de samenwerking met tv-maker Bart De Pauw stopzette wegens grensoverschrijdend gedrag. Vooral de vrouwen die hadden getuigd moesten het in de lawine van reacties ontgelden. Preutse lesbo's en aandachtzoekers waren het. Ze moesten dringend een dikker vel kweken. De meerderheid nam het spontaan op voor De Pauw, 'de sympathieke tv-figuur'. Heel anders verging het de Nederlandse turner Yuri van Gelder toen hij vorig jaar op de Olympische Spelen in Rio naar huis werd gestuurd. Hij zou, nadat hij een finaleplaats aan de ringen had afgedwongen, zo stevig zijn gaan stappen in een nachtclub dat hij de dag erna een training miste. De Twitteraars ventileerden massaal hun boosheid over dit gedrag, een topsporter onwaardig. Trouwens, in 2012 had hij al eens een schorsing uitgezeten wegens cocaïnegebruik. Nee, het was nu wel duidelijk: deze jongen deugde niet. Van Gelder zag zich een finale door de neus geboord - de grote droom waar hij keihard naartoe had gewerkt -, maar op enig medeleven hoefde hij niet te rekenen. Niemand wachtte zijn verdediging af. We staan op de sociale media altijd klaar om oordelen te vellen. Luttele seconden hebben we nodig om onze mening te vormen over iets of iemand. Het is dezelfde reflex als wanneer we iemand voor het eerst zien: in dertig seconden taxeren we iemands uiterlijk en lichaamstaal en bepalen we of we de persoon in kwestie mogen of niet. Die eerste indruk blijkt niet zelden onbetrouwbaar, net zoals zo'n snel oordeel doorgaans kort door de bocht gaat. In beide gevallen gaat het om wat de Israelische psycholoog Daniel Kahneman 'Systeem 1 denken' noemt. Dit snelle denken is intuïtief, laat geen twijfel toe en is gebaseerd op patroonherkenning. Bij de veel tragere 'Systeem 2'-variant dwingt onze ratio ons tot nuancering. Om door het sociale verkeer te navigeren, delen we mensen graag in good guys en bad guys in. Onze intuïtie durft ons daarbij weleens te misleiden. Een good guy kan het aura van een bad guy hebben, of vice versa. Yuri van Gelder is misschien niet de braafste atleet van Nederland, maar kon wel uitleggen dat hij inderdaad een paar biertjes had gedronken in het Holland Huis van de NOS, maar in die nachtclub gewoon zijn vriendin ging oppikken én dat hij de dag na een competitie sowieso nooit traint. Hij was dus misschien niet zo bad als hij op het eerste gezicht leek. En een bekend gezicht dat op televisie de gevatte minzaamheid zelve is, is dat niet noodzakelijk ook in zijn of haar dagelijks leven.Volgens de Amerikaanse psycholoog Melvin Lerner houden we ook graag vast aan 'belief in a just world'. We gaan ervan uit dat iedereen zijn verdiende loon krijgt. Wie goed doet, goed ontmoet. Bij de mogelijkheid dat een schurk evengoed geluk in het leven kan hebben, staan we nauwelijks stil. Het is in de mode geraakt om de intuïtie op een voetstuk te plaatsen, onder andere door het succes van de boeken van organisatiepsycholoog Ap Dijksterhuis (Het slimme onbewuste), journalist Malcolm Gladwell (Zeker weten. De kracht van onbewust denken) en psycholoog Gerd Gigerenzer (De kracht van je intuïtie). Zij beweren dat goed luisteren naar ons buik- gevoel tot betere beslissingen kan leiden. Van alle ervaringen die je opdoet, beleef je namelijk maar tien procent bewust. De rest gaat niet echt verloren: je hersenen signaleren ze wel degelijk en slaan ze op in een reservoir in je geheugen. De leergeschiedenis die zodoende in je onbewuste gearchiveerd wordt, bepaalt je instinctieve reacties. Het is uiteraard een slecht idee om die intuïtie altijd slaafs te volgen. In een impuls je baan opzeggen, terwijl je nog geen nieuw werk op het oog hebt, is een recept voor onheil. Beslissingen moeten in lijn zijn met je langetermijndoelen. Harald Merckelbach, hoogleraar rechtspsychologie aan de Universiteit Maastricht en auteur van Intuïtie maakt meer kapot dan je lief is, begrijpt waarom ons buikgevoel zo verleidelijk is. 'Systeem 2 is bescheiden: je houdt er rekening mee dat je ernaast kunt zitten en dat je alternatieve opties moet onderzoeken. Dat is een weifelende houding. Systeem 1 daarentegen streelt je ego: je ziet jezelf als het centrum van de wereld en de besluitvorming. Onze maatschappij wordt hoe langer hoe narcistischer. Dat egocentrisme wordt extra gevoed door de sociale architectuur waarin we wonen: het voortdurend liken en disliken op Twitter en Facebook. Onze sterke voorkeur voor tv-programma's waarin mensen auditie doen en al dan niet afvallen, à la The Voice, sluit daarbij aan. Onmiddellijk hebben we ons oordeel klaar wanneer een deelnemer op het toneel verschijnt. Dat geeft ons een goed gevoel.' Precies omdat mensen een ingebakken voorkeur hebben voor intuïtief denken, wil de Duitse psycholoog Gerd Gigerenzer, auteur van De kracht van je intuïtie, niet te veel energie verspillen door het fanatiek aan te vechten. Het lijkt hem wenselijker mensen te doen inzien hoe ze de intuïtieve reflex kunnen exploiteren, door er enkele extra stappen aan toe te voegen. Zo vereenvoudigde hij samen met een aantal