Organisch: de wormenbak

De situatie

Samen met mijn vriend woon ik in een rijhuis in de stad. We hebben een stadskoertje, maar geen plaats voor een composthoop. Aangezien we beiden vegetariër zijn, hebben we heel wat groente- en fruitafval. De klassieke GFT-zakjes willen we vermijden, aangezien ze nogal snel vol geraken en beginnen stinken en lekken nog voor we ze aan de deur mogen deponeren voor de vuilniskar.

Het testobject

Al enkele jaren zijn we de trotse eigenaars van een wormenbak. Ik kocht ons exemplaar in het EcoHuis in Antwerpen, voor twintig euro, maar je kunt ook zelf aan de slag of er eentje aanschaffen via een webwinkel. De wormen die in de bak moeten zijn strooiselwormen (ook bekend onder de namen tijgerworm en compostworm). Ze zijn iets kleiner en donkerder dan de klassieke roze regenworm. Wij visten de onze uit het compostvat van het EcoHuis. Je kunt ook gaan graaien bij vrienden die een composthoop, -vat of wormenbak hebben. Vies? Valt heus wel mee!

De belofte

Je kunt de wormenbak zowel binnen als buiten zetten. In een wormenbak wordt je groenafval verteerd door wormen, die hulp krijgen van bacteriën, schimmels en micro-organismen. Als je de bak op de juiste manier gebruikt, komen er geen vieze geurtjes naar boven gekringeld. Als cadeautje krijg je na een tijdje compost en percolaat: sap dat overblijft na het composteren en dat je sterk verdund aan je planten kunt geven als natuurlijke, zelf geoogste plantenvoeding.

Een basic wormenbak, of 'vermicomposter'. Fans van design kunnen gemakkelijk exemplaren vinden die een toegevoegde waarde leveren aan hun interieur. , Getty
Een basic wormenbak, of 'vermicomposter'. Fans van design kunnen gemakkelijk exemplaren vinden die een toegevoegde waarde leveren aan hun interieur. © Getty

Het testverslag

Wie al op voorhand z'n neus ophaalt voor dit concept wil ik meteen geruststellen: de wormen blijven netjes in hun bak - een waar wormenparadijs - en de bak verspreidt ook geen stank als je het goed aanpakt. Wel vergt het wat research of de helpende hand van een wormenbakexpert om de bak goed op gang te krijgen.

Toen we startten met deze manier van composteren, woonden we nog in een klein appartement en plaatsten we de bak in de opslagruimte, waar ook onze wasmachine stond. We hebben er nooit wormenlijkjes gevonden. Inmiddels zijn we verhuisd naar een huis met stadskoer en hebben onze wormen dus ook een nieuwe thuis gekregen: ze wonen nu in de gemetselde tuinbank. Onze gasten nemen dus nietsvermoedend plaats op onze wormenbak, enkel afgeschermd door het plastic deksel van de bak en een houten deksel dat fungeert als zitbank. Dit lijkt ons een goede plek, aangezien de wormen niet tegen de vlakke zon, maar ook niet tegen vriestemperaturen en regen kunnen. Je kunt de bak dus best afschermen voor de grillen van het Belgische weer.

De wormen mogen gevoed worden met groen en bruin materiaal zoals onverwerkt groente- en fruitafval, onbespoten snijbloemen, geplette eierschalen, thee en koffiedik, houtschaafsel, dode bladeren, stro, onkruid en occasioneel wat krantensnippers. Gekookt eten, dierlijke resten en mest lusten ze niet. Let ook wat op met citrusschillen en ajuin - die willen de wormen niet elke dag op het menu. Geef de wormen geen indigestie. Ze overvoederen is immers nefast voor de werking van je wormenbak. Merk je dat je telkens te veel afval hebt, koop dan een grotere bak of een tweede exemplaar.

Het vocht verwijderen kan je doen door de onderste bak los te maken en het sap over te gieten in een fles of gieter. Nog makkelijker is een bak met kraantje te kopen, zodat je gewoon hoeft af te tappen. Wij hebben geen kraantje, wat bij nader inzien toch handig was geweest. We wachten hierdoor vaak erg lang met het percolaat te verwijderen, waardoor de bak immens zwaar wordt. De compost - het zwarte goud - kan je ook gebruiken voor je planten door het te mengen met potgrond of bij de aarde van je tuintje te gooien. Een werkende wormenbak kan je vier weken ongemoeid laten, dus een lange tijd van huis zijn, is geen probleem. Ben je langer weg? Vraag dan de buren om wat vocht af te tappen en groenafval en bruin materiaal bij te werpen.

