Ooit dacht ik dat genderongelijkheid vooral te maken had met de loonkloof. Als freelancer heb ik daar nauwelijks last van, waardoor ik er ook niet echt van wakker lig. Nu besef ik dat de problematiek veel verder gaat dan dat. De ongelijkheid in onze maatschappij is het gevolg van de mannelijke blik die veel sectoren, partijen, bedrijfstoppen en zelfs onze geneeskunde domineert.

Ik zoom graag even in op die laatste, de geneeskunde, meer bepaald de psychologie. Tal van studies hebben al aangetoond dat psychische stoornissen zich anders kunnen uiten bij vrouwen dan bij mannen. Als vrouw met Autismespectrumstoornis (ASS), ADHD en OCD heb ik dat aan den lijve ondervonden. Ook bij deze stoornissen zijn de in het DSM-5 omschreven symptomen vooral gebaseerd op onderzoek bij de mannelijke populatie.

Daardoor krijgen veel vrouwen een verkeerde of laattijdige diagnose, als er al sprake is van een diagnose. Afwijkend gedrag wordt bij meisjes weggezet als verlegenheid of angst. In de puberteit of adolescentie worden kenmerken zoals een moeilijke emotieregulatie dan toegeschreven aan kleinzerigheid of persoonlijkheidsstoornis. Het is vanzelfsprekend dat de hulpverlening bij vrouwen met ASS dan ook dikwijls zijn effect mist, met desastreuze gevolgen.

Psychologisch onderzoek inclusiever maken, met een aangepaste behandelingen voor vrouwen, lijkt me dan ook een van dé agendapunten de komende jaren. Ik hoop van harte dat we daar geen 110 Vrouwendagen meer voor nodig hebben.

Ooit dacht ik dat genderongelijkheid vooral te maken had met de loonkloof. Als freelancer heb ik daar nauwelijks last van, waardoor ik er ook niet echt van wakker lig. Nu besef ik dat de problematiek veel verder gaat dan dat. De ongelijkheid in onze maatschappij is het gevolg van de mannelijke blik die veel sectoren, partijen, bedrijfstoppen en zelfs onze geneeskunde domineert. Ik zoom graag even in op die laatste, de geneeskunde, meer bepaald de psychologie. Tal van studies hebben al aangetoond dat psychische stoornissen zich anders kunnen uiten bij vrouwen dan bij mannen. Als vrouw met Autismespectrumstoornis (ASS), ADHD en OCD heb ik dat aan den lijve ondervonden. Ook bij deze stoornissen zijn de in het DSM-5 omschreven symptomen vooral gebaseerd op onderzoek bij de mannelijke populatie. Daardoor krijgen veel vrouwen een verkeerde of laattijdige diagnose, als er al sprake is van een diagnose. Afwijkend gedrag wordt bij meisjes weggezet als verlegenheid of angst. In de puberteit of adolescentie worden kenmerken zoals een moeilijke emotieregulatie dan toegeschreven aan kleinzerigheid of persoonlijkheidsstoornis. Het is vanzelfsprekend dat de hulpverlening bij vrouwen met ASS dan ook dikwijls zijn effect mist, met desastreuze gevolgen. Psychologisch onderzoek inclusiever maken, met een aangepaste behandelingen voor vrouwen, lijkt me dan ook een van dé agendapunten de komende jaren. Ik hoop van harte dat we daar geen 110 Vrouwendagen meer voor nodig hebben.