Bekijk ook de videoreportage: Communicatie na de scheiding: 'Mensen vergeten wat er achter co-ouderschap zit'
...

Tijden veranderen en de arbeidsmarkt verandert mee. Met een job die gisteren nog als een beroep met toekomst gold, kun je overmorgen in de werkloosheid belanden. Ook het omgekeerde geldt: we kennen vandaag een rist beroepen waar enkele decennia geleden nog niemand van gehoord had - tenzij je zo visionair was dat je altijd al appontwikkelaar of dronepiloot wilde worden. Niet alleen technologische innovaties zorgen voor nieuwe groeisectoren, nieuwe beroepen ontstaan ook in het kielzog van maatschappelijke veranderingen. Het verkeer is bijvoorbeeld zo'n onontwarbaar kluwen geworden dat we nu mobiliteitsexperts nodig hebben om een en ander in goede banen te leiden. De oprukkende vergrijzing zorgt dan weer voor jobs als seniorenanimator en ouderenconsulent. En omdat werken tegenwoordig meer is dan louter je boterham verdienen, kunnen we terecht bij werkgelukdeskundigen en loopbaanbegeleiders. Allemaal jobs die we vroeger nooit moesten invullen in het vakje 'beroep van vader of moeder'. Over vader en moeder gesproken: de kans was groot dat je als kind met je ouders in één huis woonde. Ook op dat vlak is de wereld drastisch veranderd. Het aantal echtscheidingen is sinds de jaren negentig zo exponentieel toegenomen dat een legertje bemiddelaars, psychologen en advocaten vandaag zijn brood verdient met mensen die uit elkaar gaan. En omdat gescheiden ouders graag een nieuwe kans op gezinsgeluk grijpen en 'herpartneren', soms met een man of vrouw die zelf ook kinderen heeft, is ook hier een nieuw arbeidssegment ontstaan: professionals die focussen op nieuw samengestelde gezinnen. Cindy Schepers (cindyschepers.be) is een van hen. In 2006 begon ze te werken als psychotherapeute én ging ze samenwonen met een man en zijn twee kinderen. Vandaag zijn nieuw samengestelde gezinnen haar specialisatie. 'Ik ben me steeds meer gaan verdiepen in het onderwerp en heb me ook bijgeschoold tot relatietherapeute', vertelt ze. 'En ja, ik heb absoluut genoeg omhanden. De vraag naar begeleiding is groot. Dat ik weet waarover ik praat, is ongetwijfeld een meerwaarde. Ik krijg vaak mensen over de vloer die zichzelf herkennen in wat ik schrijf op mijn site. Want ook al heb je samengestelde gezinnen in alle maten en gewichten, ze worstelen allemaal met issues die niet te vergelijken zijn met die van een traditioneel gezin. Een samengesteld gezin heeft een fundamenteel andere structuur dan een kerngezin. Niet alleen is er een andere volgorde in relaties - de band tussen ouder en kind was er al voor de partnerrelatie - er is ook sprake van verschillende loyaliteiten, opvoedstijlen en gezinsculturen. De twee partners verhouden zich ook op een verschillende manier tot hetzelfde kind. De een is ouder, de ander stiefouder. Dat betekent dat de hechting anders is, net als de geschiedenis. Een extra uitdaging zijn de exen met wie je rekening moet houden. Maar de belangrijkste kwestie waarmee mensen bij mij aankloppen, is toch wel de omgang met stiefkinderen. Hoe pak je ze het best aan, wat mogen ze wel of niet zeggen of vragen, wat is hun plaats? Stiefouders voelen zich soms buitengesloten in een nieuw samengesteld gezin, ouders kunnen dan weer het gevoel hebben dat ze tussen twee vuren zitten.' Omdat de vraag naar begeleiding groot is, geeft Cindy Schepers ook online trainingen waarop kandidaten kunnen intekenen. Zo bereikt ze in één klap meer mensen dan in een individuele therapeutische sessie. Daarnaast geeft ze infoavonden en lezingen over nieuw samengestelde gezinnen, onder andere voor De Scheidingsschool. 