Een schematische weergave van de opbouw van een wormenbak, hier met kraantje voor het percolaat., Getty
Een schematische weergave van de opbouw van een wormenbak, hier met kraantje voor het percolaat. © Getty

Is dit de meest gemakkelijke manier om van je groenafval af te geraken? Neen. Maar het is wel ecologisch, goedkoop en werkt - mits wat inzet en geduld - heel goed. Ik zou het zeker aanraden aan stadsbewoners met te weinig plaats voor een heuse composthoop en een groene inborst.

Elektronisch: 'The Mulch'

De situatie: Ik woon met mijn twee huisgenoten in een stadswoning met een koertje dat te klein is voor een compostvat, maar met een groenten- en fruitconsumptie die flink boven het Belgisch gemiddelde ligt. Daarnaast hebben we regelmatig bloemen in huis. Kortom: veel groenafval, en de GFT-zakjes van de stad zijn er niet altijd tegen bestand.

Het testobject: Ik test The Mulch, een apparaat dat groenafval reduceert tot droog en geurloos organisch materiaal door het te verhitten en vervolgens te vermalen. Je hebt ze in twee formaten: een ter grootte van een uit de kluiten gewassen pedaalemmer en de Mini, die je volgens de website op het aanrecht kwijt kan. Ik gebruik de laatste twee weken lang.

De belofte: The Mulch zou volgens fabrikant Fritel komaf moeten maken met de ongemakken van negentig procent van het huishoudelijk afval. Daarbij denkt de friteuseproducent aan lekkende zakken, fruitvliegjes en hinderlijke geuren.

Fritel
© Fritel

Het testverslag: Wanneer de Mini Mulch aankomt, ben ik eerst en vooral verrast door de omvang van het ding. Ik dubbelcheck of de levering goed is gelopen en jawel, het is wel degelijk de Mini die mijn gang barricadeert. Geen nood, denk ik: ik zet het apparaat wel in de kast waar nu mijn groenafvalbak staat, die heb ik dan toch niet nodig. Mijn testperiode is nog niet goed en wel begonnen of ik maak al twee fouten: de Mulch mag niét in een afgesloten ruimte staan en ik zal mijn groenafvalbak wél nog nodig hebben.

De instructies leren me immers dat de Mulch dertig centimeter van een muur moet staan. Wanneer ik hem later aan het werk zet, blijkt waarom: er ontsnapt flink wat stoom tijdens het proces. Niet ideaal in een kast, dus. Het apparaat komt op mijn aanrecht terecht, waar het een groot, log volume inneemt omdat ik het er ook niet in een hoek mag schuiven. Zo springt het erg in het oog - en niet noodzakelijk op de goede manier.

Verder bladerend door de instructies leer ik dat niet al het groenafval in de Mulch mag. Zo kan hij bijvoorbeeld geen pruim- of abrikozenpitten verwerken. Jammer, zo midden in het seizoen en met liefhebbers van pitfruit in huis. Bovendien is de container voor groenafval, ondanks de grote omvang van de machine, erg klein. De Mini zou geschikt moeten zijn voor een klein gezin (daar rekende ik ons huishouden van twee volwassenen en een kleintje toe), maar wij zetten de machine bijna elke dag op en zelfs dan nog moeten we gewone GFT-zakjes blijven gebruiken, bijvoorbeeld voor snijbloemen die hun beste tijd hebben gehad en niet in de container passen.

Wanneer je bakje vol is en je de machine inschakelt, begint die de inhoud te verhitten, om hem daarna fijn te malen en af te koelen. Daar doet het toestel enkele uren over. Dat levert proper, geurloos materiaal op dat je in de groenafvalzak kan meegeven of tussen je planten kan strooien. Ik koos voor het laatste en mijn planten lieten alvast nog niet weten daar niet akkoord mee te gaan.

Het droge en geurloze materiaal kan achteraf gewoon bij de planten worden gekapt. , Franssen Keukens
Het droge en geurloze materiaal kan achteraf gewoon bij de planten worden gekapt. © Franssen Keukens

Hoewel de Mini Mulch volgens de letter doet wat hij belooft, hangt er toch een wrange nasmaak aan vast. De website leert ons dat het verbruik op een jaar tijd vergelijkbaar is met dat van een A++-wasmachine. Tenminste: bij een gebruik van twee tot drie keer per week, maar ik zat tijdens mijn twee weken al merkelijk hoger. Zelfs wanneer je dat verbruik aanvaardbaar vindt voor een elektrisch toestel, voelt het simpelweg wat buitenproportioneel en niet van deze tijd aan om een machine in te schakelen voor iets dat zonder die machine ook wel zou gebeuren, mits wat tijd. En dan vergeten we voor het gemak nog even dat het toestel ook gemaakt en getransporteerd moest worden en dat je elke vier tot zes maanden een nieuwe plastic geurfilter moet installeren.

