De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) omschrijft vrouwelijke genitale verminking als elke ingreep die leidt tot een gedeeltelijke of volledige verwijdering van de externe geslachtsorganen (zoals (een deel van) de clitoris of de schaamlippen) van de vrouw of elke andere verwonding van de vrouwelijke geslachtsorganen toegebracht om niet-medische redenen.
...

Vrouwenbesnijdenis wordt vaak afgedaan als een typisch probleem voor (Subsaharaans) Afrika, ook al komt VGV lang niet in alle Afrikaanse landen voor. In Madagascar, Botswana en Zuid-Afrika bijvoorbeeld is de praktijk haast onbekend. Bovendien heeft de WGO ondervonden dat er ook in Azië, het Midden-Oosten en in bepaalde inheemse gemeenschappen in Zuid-Amerika vrouwen besneden worden. Toch is er over vrouwenbesnijdenis in bijvoorbeeld Indonesië of Iran veel minder bekend, omdat de WGO of UNICEF zich enkel kunnen baseren op cijfers verkregen uit de Demographic and Health Surveys (DHS) of Multiple Indicator Cluster Surveys (MICS). Aangezien landen zelf kunnen kiezen over welke onderwerpen er cijfers worden vrijgegeven en genitale verminking een gevoelig thema is -zelfs voor zij die het niet zelf hebben ondergaan- zorgde ervoor dat er weinig officiële nationale cijfers beschikbaar zijn en men beroep moet doen op onderzoeksrapporten van organisaties die niet met de overheid verbonden zijn. Het is heel belangrijk, benadrukt GAMS, om een zo volledig mogelijk beeld te hebben van waar vrouwelijke genitale verminking voorkomt, omdat ze zo ook beter kunnen helpen. Gespecialiseerde organisaties zoals GAMS merken dat personen uit Subsaharaanse gebieden sneller doorverwezen naar hun diensten vanuit asielinstanties of partnerorganisaties, maar dat dit bijvoorbeeld voor nieuwkomers uit Irak, Iran of Egypte dan weer niet vaak gebeurt en die mensen dus eigenlijk geen toegang hebben tot de juiste begeleiding. Vanwege het grote taboe dat op het onderwerp rust durven slachtoffers er zelden zelf over te beginnen, en is het dus absoluut noodzakelijk dat hulpverleners die link kunnen leggen. Dat gaat natuurlijk alleen maar wanneer de beschikbare informatie vanuit de internationale overheden correct en volledig is. In Europa en de Verenigde Staten was het wegsnijden van de clitoris nog tot midden 20e eeuw een populaire methode om vrouwen te 'genezen' van hysterie, nymfomanie of homoseksualiteit. Vrouwelijke genitale verminking is vandaag de dag bij wet verboden in België, maar dat wil niet zeggen dat dit soort praktijken hier niet uitgevoerd werden (en wellicht worden).GAMS schrijft dat volgens prevalentiestudies uit 2016 er in Europa 180.000 meisjes en vrouwen het risico lopen om besneden te worden, in België zijn dat er iets meer dan 4000. Het gaat hier enkel over vrouwen afkomstig van landen waar genitale verminking een culturele traditie vormt. Hoewel deze vrouwen wonen in een land waar het niet toegestaan is, bestaat de kans dat ze toch nog besneden worden wanneer ze 'op reis' gaan naar hun thuisland of hun familie gaan bezoeken. Technisch gezien is de praktijk dan niet in België uitgevoerd, en er is tot op heden ook geen officieel bewijs dat er ooit een traditionele vorm van vgv zou hebben plaatsgevonden op Belgisch grondgebied. Toch worden gespecialiseerde organisaties regelmatig gecontacteerd door artsen die te maken krijgen met ouders die willen dat hun dochter besneden zou worden, of getuigen gynaecologen dat hen al wel eens gevraagd wordt de vagina na de bevalling weer dicht te naaien. GAMS stelt daarom dat men niet langer kan ontkennen dat vrouwenbesnijdenis ook in België voorkomt. Omdat vrouwelijke genitale verminking vaak voorkomt in landen waar moslims wonen wordt het vaak beschreven als een moslimpraktijk, maar niet alle moslimlanden kennen een traditie van vrouwelijke genitale verminking. Zo komt het niet voor in onder andere Marokko, Algerije en Tunesië. Daarnaast kennen net heel wat christelijke en animistische gemeenschappen, zoals in Nigeria en Sierra Leone, deze praktijk wel. Religie is namelijk niet de enige achterliggende reden voor vrouwenbesnijdenissen. Sommigen doen het ook bijvoorbeeld uit overtuiging omdat het reiner is