Voor het onderzoek "UN-MENAMAIS" (Understanding the Mechanisms, Nature, Magnitude and Impact of Sexual Violence in Belgium) wordt gebruik gemaakt van een brede definitief van seksueel geweld. Er wordt rekening gehouden met elke seksuele daad die tegen iemands wil wordt uitgevoerd, ook als er geen sprake is van fysiek contact.

Toch geeft bij de 16- tot 69-jarigen ook 42 procent van de vrouwen en 19 procent van de mannen aan het slachtoffer te zijn geweest van seksueel geweld waarbij wel sprake was van fysiek contact. Voor 16 procent van de vrouwen en 5 procent van de mannen ging om verkrachting of een poging daartoe.

'Schokkende cijfers'

'Dit zijn zeer hoog en schokkende cijfers', zegt professor Ines Keygnaert (UGent), de coördinator van het onderzoek. Onder meer LGBTQIA+-personen blijken vaker te worden blootgesteld aan seksueel geweld. Daar kreeg 80 procent te maken met seksueel geweld, bij 42 procent was dat met fysiek contact. Ook asielzoekers blijken een zeer kwetsbare groep.

Maar liefst 84 procent geeft aan het slachtoffer te zijn geweest van seksueel geweld. Bij 61 procent gebeurde dit in de laatste twaalf maanden, toen ze al in Europa of België waren. Bij de 70-plussers gaf dan weer 44 procent van de ondervraagden aan tijdens het leven slachtoffer te zijn geworden van seksueel geweld. Bij acht procent gebeurde dit tijdens de laatste twaalf maanden.

Niemand is veilig

'Seksueel geweld komt te vaak voor in België', concludeert Keygnaert. 'Het treft mensen van alle geslachten, alle seksuele oriëntaties, etnische achtergronden en leeftijden.' Uit het onderzoek blijkt ook dat heel wat slachtoffers het moeilijk vinden om hulp te zoeken. Zo sprak 35 procent van de vrouwen en 50 procent van de mannen nog nooit met iemand over het seksueel geweld.

Slechts 7 procent van de slachtoffers heeft formele hulp gezocht, vier procent deed aangifte bij de politie. Bij de asielzoekers blijkt zelfs helemaal niemand naar de politie te zijn gestapt. Een op de drie vrouwen heeft in haar leven zelfs nog nooit eerder met iemand over het misbruik gepraat. De helft van de mannelijke slachtoffers deed dat evenmin. Maar zelf als ze dit wel doen, krijgen ze daarna niet altijd de gepaste hulp. Zeker als het gaat om misbruik van vele jaren geleden, slagen artsen er niet altijd in om slachtoffers naar de juiste instanties door te verwijzen. De aanpak van seksueel misbruik maakt namelijk geen deel uit van de opleiding van artsen en andere hulpverleners.

UN-MENAMAIS was het eerste grote representatieve onderzoek naar seksueel geweld in België. Er werden meer dan 5.000 Belgen ondervraagd.

Voor het onderzoek "UN-MENAMAIS" (Understanding the Mechanisms, Nature, Magnitude and Impact of Sexual Violence in Belgium) wordt gebruik gemaakt van een brede definitief van seksueel geweld. Er wordt rekening gehouden met elke seksuele daad die tegen iemands wil wordt uitgevoerd, ook als er geen sprake is van fysiek contact. Toch geeft bij de 16- tot 69-jarigen ook 42 procent van de vrouwen en 19 procent van de mannen aan het slachtoffer te zijn geweest van seksueel geweld waarbij wel sprake was van fysiek contact. Voor 16 procent van de vrouwen en 5 procent van de mannen ging om verkrachting of een poging daartoe. 'Dit zijn zeer hoog en schokkende cijfers', zegt professor Ines Keygnaert (UGent), de coördinator van het onderzoek. Onder meer LGBTQIA+-personen blijken vaker te worden blootgesteld aan seksueel geweld. Daar kreeg 80 procent te maken met seksueel geweld, bij 42 procent was dat met fysiek contact. Ook asielzoekers blijken een zeer kwetsbare groep.Maar liefst 84 procent geeft aan het slachtoffer te zijn geweest van seksueel geweld. Bij 61 procent gebeurde dit in de laatste twaalf maanden, toen ze al in Europa of België waren. Bij de 70-plussers gaf dan weer 44 procent van de ondervraagden aan tijdens het leven slachtoffer te zijn geworden van seksueel geweld. Bij acht procent gebeurde dit tijdens de laatste twaalf maanden. 'Seksueel geweld komt te vaak voor in België', concludeert Keygnaert. 'Het treft mensen van alle geslachten, alle seksuele oriëntaties, etnische achtergronden en leeftijden.' Uit het onderzoek blijkt ook dat heel wat slachtoffers het moeilijk vinden om hulp te zoeken. Zo sprak 35 procent van de vrouwen en 50 procent van de mannen nog nooit met iemand over het seksueel geweld. Slechts 7 procent van de slachtoffers heeft formele hulp gezocht, vier procent deed aangifte bij de politie. Bij de asielzoekers blijkt zelfs helemaal niemand naar de politie te zijn gestapt. Een op de drie vrouwen heeft in haar leven zelfs nog nooit eerder met iemand over het misbruik gepraat. De helft van de mannelijke slachtoffers deed dat evenmin. Maar zelf als ze dit wel doen, krijgen ze daarna niet altijd de gepaste hulp. Zeker als het gaat om misbruik van vele jaren geleden, slagen artsen er niet altijd in om slachtoffers naar de juiste instanties door te verwijzen. De aanpak van seksueel misbruik maakt namelijk geen deel uit van de opleiding van artsen en andere hulpverleners. UN-MENAMAIS was het eerste grote representatieve onderzoek naar seksueel geweld in België. Er werden meer dan 5.000 Belgen ondervraagd.