Je hebt voorwerpen die weemoedloos zijn als afzuigkappen van inox, en je hebt voorwerpen waarin weemoed van nature lijkt opgesloten. Speelgoed van kinderen die niet meer spelen. Kleren waar een jonge vrouw blij mee geweest is.
...

Je hebt voorwerpen die weemoedloos zijn als afzuigkappen van inox, en je hebt voorwerpen waarin weemoed van nature lijkt opgesloten. Speelgoed van kinderen die niet meer spelen. Kleren waar een jonge vrouw blij mee geweest is. In die laatste categorie zitten sleutels waarvan je niet meer weet op welk slot ze pasten. Ik heb een vergaarbak van zulke sleutels: grote en kleine, zwarte en zilverkleurige. Sleutels van een fietsslot, een liefdesnest of een dagboek. Sleutels met enkele of dubbele baard, met koppen die rond zijn, driehoekig of hexagonaal zoals Frankrijk. Op eentje staat: schoenmakerij Alex. Een andere heeft een stukje kunststof in de kleuren van een lolly, om te voorkomen dat hij met soortgenoten verward zou worden. Ik kan mijzelf er niet toe brengen een van die sleutels weg te gooien, bang als ik ben daarmee ook de wereld af te sluiten waar hij toegang toe verschafte. Misschien ook past zo'n sleutel op een slot uit de toekomst. Wat is het leven anders dan een opeenvolging van sloten die je elegant moet zien te openen? De geschiedenis van de sleutel is niet geheel oninteressant. "De behoefte aan sloten bestaat al sinds de mensheid het begrip eigendom kent", weet Wikipedia, op dat heerlijk betweterige toontje. "De eerste kostbaarheden werden niet weggesloten maar verstopt in de grond, grotten of holle bomen: een gewoonte die nooit helemaal is verdwenen. Er wordt beweerd dat de Akkadiërs in de 24ste eeuw v. Chr. al een soort grendelslot in gebruik hadden, omdat er zegels uit die tijd bestaan waarop de god Shamash wordt afgebeeld met een op een sleutel gelijkend voorwerp in de hand. Dit zou echter ook een staf kunnen zijn. Men gaat er daarom meestal van uit dat het eerste slot rond 2000 v. Chr. in het Oude Egypte is uitgevonden." Tegenwoordig telt de wereld meer sleutels dan mensen. Het zijn kleine gebruiksvoorwerpen waarin een gigantisch wantrouwen zit opgesloten. Sleutels dienen om anderen weg te houden van de dingen waar ze anders wederrechtelijk hun gretige klauwen op zouden leggen. Soms droom ik van een wereld zonder sleutels, zoals ik droom van liefde die blijft duren. Soms droom ik van lopers die passen op alle sloten. Een apart geval van sloten was de kuisheidsgordel. Die spreekt tot de verbeelding. Ridders die op kruistocht vertrokken - zo wil de mythe - deden hun vrouw zo'n roestig ding aan tot zij terugkeerden. Onderzoekers denken nu dat dat niet klopt, en dat het veelvuldig voorkomen van kuisheidsgordels in middeleeuwse literatuur vooral 'poëtisch' bedoeld was. Een eenvoudige zoekactie op bol.com leert dat de moderne kuisheidsgordel vandaag slechts een muisklik van je verwijderd is. Er bestaan nu kuisheidskooien en -schellen, mannelijke zowel als vrouwelijke, in camouflagekleur, houtlook of 'luxe-uitvoering'. Gore dingen, die van weemoed zijn verstoken. Ze doen je smachten naar romantische liefde, blind vertrouwen en boeketten van klaprozen. Aan de grappige kant was wel het bericht van de vrouw uit Padua, die zich volgens de krant Il Messaggero aanmeldde in de brandweerkazerne met de vraag of de spuitgasten a.u.b. haar kuisheidsgordel wilden verwijderen.