Deze machine maakt groenafval compact en geurloos en biedt zo een soort oplossing voor een soort probleem. Maar het voelt toch als het licht laten branden terwijl de zon schijnt: iets wat je simpelweg niet doet.

Mini Mulch (699,99 euro) en Maxi Mulch (1499,99 euro), te vinden in de betere elektronicazaak.

De situatieSamen met mijn vriend woon ik in een rijhuis in de stad. We hebben een stadskoertje, maar geen plaats voor een composthoop. Aangezien we beiden vegetariër zijn, hebben we heel wat groente- en fruitafval. De klassieke GFT-zakjes willen we vermijden, aangezien ze nogal snel vol geraken en beginnen stinken en lekken nog voor we ze aan de deur mogen deponeren voor de vuilniskar. Het testobjectAl enkele jaren zijn we de trotse eigenaars van een wormenbak. Ik kocht ons exemplaar in het EcoHuis in Antwerpen, voor twintig euro, maar je kunt ook zelf aan de slag of er eentje aanschaffen via een webwinkel. De wormen die in de bak moeten zijn strooiselwormen (ook bekend onder de namen tijgerworm en compostworm). Ze zijn iets kleiner en donkerder dan de klassieke roze regenworm. Wij visten de onze uit het compostvat van het EcoHuis. Je kunt ook gaan graaien bij vrienden die een composthoop, -vat of wormenbak hebben. Vies? Valt heus wel mee! De belofteJe kunt de wormenbak zowel binnen als buiten zetten. In een wormenbak wordt je groenafval verteerd door wormen, die hulp krijgen van bacteriën, schimmels en micro-organismen. Als je de bak op de juiste manier gebruikt, komen er geen vieze geurtjes naar boven gekringeld. Als cadeautje krijg je na een tijdje compost en percolaat: sap dat overblijft na het composteren en dat je sterk verdund aan je planten kunt geven als natuurlijke, zelf geoogste plantenvoeding. Het testverslag Wie al op voorhand z'n neus ophaalt voor dit concept wil ik meteen geruststellen: de wormen blijven netjes in hun bak - een waar wormenparadijs - en de bak verspreidt ook geen stank als je het goed aanpakt. Wel vergt het wat research of de helpende hand van een wormenbakexpert om de bak goed op gang te krijgen.Toen we startten met deze manier van composteren, woonden we nog in een klein appartement en plaatsten we de bak in de opslagruimte, waar ook onze wasmachine stond. We hebben er nooit wormenlijkjes gevonden. Inmiddels zijn we verhuisd naar een huis met stadskoer en hebben onze wormen dus ook een nieuwe thuis gekregen: ze wonen nu in de gemetselde tuinbank. Onze gasten nemen dus nietsvermoedend plaats op onze wormenbak, enkel afgeschermd door het plastic deksel van de bak en een houten deksel dat fungeert als zitbank. Dit lijkt ons een goede plek, aangezien de wormen niet tegen de vlakke zon, maar ook niet tegen vriestemperaturen en regen kunnen. Je kunt de bak dus best afschermen voor de grillen van het Belgische weer. De wormen mogen gevoed worden met groen en bruin materiaal zoals onverwerkt groente- en fruitafval, onbespoten snijbloemen, geplette eierschalen, thee en koffiedik, houtschaafsel, dode bladeren, stro, onkruid en occasioneel wat krantensnippers. Gekookt eten, dierlijke resten en mest lusten ze niet. Let ook wat op met citrusschillen en ajuin - die willen de wormen niet elke dag op het menu. Geef de wormen geen indigestie. Ze overvoederen is immers nefast voor de werking van je wormenbak. Merk je dat je telkens te veel afval hebt, koop dan een grotere bak of een tweede exemplaar. Het vocht verwijderen kan je doen door de onderste bak los te maken en het sap over te gieten in een fles of gieter. Nog makkelijker is een bak met kraantje te kopen, zodat je gewoon hoeft af te tappen. Wij hebben geen kraantje, wat bij nader inzien toch handig was geweest. We wachten hierdoor vaak erg lang met het percolaat te verwijderen, waardoor de bak immens zwaar wordt. De compost - het zwarte goud - kan je ook gebruiken voor je planten door het te mengen met potgrond of bij de aarde van je tuintje te gooien. Een werkende wormenbak kan je vier weken ongemoeid laten, dus een lange tijd van huis zijn, is geen probleem. Ben je langer weg? Vraag dan de buren om wat vocht af te tappen en groenafval en bruin materiaal bij te werpen.Is dit de meest gemakkelijke manier om van je groenafval af te