'Telkens weer valt het me op dat de aanwezigen op zo'n infoavond vaak niet afkomstig zijn uit de gemeente zelf, maar uit een buurgemeente; vanwege de anonimiteit wellicht. Want er hangt toch nog altijd een taboesfeer rond. Mensen denken: als mijn dorpsgenoten me daar signaleren, gaan ze er vast van uit dat het thuis niet goed gaat of dat ik mijn stiefkinderen niet aankan. Klagen over de complexiteit van je rol als stiefouder ligt niet voor de hand. Terwijl het in de praktijk van alledag echt niet zo simpel is om een nieuw samengesteld gezin te runnen. Daarom geef ik veel informatie: over de typische kenmerken van een nieuw samengesteld gezin, over de mogelijkheden en uitdagingen, maar ook over veelvoorkomende problemen en valkuilen. Niet om mensen te ontmoedigen, maar om torenhoge verwachtingen bij te stellen en een realistischer referentiekader te ontwikkelen.' Nieuw samengestelde gezinnen lijken op het eerste gezicht een recent maatschappelijk fenomeen, als gevolg van het hoge scheidingscijfer. Maar ze zijn er altijd geweest, in de vorm van weduwnaars en weduwen die hertrouwden en een stiefouder in huis haalden voor hun kinderen. Dat deze gezinsvorm nu zoveel aandacht krijgt, heeft te maken met ons verwachtingspatroon, legt Cindy Schepers uit: 'Vroeger was een huwelijk, meer dan vandaag, een socio-economische transactie. Je bleef samen, ook als de liefde op een dag op was. Hertrouwen na de dood van je partner deed je deels uit pragmatische overwegingen: je zocht iemand om voor jou en je kinderen te zorgen, financieel of huishoudelijk. Als dat iemand was die je graag kon zien, was dat meegenomen. Tegenwoordig is een relatie in de eerste plaats gestoeld op romantische idealen: we willen een hechte en liefdevolle band met onze partner, we willen goed kunnen communiceren en een warm nest creëren. Dat zorgt voor een totaal andere basis, ook voor een nieuw samengesteld gezin.' Ook al is romantiek vandaag nog zo'n belangrijke relatiepijler, van de liefde alleen kun je niet leven. Er moeten ook praktische afspraken gemaakt worden, over de verdeling van huishoudelijke taken en de opvoeding van de kinderen, maar ook over wie welke kosten voor zijn rekening neemt en hoe het later moet met de erfenis. Geen evidente onderwerpen als je in een prille relatie op een gigantische roze wolk zweeft. Daarom kan het nuttig zijn om een bemiddelaar in te schakelen en samen een overeenkomst op papier te zetten. Cindy Capelleman, als bemiddelaar en scheidingsconsulent verbonden aan Neo Bemiddeling (neobemiddeling.be), legt uit: 'Tweede relaties met kinderen bezwijken nogal eens onder de druk van de extra bagage. Duidelijke afspraken, vooral over financiële kwesties, kunnen die druk verlichten en de slaagkans van de relatie vergroten. Ik help koppels om mogelijke pijnpunten bespreekbaar te maken door gerichte vragen te stellen. Hoe verdelen ze de kosten als een van beiden kinderen heeft en de ander niet? Wat als ze samen een huis willen kopen? Is een samenlevingscontract voldoende om alles goed te regelen? Wat als een van de partners overlijdt? Ik pols ook altijd of de twee gezinnen ongeveer dezelfde levensstandaard hebben. Een ander uitgavenpatroon is misschien niet meteen een probleem voor de ouders, maar wel voor de kinderen als die moeten toekijken hoe hun stiefbroers of stiefzusjes materieel meer in de schoot geworpen krijgen. Daar kun je maar beter vooraf bij stilstaan.' Cindy Capelleman ziet in haar praktijk ook veel ex-partners die hun echtscheidingsovereenkomst willen herbekijken als een van de twee gaat samenwonen met een nieuwe partner. 'Soms moet de verblijfsregeling aangepast worden, omdat ze nu niet alleen rekening moeten houden met elkaars agenda, maar ook met die van de stiefouder. Ook afspraken rond de kinderbijslag en fiscaliteit houden ze soms opnieuw tegen het licht.' Het zijn niet altijd de makkelijkste gesprekken, geeft Capelleman toe, en ze kunnen prille koppels abrupt met beide voeten op de grond zetten, zeker als het over de rechten en plichten van stiefouders gaat. 