Het lijkt een evidentie dat elke vorm van sociaal onrecht de hele samenleving zorgen baart, maar dat is niet zo. Wie vandaag de ongerechtvaardigde benadeling van vrouwen aankaart, krijgt meestal een van de volgende twee reacties. Sommigen willen tot halverwege toegeven maar vinden dat dan gelijk moet worden overgestoken: 'Ja, vrouwen trekken soms aan het kortste eind, maar ook mannen hebben het soms moeilijk'. Dat wordt door geen enkele feministe ontkend. Maar het moeilijk hebben is niet noodzakelijk een gevolg van sociaal onrecht. Wanneer het aantoonbaar wel zo is dat bepaalde groepen mannen systematisch benadeeld worden in het verwerven van een job, een woning, een forum om te spreken, dan zijn hedendaagse feministen (zoals Mari Mikkola, Tithi Bhattacharya, Cinzia Arruzza) de eersten om te zeggen dat ook hun onderdrukking onze zaak is. Rechtvaardigheid is geen zero-sum-game: alsof alleen recht kan gedaan worden aan vrouwen als men de ogen sluit voor onrecht gedaan aan anderen.

Zolang de vrouw en niet de bal wordt gespeeld, zal een Internationale Vrouwendag nodig blijven

Een andere reactie neemt een van de volgende vormen aan 'Het is onsmakelijk, zelfs immoreel, dat vrouwen de aandacht op zichzelf durven vestigen.' 'Ze hebben al zo veel gekregen.' 'Wie nu nog klaagt, wentelt zich in een slachtofferrol.' Het aanklagen van nog steeds bestaand onrecht, het wijzen op machtsmisbruik wordt gezien als ondankbaar of zwak, terwijl het, zeker gezien de vele misogyne milieus die Vlaanderen nog rijk is, net heel veel moed en kracht vergt.

Veel mensen kunnen er zich niet toe brengen om te luisteren naar ervaringen van achterstelling, vernedering, intimidatie. Ze minimaliseren het leed of maken van het slachtoffer een dader. De logica hierachter werd door de feministische schrijfster Sara Ahmed treffend samengevat: 'When we describe the problem, we become the problem.' Zolang de vrouw en niet de bal wordt gespeeld, heeft onze wereld een Internationale Vrouwendag nodig.

Het lijkt een evidentie dat elke vorm van sociaal onrecht de hele samenleving zorgen baart, maar dat is niet zo. Wie vandaag de ongerechtvaardigde benadeling van vrouwen aankaart, krijgt meestal een van de volgende twee reacties. Sommigen willen tot halverwege toegeven maar vinden dat dan gelijk moet worden overgestoken: 'Ja, vrouwen trekken soms aan het kortste eind, maar ook mannen hebben het soms moeilijk'. Dat wordt door geen enkele feministe ontkend. Maar het moeilijk hebben is niet noodzakelijk een gevolg van sociaal onrecht. Wanneer het aantoonbaar wel zo is dat bepaalde groepen mannen systematisch benadeeld worden in het verwerven van een job, een woning, een forum om te spreken, dan zijn hedendaagse feministen (zoals Mari Mikkola, Tithi Bhattacharya, Cinzia Arruzza) de eersten om te zeggen dat ook hun onderdrukking onze zaak is. Rechtvaardigheid is geen zero-sum-game: alsof alleen recht kan gedaan worden aan vrouwen als men de ogen sluit voor onrecht gedaan aan anderen. Een andere reactie neemt een van de volgende vormen aan 'Het is onsmakelijk, zelfs immoreel, dat vrouwen de aandacht op zichzelf durven vestigen.' 'Ze hebben al zo veel gekregen.' 'Wie nu nog klaagt, wentelt zich in een slachtofferrol.' Het aanklagen van nog steeds bestaand onrecht, het wijzen op machtsmisbruik wordt gezien als ondankbaar of zwak, terwijl het, zeker gezien de vele misogyne milieus die Vlaanderen nog rijk is, net heel veel moed en kracht vergt. Veel mensen kunnen er zich niet toe brengen om te luisteren naar ervaringen van achterstelling, vernedering, intimidatie. Ze minimaliseren het leed of maken van het slachtoffer een dader. De logica hierachter werd door de feministische schrijfster Sara Ahmed treffend samengevat: 'When we describe the problem, we become the problem.' Zolang de vrouw en niet de bal wordt gespeeld, heeft onze wereld een Internationale Vrouwendag nodig.