geraken? Neen. Maar het is wel ecologisch, goedkoop en werkt - mits wat inzet en geduld - heel goed. Ik zou het zeker aanraden aan stadsbewoners met te weinig plaats voor een heuse composthoop en een groene inborst. De situatie: Ik woon met mijn twee huisgenoten in een stadswoning met een koertje dat te klein is voor een compostvat, maar met een groenten- en fruitconsumptie die flink boven het Belgisch gemiddelde ligt. Daarnaast hebben we regelmatig bloemen in huis. Kortom: veel groenafval, en de GFT-zakjes van de stad zijn er niet altijd tegen bestand.Het testobject: Ik test The Mulch, een apparaat dat groenafval reduceert tot droog en geurloos organisch materiaal door het te verhitten en vervolgens te vermalen. Je hebt ze in twee formaten: een ter grootte van een uit de kluiten gewassen pedaalemmer en de Mini, die je volgens de website op het aanrecht kwijt kan. Ik gebruik de laatste twee weken lang.De belofte: The Mulch zou volgens fabrikant Fritel komaf moeten maken met de ongemakken van negentig procent van het huishoudelijk afval. Daarbij denkt de friteuseproducent aan lekkende zakken, fruitvliegjes en hinderlijke geuren. Het testverslag: Wanneer de Mini Mulch aankomt, ben ik eerst en vooral verrast door de omvang van het ding. Ik dubbelcheck of de levering goed is gelopen en jawel, het is wel degelijk de Mini die mijn gang barricadeert. Geen nood, denk ik: ik zet het apparaat wel in de kast waar nu mijn groenafvalbak staat, die heb ik dan toch niet nodig. Mijn testperiode is nog niet goed en wel begonnen of ik maak al twee fouten: de Mulch mag niét in een afgesloten ruimte staan en ik zal mijn groenafvalbak wél nog nodig hebben.De instructies leren me immers dat de Mulch dertig centimeter van een muur moet staan. Wanneer ik hem later aan het werk zet, blijkt waarom: er ontsnapt flink wat stoom tijdens het proces. Niet ideaal in een kast, dus. Het apparaat komt op mijn aanrecht terecht, waar het een groot, log volume inneemt omdat ik het er ook niet in een hoek mag schuiven. Zo springt het erg in het oog - en niet noodzakelijk op de goede manier. Verder bladerend door de instructies leer ik dat niet al het groenafval in de Mulch mag. Zo kan hij bijvoorbeeld geen pruim- of abrikozenpitten verwerken. Jammer, zo midden in het seizoen en met liefhebbers van pitfruit in huis. Bovendien is de container voor groenafval, ondanks de grote omvang van de machine, erg klein. De Mini zou geschikt moeten zijn voor een klein gezin (daar rekende ik ons huishouden van twee volwassenen en een kleintje toe), maar wij zetten de machine bijna elke dag op en zelfs dan nog moeten we gewone GFT-zakjes blijven gebruiken, bijvoorbeeld voor snijbloemen die hun beste tijd hebben gehad en niet in de container passen. Wanneer je bakje vol is en je de machine inschakelt, begint die de inhoud te verhitten, om hem daarna fijn te malen en af te koelen. Daar doet het toestel enkele uren over. Dat levert proper, geurloos materiaal op dat je in de groenafvalzak kan meegeven of tussen je planten kan strooien. Ik koos voor het laatste en mijn planten lieten alvast nog niet weten daar niet akkoord mee te gaan. Hoewel de Mini Mulch volgens de letter doet wat hij belooft, hangt er toch een wrange nasmaak aan vast. De website leert ons dat het verbruik op een jaar tijd vergelijkbaar is met dat van een A++-wasmachine. Tenminste: bij een gebruik van twee tot drie keer per week, maar ik zat tijdens mijn twee weken al merkelijk hoger. Zelfs wanneer je dat verbruik aanvaardbaar vindt voor een elektrisch toestel, voelt het simpelweg wat buitenproportioneel en niet van deze tijd aan om een machine in te schakelen voor iets dat zonder die machine ook wel zou gebeuren, mits wat tijd. En dan vergeten we voor het gemak nog even dat het toestel ook gemaakt en getransporteerd moest worden en dat je elke vier tot zes maanden een nieuwe plastic geurfilter moet installeren. Deze machine maakt groenafval compact en geurloos en biedt zo een soort oplossing voor een soort probleem. Maar het voelt toch als het licht laten branden terwijl de zon schijnt: iets wat je simpelweg niet doet. Mini Mulch (699,99 euro) en Maxi Mulch (1499,99 euro), te vinden in de betere elektronicazaak.