'Er is geen biologische band met je stiefkinderen, dus geen juridische band. Je hebt dus geen rechten. Als je relatie na tien jaar stukloopt, kunnen je stiefkinderen zonder meer uit je leven verdwijnen. Plichten heb je wel. Morele plichten bijvoorbeeld, door de manier waarop de maatschappij kijkt naar stiefouderschap: je wordt verondersteld om op een 'ouderlijke' manier mee voor de kinderen te zorgen. En als je wettelijk samenwoont, ben je sowieso verplicht om bij te dragen in de kosten van het gezin en heb je, door de band met je partner, ook een impliciete onderhoudsplicht naar zijn of haar kinderen toe. Dat wordt nogal eens vergeten.' Cindy Capelleman is, net als Cindy Schepers, ervaringsdeskundige: ze is stiefmoeder van twee kinderen die inmiddels volwassen zijn. Ook zij vertelt dat haar fascinatie voor het thema gegroeid is vanuit haar eigen wedervaren in haar samengestelde gezin. Naast erkend bemiddelaar mag ze zich ook stiefplancoach noemen. Medestichter en stuwende kracht achter de opleiding tot stiefplancoach is de Nederlandse filosofe en ethica Corrie Haverkort (stiefplan.nl). Samen met haar collega Marlijn Kooistra, pedagoge, schreef ze het boek Hoe maak je een succes van je nieuwe gezin? 'Weet je dat maar liefst zestig procent van de samengestelde gezinnen weer uit elkaar valt?' vraagt Corrie Haverkort. 'Zo schrijnend. Terwijl je veel leed kunt voorkomen door ouders meer inzicht te bieden in de complexe materie rond nieuw samengestelde gezinnen. In ons boek gaan we dieper in op vragen die kunnen opduiken bij de start van de relatie. Wat is het heen-en-weerschema van de kinderen? Hoe worden de vakanties geregeld? Wat als er nog een kind komt? Daarnaast leggen we uit hoe het stiefouderplan in elkaar zit. Marlijn en ik hebben dat ontwikkeld naar analogie met het ouderschapsplan, dat in Nederland verplicht is als ouders gaan scheiden. Wij vonden dat ook mensen die gaan samenwonen met een nieuwe partner er goed aan doen om hun wensen en verwachtingen op elkaar af te stemmen als er kinderen in het spel zijn.' Al vijf jaar leiden Corrie en Marlijn eveneens professionals op: psychologen, therapeuten, bemiddelaars, hulpverleners en welzijnswerkers die zich willen specialiseren in het thema stiefouderschap. In de driedaagse opleiding komen niet alleen emotionele en pedagogische aspecten aan bod, maar ook morele en juridische consequenties. Na afloop mogen ze zich stiefplancoach noemen. In die opleiding zitten ook geregeld Vlamingen. Wie zelf zijn eerste wankele stappen in een nieuw samengesteld gezin zet en met vragen worstelt, kan niet alleen terecht bij hulpverleners. Ook op internet vind je veel antwoorden, zoals op eennieuwgezin.be. Bovendien verscheen er de laatste jaren een indrukwekkend aantal boeken over het onderwerp. Vorig jaar was er Jij, ik, hij, zij en al de kinderen (Lannoo), waarin journaliste Tine Maenhout de wondere chaos van een samengesteld gezin beschrijft, vanuit haar eigen zoektocht naar handvatten. Plusoudercoach Anja Pairoux schreef Je wist waar je aan begon!? (Borgerhoff & Lamberigts) op basis van verhalen uit haar praktijk. In Thuis in twee gezinnen (Lannoo Campus) richt therapeute Martine Mingelinckx zich tot de kinderen, terwijl Yolan Witterholt in Handboek voor de moderne stiefmoeder (Podium) focust op de vrouw en Jesper Juul op beide geslachten in Bonusouders (Forte Uitgevers). Een van de recentste boeken is Kinderen op de eerste plaats van Joanne Pedro-Carroll, die in de VS het Children of Divorce Intervention Program heeft opgericht. Zij verzamelt de recentste wetenschappelijke resultaten en vertaalt die in praktische adviezen. Onlangs rolde ook Bijna alles wat je moet weten over nieuw samengestelde gezinnen (Manteau) van de persen, geschreven door televisiemaker Steve Brouwers. Ook hij schreef het boek op basis van enkele jaren trial-and-error in zijn eigen samengestelde gezin. Een kwart van alle huidige gezinnen in Vlaanderen is een nieuw samengesteld gezin, lezen we in zijn boek. En ook: veertig procent van de kinderen leeft na een scheiding binnen de vier jaar samen met een plusouder. Vermits wordt aangenomen dat de vorming van een samengesteld gezin ongeveer vier tot zeven jaar in beslag neemt, geldt ook hier: volhouden is de boodschap. En mochten zich onderweg hindernissen en valkuilen voordoen, dan is het intussen duidelijk: er staan een heleboel professionals klaar om je het bos weer door de bomen te laten zien.