'Het is hier warm. Ik word chagrijnig als ik het koud heb. Als ik voel dat ik gestrest ben, heeft dat vaak te maken met de temperatuur. Mijn atelier moet rustig en aangenaam zijn, alleen dan kan ik me verliezen in mijn werk. Ik zet meestal ook mijn telefoon uit. Dat ding is iets waar ik altijd mee bezig wil zijn en dat stoort, net als een sigaret.
...

'Het is hier warm. Ik word chagrijnig als ik het koud heb. Als ik voel dat ik gestrest ben, heeft dat vaak te maken met de temperatuur. Mijn atelier moet rustig en aangenaam zijn, alleen dan kan ik me verliezen in mijn werk. Ik zet meestal ook mijn telefoon uit. Dat ding is iets waar ik altijd mee bezig wil zijn en dat stoort, net als een sigaret. Mijn atelier zit in de voormalige garage van een herenhuis in Brussel. Ik ben hier altijd alleen. Dat heb ik nodig. Maar als ik buitenkom, kom ik altijd mensen tegen, en ook dat heb ik nodig. Ik woon in Hoei, want de stad is te duur en ik hou van wandelen. Ik heb ontzettend veel energie en daar moet ik vanaf, dus stap ik. Wandelen doet me ook op een andere manier denken en ik neem altijd mijn camera mee. Foto's zijn de basis van mijn werk. Landschappen, portretten, details. De handtas van een vriendin op de grond van een galerie, mijn hand als ik een sigaret sta te roken. Als ik aan een nieuw project begin, is de vraag altijd: zijn de beelden die ik heb sterk genoeg? Ik maak heel slechte foto's, zelfs van mooie onderwerpen. Ik heb niet genoeg geduld, denk ik. Al heb ik dat wel bij het schilderen. Het beeld wordt door de foto al een beetje vervormd en als ik dat beeld dan projecteer, kan ik spelen met het formaat en de kadrering. Het dan tekenen, en daarna schilderen, heeft iets bevrijdends. Ik doe niet aan hyperrealisme, gewoon kopiëren is niet leuk om te doen. Schilderen is plezierig. Ik wil het doen. Het is ook een dwang. Ik moet het doen. Het gaat niet vanzelf en ik moet mezelf soms dwingen. Echt geweldig wordt het pas als iets lukt, in die laatste uren of zelfs laatste minuten voor het klaar is. Ik zie het als een strijd. Het beeld waar ik van vertrek, moet worden getransformeerd, er zit een idee in mijn hoofd en ik val aan tot het is zoals ik het wil. Als ik een paar schoenen schilder, moet het meer zijn dan een paar schoenen. Er moet spanning in zitten. Ik werk graag groot en zoom in, omdat dat confronterend is. Zo'n groot schilderij van schoenen wordt dan een soort portret. Soms gebruik ik de vloer als palet, en word ik de volgende dag stijf wakker van al dat bukken. Mijn partner vraagt weleens waarom ik geen tafel koop, maar ik heb dat fysieke nodig, het maakt deel uit van het schilderen. Door het doek van een andere hoek te bekijken, verandert je visie. Ik moet bewegen, schilderen is actie.Ik denk veel na voor ik begin en nadat ik klaar ben, maar als ik schilder, ben ik geconcentreerd op het doen. Soms werk ik zelfs al etend door, vooral als ik duidelijk weet waar ik naartoe wil. Soms voel ik pas bij de laatste toetsen dat iets goed zit of klaar is. Het heeft iets instinctiefs. Een andere keer lukt het niet en blijft het bij een idee. Dat is ergerlijk, maar ook niet meer dan dat. Dan was het gewoon niet interessant. Ik ben graag omringd door mijn werken, ook omdat ze met elkaar praten. Een schilderij van een brandende auto en dat van een open handtas lijken naast elkaar plots samen te horen. Maar er komt een moment dat ze weg moeten, omdat het me moe maakt om ze in de buurt te hebben en ze me vertragen bij nieuwe projecten. J'aime bien faire le vide om weer van nul te beginnen.'