over zelfs beter voor de gezondheid van de vrouw. Stellen dat vrouwenbesnijdenis inherent is aan een bepaalde godsdienst is opnieuw een blinde vlek creëren, aldus GAMS. Westerlingen omschrijven vrouwelijke genitale verminking vaak als een barbaars en achterhaald gebruik omdat we weten wat de psychische en lichamelijke gevolgen zijn voor vrouwen die zo'n besnijdenis hebben ondergaan. Toch denken mensen die betrokken zijn bij de praktijk vaak dat ze in hun recht zijn, omdat ze een traditie respecteren, de maagdelijkheid van de vrouw beschermen, hun geloof volgen of ervan overtuigd zijn dat een besnijdenis hygiënisch is. Je zou dus kunnen stellen dat wie zijn of haar dochter een vrouwelijke genitale verminking laat ondergaan een rationele keuze maakt, hoe barbaars die daad in onze ogen ook mag lijken.Natuurlijk heeft vrouwelijke genitale verminking in de eerste plaats betrekking op vrouwen; zij zijn immers het directe slachtoffer. Toch pleit GAMS ervoor om bewustmakingsinitiatieven over vrouwenbesnijdenis niet enkel op vrouwen toe te spitsen. De praktijk ligt namelijk verankerd in een patriarchale structuur, en een sociale controle die wordt uitgevoerd door de hele samenleving - door mannen én vrouwen. Volgens GAMS spelen mannen een heel belangrijke rol in het behouden of verbannen van deze traditie, net vanwege hun machtspositie. Het is daarom belangrijk dat ook mannen betrokken worden bij sensibiliseringscampagnes, zodat ze zicht echt bewust worden van de gevolgen van de praktijk. Aangezien één van de vele motieven voor vrouwelijke genitale verminking het beknotten en controleren van de seksualiteit van de vrouw is, is het logisch dat zo'n ingreep gevolgen heeft voor de seksuele beleving van die vrouw. Maar, zo stelt GAMS, dat hoeft niet altijd zo te zijn. "Denken aan seks of verlangen naar intiem contact en seksuele strelingen kunnen bij iedere vrouw voorkomen, of zij besneden is of niet", aldus Céline Liurno, psychologe en seksuologe bij het Cendre de Planning familial van de FPS. "Seksualiteit is iets menselijks dat zich doorheen de tijd ontwikkelt en waarover men steeds meer leert. De aan- of afwezigheid van de clitoris verandert hier niets aan." Sommigen stellen dat het uitvoeren van een vrouwenbesnijdenis in een ziekenhuis of bij een arts een mogelijke oplossing voor het probleem zou kunnen zijn, en een manier om de risico's ervan te beperken. Het lijkt logisch, maar toch kent deze mening ook veel protest. Zo klinkt het dat de gevolgen van zo'n vrouwelijke genitale verminking niet alleen afhankelijk zijn van de steriliteit van de omgeving of de deskundigheid van de arts die de handeling uitvoert. Bovendien wis je met het medicaliseren van deze besnijdenis niet de achterliggende redenen van vgv, waardoor de praktijk in stand zal worden gehouden, zeggen tegenstanders. Jessica Tatout, projectverantwoordelijke van GAMS België spreekt ook van landen waar ze meisjes dan een tweede gaan besnijden, omdat de arts tijdens de eerste handeling niet voldoende heeft weggehaald, waardoor moeders, tantes of grootmoeders de ingreep nog eens zullen overdoen. "Dit is dubbel lijden, wat is daar het nut van?"Waarom klinken er zoveel stemmen tegen vrouwenbesnijdenis en zelden (hoorbaar) tegen mannenbesnijdenis? Sterker nog: in Sex and the City vinden de dames dat een man besneden moet zijn 'want dat ziet er properder uit'. Toch zijn de twee niet zo verschillend, zegt GAMS. Natuurlijk is het zo dat wanneer een man besneden wordt, dat voornamelijk uit religieuze overwegingen of om hygiënische voordelen gedaan wordt. Het zou ook het seksleven voor de man aangenamer maken, terwijl vrouwen net besneden worden om hun seksualiteit te beknotten. Maar het is eveneens een handeling die wordt uitgevoerd op het lichaam van een kind zonder dat dit kind er toestemming voor geeft. En in verschillende betrokken gemeenschappen is zowel vrouwen- als mannenbesnijdenis een verplicht initiatieritueel naar volwassenheid. Daarom dat er ook verenigingen zijn die strijden tegen elke vorm van genitale verminking, zoals het Franse Droits au Corps. In Vlaanderen zijn er momenteel geen organisaties die specifiek rond dit onderwerp werken.