Amerikaanse artsen de diagnostiek op de spoedafdeling van ziekenhuizen. Voor patiënten die klagen over een stekende pijn in de borst ontwikkelden ze een beslisboom. Komt zo'n patiënt binnen, dan gaat doorgaans bij artsen een alarmsignaal af - dit zou om een hartinfarct kunnen gaan - en start men een hele reeks onderzoeken om de juiste diagnose te stellen. De lijst met vragen op de beslisboom, zoals 'Is de patiënt misselijk?' en 'Is er al eerder sprake geweest van dit soort gevoel?', laat toe om snel te oordelen of het al dan niet om een hartinfarct gaat. De snelheid van deze reactie leunt dicht aan bij het intuïtief handelen. En soms is je buikgevoel een goede adviseur, vindt Gigerenzer. Als een ondernemer knopen moet doorhakken over een investering, is hij aangewezen op zijn gut feeling. De zakenwereld is zijns inziens zo onzeker dat er eenvoudigweg te weinig objectieve informatie voorhanden is om te voorspellen hoe markten zich in de toekomst zullen bewegen. Je ervaring en je leergeschiedenis (lees: je intuïtie) zijn dan het beste kompas. Op de beurs is wel voorzichtigheid geboden. Kijk uit voor het type aandelenhandelaar dat, zoals Malcolm Gladwell het verwoordt, cocksure is. Toen de vorsers Brad Barber en Terrance Odean duizenden beurstransacties analyseerden, bleken de aandelenhandelaren die het sterkst intuïtief reageerden op de markt en het stelligst aandelen aanprezen, uiteindelijk het slechtst te presteren. Intuïtief oordelen kan soms dus nuttig zijn. Maar ook gevaarlijk, vindt Harald Merckelbach. Neem de deskundigen die tijdens rechtszaken komen getuigen, en zich soms ook laten leiden door hun morele intuïtie en door tendentieuze voorkennis. Dat vindt hij ronduit gevaarlijk. In zijn boek Intuïtie maakt meer kapot dan je lief is legt hij de vinger op een hoop rechtsdwalingen die te wijten zijn aan miskleunen van experts. 'In bijvoorbeeld een vergiftigingszaak heb je een toxicoloog nodig die er zijn licht over laat schijnen - een rechter kan niet over alles de vereiste kennis bezitten. Zo'n deskundige is dus een plank over het moeras van de onwetendheid van de rechter, maar dan moet je hem wel kunnen vertrouwen. Als een deskundige op een té intuïtieve manier te werk gaat, kan het behoorlijk misgaan.' Eigenlijk is dat wel gek. Zulke specialisten zijn toch verstandige mensen? Die zouden toch beter moeten weten? Volgens Harald Merckelbach zijn ze verblind door het Sherlock-Holmesideaal. Ze willen net als die buitengewoon intelligente detective met één blik kunnen vaststellen hoe de vork aan de steel zit en daar stellige uitspraken over doen. 'Tel daar nog een behoorlijke dosis ijdelheid bij en die experten menen dat ze een heel besliste indruk moeten maken. Fout, want een deskundige wordt verondersteld te twijfelen. Te wikken en te wegen.' De stelling in de titel van zijn boek - Intuïtie maakt meer kapot dan je lief is - is niet enkel op de rechtspraak van toepassing. Merckelbach: 'Neem nu de selectie en rekrutering van personeel. Van het sollicitatiegesprek, waarbij je een oordeel velt op basis van hoe de kandidaat overkomt en praat, weten we uit onderzoek dat het een zeer slechte methode is. Toch blijven we daar hardnekkig in geloven. De beste selectiemethode gaat gepaard met testen en opdrachten en dit liefst anoniem, zodat we de naam, het geslacht of de kledingstijl van de kandidaat niet kennen.' Terwijl Aristoteles stelde dat je enkel na grondig wikken en wegen tot morele oordelen kunt komen, noemden andere filosofen, zoals Pascal, Spinoza en Nietzsche de intuïtie een hogere vorm van kennis. 'We weten wat de dionysische denkstijl van Nietzsche ons gebracht heeft: die was een vrijbrief voor vooroordelen en platte stereotypen', countert Harald Merckelbach. 'Nee, de enige weg vooruit is de weg van Systeem 2, de weg van de verlichting, het kritische denken en het scepticisme. Sommige mensen zeggen me: 'Ja maar, hoe zit het dan met de kunst? Die doet toch een intuïtief appel op ons?' Daar ga ik niet mee akkoord. Na de instant indruk die je van een schilderij krijgt, ga je je afvragen wat je ziet, wat het verborgen verhaal erachter is. Het is niet voor niets dat artsen in opleiding daar soms lessen in krijgen. De analytische manier van denken die ze daarmee kweken, komt later van pas in hun spreekkamer.' Het dagelijkse leven zit vol met eenvoudige problemen. Willen we tijd overhouden voor de écht belangrijke beslissingen, dan is het goed om die kleine kwesties - wat willen we op de boterham? - te delegeren aan het op routine en automatismen draaiende Systeem 1. Vanaf het moment dat het iets complexer wordt, zoals met morele kwesties, kun je enkel je voordeel doen met Systeem 2. 'Ik geef toe dat het heel aanlokkelijk klinkt wanneer iemand als prins Charles tijdens een speech zegt: 'Door naar ons hart te luisteren, creëren we een betere wereld', maar de waarheid is dat dat idee ons al veel ellende heeft bezorgd. Laat ons daarom al die eigentijdse goeroes die roepen dat we meer moeten afgaan op ons gevoel diep wantrouwen.'