In vergelijking met mijn frivole beginjaren doe ik nu meer aan reflectie. Dat komt door mijn doctoraat in de kunsten, waaraan ik drie jaar geleden begon. Het thema is het moederschap: ik onderzoek en documenteer de verwondering, maar ook de impact van een kind op je leven en relaties. Dat houdt me erg bezig - mijn zoontje is nu vier. Ik doe veel research en put inspiratie uit de literatuur en beeldende kunsten. Het is te vergelijken met een doctoraat in de wetenschappen: je doet een experiment en de resultaten daarvan beïnvloeden je volgende stap. Zo kom ik meer los van het puur autobiografische.
...

In vergelijking met mijn frivole beginjaren doe ik nu meer aan reflectie. Dat komt door mijn doctoraat in de kunsten, waaraan ik drie jaar geleden begon. Het thema is het moederschap: ik onderzoek en documenteer de verwondering, maar ook de impact van een kind op je leven en relaties. Dat houdt me erg bezig - mijn zoontje is nu vier. Ik doe veel research en put inspiratie uit de literatuur en beeldende kunsten. Het is te vergelijken met een doctoraat in de wetenschappen: je doet een experiment en de resultaten daarvan beïnvloeden je volgende stap. Zo kom ik meer los van het puur autobiografische. Dankzij het beeldverhaal Wij twee samen heb ik het verlies van mijn vader al een beetje kunnen verwerken voor het zover was. Zijn ziekte - primair progressieve afasie - sleepte 12 jaar aan. Om mezelf te beschermen, wou ik het boek absoluut klaar hebben vóór zijn overlijden - ik wist dat ik erna kapot zou zijn. Een paar weken na verschijning is hij effectief gestorven. Nu, bijna drie jaar later, heb ik het er nog altijd moeilijk mee. Er blijven reacties op het boek binnenstromen. Ik begrijp heel goed dat het voor mensen in dezelfde situatie als een warm deken moet aanvoelen. Zelf putte ik ook steeds veel troost uit boeken of films over dementie. Ik ben blij dat ik met het boek anderen raak, maar tegelijk is het zwaar om telkens weer naar het verleden gekatapulteerd te worden. Dat we als gezin voor mijn vader konden zorgen, heeft zijn leven ongetwijfeld verlengd. Wij zijn hem blijven stimuleren door klassieke muziek voor hem te spelen, films op te zetten die hij mooi vond, twee keer per dag een uur met hem te gaan wandelen, zijn favoriete gerechten klaar te maken. Echte zorg op maat die men in een woon-zorgcentrum niet kan bieden. Komende uit een liefdevol nest, sprak het vanzelf dat we hem iets wilden teruggeven. Met twee kunsthistorici als ouders hebben wij véél kerken bezocht. Op vakantie was de afspraak: in de voormiddag iets cultureels, in de namiddag het strand. Ook al heb je als kind niet veel aan zo'n kerk, die passie voor kunst sijpelt toch door. Het gevolg: één zus is bezig met literatuur, de andere met muziek en ik met beeldende kunst. Illustrators botsen tegen een onzichtbare muur op. We worden beschouwd als toegepaste kunst. Weinig galerieën bekommeren zich daar om; ze spitsen zich toe op vrije kunsten, fotografie, installaties, video... Dat balanceren tussen toegepaste en vrije kunst bevalt mij, omdat ik niet in een hokje gestopt wil worden. Ik vind dat er in Vlaanderen te weinig initiatief wordt genomen voor de grafische kunsten. Je merkt dat studenten weer naar het figuratieve grijpen, maar de tentoonstellingsmakers volgen niet. Ik zal keuzes moeten maken. Ik voel dat ik aan het versnipperen ben en worstel met mijn work-life balance. Anderzijds ben ik een trouwe persoon en wil ik niet zomaar iets opgeven. Neem nu curator zijn van een festival als Grafixx: dat geeft mij ademruimte en energie en laat me toe een netwerk op te bouwen. Mijn man maakt zich geen illusies. Hij zegt: "Eva, als er iets wegvalt, ga je die leegte toch weer opvullen met iets anders. Je blijft dingen aantrekken, dat is je persoonlijkheid. Het is nooit genoeg, je wilt altijd meer." Een goede kunstenaar is nooit tevreden. Je blijft zoekende. Hoe langer ik teken, hoe minder ik wil terugvallen op wat ik al kan. Nieuwe oplossingen dagen je veel meer uit. Vandaar die gelaagdheid in mijn illustraties. Het is geen voorgekauwde kost. Het is leuk als mensen zelf op zoek gaan naar verbanden. Niet alles moet benoemd worden. Een nom de plume werkt goed, het scheidt je privé- van je professionele leven. Ook al ben ik de doctoraatsstudent Eva Cardon, de werken die ik ervoor maak, onderteken ik met Ephameron. Mijn werk is al zo persoonlijk; zonder kunstenaarsnaam zou ik mezelf helemaal verliezen. Ook al geef ik een stuk van mezelf prijs, ik wil niet dat mensen me te veel gaan claimen. Ephameron staat voor efemeer, vluchtig. Het draait bij mij meestal om gevoelens, en gevoelens vervliegen. Ik leg momenten vast.