Ik ben geen stadsmens, maar toch woon ik al tien jaar in het centrum van Antwerpen. Hoewel de drukte me weleens irriteert, past de stad perfect bij mijn hectische leven: winkels, restaurants, sportfaciliteiten, boekhandels en bioscopen zijn allemaal op wandel- of fietsafstand. Slechts één gemis: groen. Zeker wanneer de stad, zoals nu aan het begin van de lente, grijs en grauw oogt. Nog even en bloesems en blaadjes komen terug, maar echt groen wordt het nooit. Daarvoor telt Antwerpen veel te weinig bomen, parken en perkjes.
...

Ik ben geen stadsmens, maar toch woon ik al tien jaar in het centrum van Antwerpen. Hoewel de drukte me weleens irriteert, past de stad perfect bij mijn hectische leven: winkels, restaurants, sportfaciliteiten, boekhandels en bioscopen zijn allemaal op wandel- of fietsafstand. Slechts één gemis: groen. Zeker wanneer de stad, zoals nu aan het begin van de lente, grijs en grauw oogt. Nog even en bloesems en blaadjes komen terug, maar echt groen wordt het nooit. Daarvoor telt Antwerpen veel te weinig bomen, parken en perkjes. De groene overkapping van de ring zal ten vroegste in 2030 klaar zijn, maar gelukkig zitten mijn stadsgenoten niet stil. Er worden steeds meer groendaken aangelegd op huizen en flatgebouwen, buren slaan de handen in elkaar om braakliggende stukjes grond om te spitten tot gemeenschappelijke moestuinen, en sinds vorig jaar tref je heuse stadsboeren boven op het dak van de prachtig gerestaureerde oude industriële site Pakt, gelegen in't Groen Kwartier. Maar echte groene architectuur heeft Antwerpen nog niet. De nieuwe woontorens, die massaal worden opgetrokken aan Het Eilandje en op het Nieuwe Zuid, blijven klassieke betonnen kolossen. Jammer, want in het buitenland zien we dat het anders, mooier en ecologischer kan. Het was in Milaan dat ik voor het eerst ontdekte dat zo'n appartementsgebouw ook mooi kan zijn. In de nieuwe wijk Porta Nuova staan sinds 2014 twee hoge woontorens van meer dan 100 meter, helemaal begroeid met een Bosco Verticale, een Verticaal Bos. Het zijn twee opvallende landmarks waarin de architect Stefano Boeri ruim 100 plant- en boomsoorten verwerkte, stuk voor stuk soorten die in de regio rond Milaan voorkomen. De bewoners van de toren hebben naast een indrukwekkend zicht op de stad een haast even impressionant zicht op de metershoge olijfbomen, bessenstruiken en woekerende klimplanten. Eén keer per jaar wordt het groen gesnoeid door tuinmannen die als echte stuntmannen aan kabels rond het gebouw zweven. Behalve voor zuiverdere lucht zorgen de groene flatgebouwen ook voor de lokale biodiversiteit. Naast vogels trekken ze vlinders, bijen en andere insecten aan. Stefano Boeri werkt in- middels wereldwijd aan soortgelijke projecten, onder andere in Utrecht en Eindhoven, dat de primeur heeft van de eerste groene sociale woontoren. Verticale bossen zouden ook onze steden deugd doen. Vorige week nog daagde Greenpeace en de Antwerpse actiegroep stRaten-Generaal de Vlaamse regering voor de rechter voor hun lakse aanpak van de luchtvervuiling. De Europese norm voor stikstofdioxide wordt in tal van Vlaamse steden en gemeenten overschreden en de actiegroepen vinden dat de overheid te weinig ambitie toont. Zij eisen een urgentieplan met concrete maatregelen die op korte termijn de luchtkwaliteit verbeteren. Zo moeilijk is dat niet. Dat het aantal wagens op fossiele brandstoffen sterk moet worden teruggedrongen, daarover zijn alle specialisten het eens. Maar ook infrastructurele keuzes zijn nuttig en nodig. Een beetje extra groen in de stad kan wonderen doen. De recente metingen van CurieuzeNeuzen tonen aan dat je in Antwerpen de zuiverste lucht inademt rond de Zoo, het Stadspark en het eerder genoemde Groene Kwartier. En dat zijn toch niet meteen megalomane projecten.