Tijdens onze zondagse 'baxterbrunches' zijn Niels en ik op ons best als team', vertelt Mélanie. 'Onze tweeling heeft een aangeboren immuunstoornis. Het idee om elke week familie of vrienden uit te nodigen om samen te ontbijten en ons daarna te helpen terwijl we de antistoffen inspuiten die Aster en Ramses zelf niet aanmaken, kwam van mij. Maar Niels is diegene die de croissants gaat kopen, vers sap perst en de heerlijkste gerechten klaarmaakt.'

'Ik bereid die vaak al voor op zaterdagavond,' zegt hij, 'en dat is een moment van kwaliteit voor mezelf. In tegenstelling tot Mélanie heb ik veel behoefte aan alleen zijn, zeker in deze turbulente tijden. De voorbije twee jaar hebben we nauwelijks geslapen, zijn we ontelbare keren op spoed beland en kregen we best veel slecht nieuws te verwerken.'

'Angst, verdriet of stress moeten er bij mij direct uit, terwijl Niels pas weken, soms zelfs maanden of jaren later de weerslag voelt', zegt Mélanie. 'Op moeilijke momenten wil ik hem ook dicht bij mij, terwijl hij zich dan het liefst terugtrekt. Dat beangstigt mij. Uit elkaar gaan zou ik vreselijk vinden, na alles wat we hebben doorstaan. Het gaat ook stilaan beter met de jongens, en ik heb geen zin om de mooie momenten met iemand anders dan met Niels te delen.'

'Dat is niet nodig,' reageert hij, 'want Mélanie en ik vinden elkaar altijd terug. Ons engagement tegenover elkaar is enorm.' 'Als je ziet wat er al op ons pad is gegooid, is het echt niet vanzelfsprekend dat wij vandaag nog samen zijn', knikt ze. 'Dat we daarin slagen, maakt me ongelooflijk trots.'