Ik ben een buitenmens en toch woon ik al ruim vijftien jaar in de stad. Daar ben ik eerder per ongeluk gestrand, maar ondertussen wil ik er niet meer weg. Als kind konden mijn ouders me nochtans alleen bij extreem slecht weer binnenhouden. Op elk ander moment speelde ik in de tuin, of in het bos aan de overkant. Ik hing er ondersteboven aan een tak of trok me terug in een zelfgebouwd kamp onder de wortels van een omgevallen boom. Ik kende het bos op m'n duimpje, zelfs in het donker vond ik er zonder moeite of angst mijn weg. Nog steeds voel ik me 's nachts in de stad tussen de huizen en auto's minder op mijn gemak dan in het schijnsel van de maan tussen de bomen en struiken.
...

Ik ben een buitenmens en toch woon ik al ruim vijftien jaar in de stad. Daar ben ik eerder per ongeluk gestrand, maar ondertussen wil ik er niet meer weg. Als kind konden mijn ouders me nochtans alleen bij extreem slecht weer binnenhouden. Op elk ander moment speelde ik in de tuin, of in het bos aan de overkant. Ik hing er ondersteboven aan een tak of trok me terug in een zelfgebouwd kamp onder de wortels van een omgevallen boom. Ik kende het bos op m'n duimpje, zelfs in het donker vond ik er zonder moeite of angst mijn weg. Nog steeds voel ik me 's nachts in de stad tussen de huizen en auto's minder op mijn gemak dan in het schijnsel van de maan tussen de bomen en struiken. Maar als ik tegenwoordig 's avonds laat thuiskom van de redactie ervaar ik de nabijheid van winkels en restaurants als een luxe, de nabijheid van de natuur is net iets minder urgent. Al kan ik het niet laten om op Instagram en Pinterest langs de beelden met #cabinlife te scrollen en even weg te dromen. En in het weekend of tijdens vakanties even ontsnappen naar een huisje in het bos spreekt me nog steeds aan. Even was er hoop, toen Joke Schauvliege in 2017 besloot de brede laan die langs ons huis loopt te laten inkleuren als bosgebied, maar het duurde niet lang voor zelfs de grootste optimist doorhad dat honderd bomen op een rij nog geen bos vormen. En enkele weken later werd het bos administratief gekapt toen de boskaart sneuvelde. Gelukkig is er nog onze kleine stadstuin. Een groene oase, net groot genoeg om na een drukke werkdag, liggend op de tuinbank, in tot rust te komen. Ook het snoeien, planten en in de aarde wroeten bezorgen me plezier. Maar toch mis ik zo nu en dan het overweldigende groen van een echt bos. Net als de Japanners hou ik van 'shinrin-yoku' of bosbaden. Door een bos wandelen met al je zintuigen op scherp is heel ontspannend, het doet de wereld even stilstaan. Volgens onderzoek van de Japanse immunoloog Qing Li zijn de weldaden van het bosbaden wetenschappelijk bewezen: het zou stress- en bloeddrukverlagend werken en een gunstige invloed hebben op angsten en depressies. In Japan durft een huisarts een patiënt al eens op voorschrift het bos in te sturen. Geen wonder dus dat ook in onze drukke westerse samenleving activiteiten in de natuur aan populariteit winnen. Vogelspotten is aan een steile opmars bezig, en de Bushcraft-weekends van Natuurpunt, waarbij je met een gids de natuur in trekt en survivaltechnieken leert, zijn al weken op voorhand volgeboekt. Ik hou het liever eenvoudig: ik ben al tevreden met een frisse boswandeling. Vooral bij het wisselen van de seizoenen krijg ik enorm veel zin om mijn stapschoenen aan te trekken. In elk jaargetijde verandert een bos van geur en gedaante. Helaas telt Vlaanderen steeds minder bossen. En er is geen beterschap op komst: de betonstop is alweer doorgeschoven naar de volgende regering. Als meest gebetonneerde regio van Europa hebben we dringend nood aan meer groen. Om de gevolgen van de klimaatopwarming tegen te gaan, zeker, maar ook voor ons mentaal welzijn. In afwachting scrol ik verder langs #cabinlife, zoek zo nu en dan een echt bos op, en als dat niet meer volstaat, moet ik misschien, zoals de getuigen uit onze reportage in Knack Weekend deze week, een carrièreswitch overwegen en opteren voor een job in de openlucht.