Ik geloof dat ze een jaar of drie was, toen mijn dochter haar neus tegen het raam van de chique meubelwinkel in onze buurt drukte. Haar mond viel open in ademloze verwondering over wat er in de schemerige diepten te zien was. 'Zo mooi...', hoorde ik haar zuchten. 'Alles daarbinnen is zoveel prachtiger dan het bij ons is.'
...

Ik geloof dat ze een jaar of drie was, toen mijn dochter haar neus tegen het raam van de chique meubelwinkel in onze buurt drukte. Haar mond viel open in ademloze verwondering over wat er in de schemerige diepten te zien was. 'Zo mooi...', hoorde ik haar zuchten. 'Alles daarbinnen is zoveel prachtiger dan het bij ons is.' Het mooie vond ik dat haar reactie zo eerlijk en onbezoedeld was. Mijn dochter had geen benul van merken, trends of spullen die hip zijn. Zij keek daar met haar kinderogen dwars doorheen en zag schoonheid in haar meest pure verschijningsvorm. Tegelijk dacht ik: o help, mijn kind heeft een beperking! Een oog voor schoonheid is in deze platvloerse wereld zoiets als goede manieren hebben: een afwijking die je het leven kan bemoeilijken. Het spuuglelijke krijg je overal gratis, terwijl schoonheid meestal duur en schaars is. Neem nu het verschijnsel auto. Kan je diep in de buidel tasten, dan heb je de milieuvriendelijkheid en sierlijke lijnen van een Tesla. Moet je op de kleintjes letten, dan rijd je in iets vervuilends met vormen die pijn aan het oog doen. Niemand weet nog precies wanneer het is begonnen, maar opeens leken veel auto's op veredelde sportschoenen. Soms droom ik van een Rover P5B Coupé of een Daimler Double Six uit 1974, voorzien van elektrische aandrijving. Gelukkig is ook het lelijke fascinerend, misschien nog wel meer dan het mooie. Op internet vind je top tienen van mooiste poezen, paarden, landen en moppen. Maar ook top tienen van lelijkste honden, vissen en voetballers. Het mooie doet hunkeren en dromen, maar het lelijke is geruststellend. Denk aan de blog Ugly Belgian Houses: kijk hoe mottig die mensen wonen. En toch leven zij ook nog. Wie bij de hond slaapt, krijgt zijn vlooien. Schrijven voor een lifestyleblad heeft mijn belangstelling voor mode en design op onmiskenbare wijze aangescherpt. Ik merk het als de legging of de tijgerprint terug is. Ik probeer mijn dochters ter wille te zijn door af en toe a thing of beauty naar onze woonvertrekken te slepen dat a joy forever kan worden. Soms moet ik daarvoor sparen, zoals in het geval van mijn chaise longue naar Le Corbusier (vanzelfsprekend met bijpassend koeienvelletje). Maar het kan ook iets zijn van de meubelmultinational die een zwak heeft voor grappige namen, genre Allemansrätten voor gehaktballetjes. De Strandmon-oorfauteuil in flesgroen fluweel vonden wij prachtig. Het was een speciale verjaardagseditie. Ik heb maandenlang jacht moeten maken voor ik op een toonzaal- model de klauw kon leggen. Meestal voel ik spontane afkeer voor limited editions. Ik hou van dingen die zeldzaam zijn, niet van dingen die op kunstmatige wijze zeldzaam gemaakt worden. Ook heb ik een hekel aan alles wat erop gericht is de status te verhogen. Status doet mij denken aan apen in bomen. Terwijl ik een aap met een chaise longue maar met zijn twee voeten op de grond wil zijn. Een aap ook die zélf beslist wat hij mooi of leuk vindt en zich dat niet door fabeldieren laat vertellen. In mijn keuken hangt een klassiek stilleven met koekenpan en spiegeleieren. Het is lekker ouderwets en geeft mij elke ochtend zin in koffie.