In de documentaire 'X' proberen tien vrouwen zich een toekomst voor te stellen die vrij is van belemmeringen: een wereld waarin vrouwen zelf mogen kiezen hoe ze vrouw-zijn invullen. Primrose Ntumba is een van de vrouwen die in 'X' voor de camera plaatsneemt. In dit opiniestuk vraagt ze zich af hoe ver de wereld waarin we leven afstaat van de wereld waarin ieder van ons zich het best zou voelen; en hoe we met die afstand omgaan. Op zes maart krijgt de film een avant-première in CC Lokeren en op acht maart, Internationale Vrouwendag, vindt de première plaats in De Roma in Antwerpen.

Ik behoor tot de gemeenschap van zwarte vrouwen in een westerse maatschappij. In de eerste plaats omdat mijn huidskleur dat meteen weggeeft, of ik daar nu voor kies of niet. Maar in de tweede plaats omdat ik ervoor kies om mij zo te profileren en actief bezig ben met het onderzoeken, ondervinden en uit te drukken wat het betekent om als zwarte vrouw in een witte context te leven.

Mag ik zelf invullen wat het betekent een jonge zwarte vrouw te zijn of doet de wereld dat voor mij?

Evenwel zijn er zwarte vrouwen die zich misschien niet zozeer vrouw voelen, en anderen die zich misschien niet zozeer zwart voelen. Dat roept verschillende vragen op: wie bepaalt hun vrouw-zijn en hun zwart-zijn? Zijzelf? Of zij die naar hen kijken? En hoever staan die twee versies van dezelfde persoon van elkaar?

Anno 2020 is er in de reële wereld zoveel om rekening mee te houden als vrouw. Er wordt van je verwacht dat je gestudeerd hebt, dat je werkt, een partner vindt, je bezig bent met je mentale en fysieke gezondheid, dat je reist, op termijn een woning koopt (met of zonder partner), je kinderen krijgt, je je vrienden en familie regelmatig ziet en dat je al die zaken ook nog eens kunt combineren, non-stop, voor de rest van je leven.

Er zijn heel wat mensen die zich vrouw voelen, maar afwijken van wat de sociale constructie van een vrouw is. Ik vraag me af waarom iemand anders mag bepalen hoe jij je voelt en hoe jij eruit moet zien om als een vrouw beschouwd en aanvaard te worden? De bekende Amerikaanse actrice, activiste en democrate Cynthia Nixon bracht er recent een krachtige videocampagne over uit: 'Be a Lady They Said'. Deze video toont ons de ontelbare, soms ook tegenstrijdige, verwachtingen waaraan vrouwen geacht worden te voldoen om te passen in het keurslijf dat de maatschappij voor hen heeft gecreëerd.

Waarom zou iemand anders mogen bepalen hoe jij eruit moet zien om als een vrouw beschouwd en aanvaard te worden?

Als zwarte vrouw komt daar nog eens bij dat de samenleving ook bepaalde vooroordelen en verwachtingen koestert over zwart-zijn. In de reële wereld kom ik soms een ruimte binnen met enkel witte mensen en ben ik me plots heel erg bewust van mijn huidskleur. Afhankelijk van de context kan dat in mijn voor- of nadeel spelen. Als ik op een dansvloer sta, zal ik mijn zwart-zijn waarschijnlijk op een positieve manier ervaren. Van een zwarte vrouw wordt immers verwacht dat ze ritme heeft, en gelukkig ben ik inderdaad een uitstekende danser. Op andere plekken voel ik me eerder onzeker door mijn zwarte huid. Op een conferentie met deelnemers uit verschillende Europese landen de enige zwarte persoon in de zaal zijn, heeft me al in koud zweet doen uitbreken. Ik kan het niet verhelpen dat ik nadenk over wat mensen in deze setting van de enige zwarte vrouw in de zaal verwachten. Weinig? Hetzelfde als van de rest? Of juist heel veel, aangezien ik de enige van mijn 'soort' ben?

In mijn ideale wereld zou ik elke ruimte kunnen binnenwandelen, onbewust van wie ik ben en hoe ik eruitzie, maar vooral onbewust van wie anderen denken dat ik ben, op basis van mijn uiterlijk. Het is moeilijk om de ideale wereld vast te pinnen. Want voor wie is die dan ideaal? Kan de ideale wereld van mijn zusters overlappen met de mijne? Zullen we er ooit in slagen elkaars werelden te begrijpen? Veel vragen waar onmogelijk een eenduidig antwoord op te geven valt.

Laten we naar elkaar luisteren met de intentie ons eigen standpunt te verbreden

Laten we beginnen met samen deze strijd aan te gaan. Laten we naar elkaar luisteren met de intentie ons eigen standpunt te verbreden. Laten we stoppen met denken dat jouw problemen niet de mijne zijn. Laten we durven het voor elkaar op te nemen, ook al zijn we zelf niet het slachtoffer van een bepaalde problematiek. Hoe weet ik dat jij het goed met me voorhebt als je zwijgt en toekijkt wanneer ik me kwetsbaar opstel? Wanneer ik mijn mond opentrek om te zeggen dat bepaald gedrag kwetsend is, helpt het om te weten dat ik gehoord word.

Deze strijd, die moet leiden naar het dichten van de kloof tussen de reële wereld en onze ideale werelden, zou een gezamenlijke onderneming moeten zijn. Ik ben alvast bereid die twee werelden dichter bij elkaar te brengen. Ik droom ervan dat jouw perceptie op mij zoveel mogelijk overeenkomt met mijn perceptie op mij. En dat hoe ik jou zie dichter komt bij hoe jij jezelf ziet.

Ik behoor tot de gemeenschap van zwarte vrouwen in een westerse maatschappij. In de eerste plaats omdat mijn huidskleur dat meteen weggeeft, of ik daar nu voor kies of niet. Maar in de tweede plaats omdat ik ervoor kies om mij zo te profileren en actief bezig ben met het onderzoeken, ondervinden en uit te drukken wat het betekent om als zwarte vrouw in een witte context te leven. Evenwel zijn er zwarte vrouwen die zich misschien niet zozeer vrouw voelen, en anderen die zich misschien niet zozeer zwart voelen. Dat roept verschillende vragen op: wie bepaalt hun vrouw-zijn en hun zwart-zijn? Zijzelf? Of zij die naar hen kijken? En hoever staan die twee versies van dezelfde persoon van elkaar? Anno 2020 is er in de reële wereld zoveel om rekening mee te houden als vrouw. Er wordt van je verwacht dat je gestudeerd hebt, dat je werkt, een partner vindt, je bezig bent met je mentale en fysieke gezondheid, dat je reist, op termijn een woning koopt (met of zonder partner), je kinderen krijgt, je je vrienden en familie regelmatig ziet en dat je al die zaken ook nog eens kunt combineren, non-stop, voor de rest van je leven. Er zijn heel wat mensen die zich vrouw voelen, maar afwijken van wat de sociale constructie van een vrouw is. Ik vraag me af waarom iemand anders mag bepalen hoe jij je voelt en hoe jij eruit moet zien om als een vrouw beschouwd en aanvaard te worden? De bekende Amerikaanse actrice, activiste en democrate Cynthia Nixon bracht er recent een krachtige videocampagne over uit: 'Be a Lady They Said'. Deze video toont ons de ontelbare, soms ook tegenstrijdige, verwachtingen waaraan vrouwen geacht worden te voldoen om te passen in het keurslijf dat de maatschappij voor hen heeft gecreëerd. Als zwarte vrouw komt daar nog eens bij dat de samenleving ook bepaalde vooroordelen en verwachtingen koestert over zwart-zijn. In de reële wereld kom ik soms een ruimte binnen met enkel witte mensen en ben ik me plots heel erg bewust van mijn huidskleur. Afhankelijk van de context kan dat in mijn voor- of nadeel spelen. Als ik op een dansvloer sta, zal ik mijn zwart-zijn waarschijnlijk op een positieve manier ervaren. Van een zwarte vrouw wordt immers verwacht dat ze ritme heeft, en gelukkig ben ik inderdaad een uitstekende danser. Op andere plekken voel ik me eerder onzeker door mijn zwarte huid. Op een conferentie met deelnemers uit verschillende Europese landen de enige zwarte persoon in de zaal zijn, heeft me al in koud zweet doen uitbreken. Ik kan het niet verhelpen dat ik nadenk over wat mensen in deze setting van de enige zwarte vrouw in de zaal verwachten. Weinig? Hetzelfde als van de rest? Of juist heel veel, aangezien ik de enige van mijn 'soort' ben? In mijn ideale wereld zou ik elke ruimte kunnen binnenwandelen, onbewust van wie ik ben en hoe ik eruitzie, maar vooral onbewust van wie anderen denken dat ik ben, op basis van mijn uiterlijk. Het is moeilijk om de ideale wereld vast te pinnen. Want voor wie is die dan ideaal? Kan de ideale wereld van mijn zusters overlappen met de mijne? Zullen we er ooit in slagen elkaars werelden te begrijpen? Veel vragen waar onmogelijk een eenduidig antwoord op te geven valt.Laten we beginnen met samen deze strijd aan te gaan. Laten we naar elkaar luisteren met de intentie ons eigen standpunt te verbreden. Laten we stoppen met denken dat jouw problemen niet de mijne zijn. Laten we durven het voor elkaar op te nemen, ook al zijn we zelf niet het slachtoffer van een bepaalde problematiek. Hoe weet ik dat jij het goed met me voorhebt als je zwijgt en toekijkt wanneer ik me kwetsbaar opstel? Wanneer ik mijn mond opentrek om te zeggen dat bepaald gedrag kwetsend is, helpt het om te weten dat ik gehoord word. Deze strijd, die moet leiden naar het dichten van de kloof tussen de reële wereld en onze ideale werelden, zou een gezamenlijke onderneming moeten zijn. Ik ben alvast bereid die twee werelden dichter bij elkaar te brengen. Ik droom ervan dat jouw perceptie op mij zoveel mogelijk overeenkomt met mijn perceptie op mij. En dat hoe ik jou zie dichter komt bij hoe jij jezelf ziet.