Kun je me een boek aanraden? Een vraag waar ik altijd weer nerveus van word. Want het is niet omdat elk literair supplement Lize Spit en Stefan Hertmans met sterren overlaadt of omdat ik Anna Gavalda of Roddy Doyle doodgraag lees, dat jij het daarmee eens zult zijn. Les goûts et les couleurs, weet je wel. Maar er zijn toch meesterwerken waar we allemaal van genieten? Een kleine rondvraag in mijn omgeving levert niet meteen een antwoord op. Marcel Proust, Jane Austen, Jonathan Franzen of Hanya Yanagiraha, ze hadden allemaal hun fans, maar ook hun tegenstanders. En dat is niet meer dan normaal, schrijft Tim Parks (een van mijn favoriete schrijvers) in The Novel, A Survival Ski...

Kun je me een boek aanraden? Een vraag waar ik altijd weer nerveus van word. Want het is niet omdat elk literair supplement Lize Spit en Stefan Hertmans met sterren overlaadt of omdat ik Anna Gavalda of Roddy Doyle doodgraag lees, dat jij het daarmee eens zult zijn. Les goûts et les couleurs, weet je wel. Maar er zijn toch meesterwerken waar we allemaal van genieten? Een kleine rondvraag in mijn omgeving levert niet meteen een antwoord op. Marcel Proust, Jane Austen, Jonathan Franzen of Hanya Yanagiraha, ze hadden allemaal hun fans, maar ook hun tegenstanders. En dat is niet meer dan normaal, schrijft Tim Parks (een van mijn favoriete schrijvers) in The Novel, A Survival Skill. Parks leerde aan Cambridge en Harvard dat het leven van een schrijver niet verward mag worden met zijn werk. 'We hadden het nooit over de auteurs zelf, en de rol van hun boeken in dat leven. Anderzijds ging het ook nooit over hoe en waarom lezers heel persoonlijk reageren op een boek. Over hoe alle deskundigen en critici soms stellen dat een bepaald werk subliem is, maar jij er misschien een intense hekel aan hebt.' Een probleem waar ik weleens last van heb. Michel Houellebecq, Connie Palmen, Gerard Reve, ik begrijp waarom hun boeken meesterwerken zijn, maar ik voel het niet. Dat ligt uiteraard volledig aan mijn ondiepzinnige smaak. Maar ik ben te streng voor mezelf, stelt Parks. Het is complexer dan smaak. 'Boeken zijn geen op zichzelf staande kunstobjecten, ze werden geplukt uit de flow van het leven van wie ze schrijft.' Natuurlijk komt fictie uit de fantasie van de auteur, maar dat is altijd de fantasie van die specifieke persoon. Opvoeding, persoonlijkheid, waarden en hoe hij of zij naar de wereld kijkt, wie de auteur is, sijpelt onvermijdelijk door in het werk en het is daarop dat we als lezer reageren. Charles Dickens bijvoorbeeld, was wegens moeilijke jeugd ontzettend bezig met de vraag waar we thuishoren, en of de mensen in een familie, groep of gemeenschap waardig genoeg zijn om erbij te horen. Daar valt niet naast te lezen in zijn boeken. Dat ik intens van zijn boeken hou, heeft volgens Parks dus te maken met het feit dat dat thema mij op een persoonlijk niveau raakt. 'We houden van boeken die spreken tot de kern van wie we zijn. Onze literaire voorkeuren zijn een onderdeel van ons bredere netwerk van relaties.' Of we een boek graag lezen heeft volgens Parks dus niet te maken met de absolute literaire kwaliteit van het werk, maar wel met de vraag of de versie van de wereld in het boek te rijmen valt met die van onszelf. 'Een boek lezen, is een beetje zoals iemand ontmoeten.' Kortom, het klikt tussen Charles en mij. Dat verklaart volgens Parks ook meteen waarom we zo hondstrouw kunnen zijn aan een auteur. Ik leerde Iain Banks kennen toen zijn The Crow Road verfilmd werd. 's Mans fantasie is donker en origineel en ik heb al zijn boeken verslonden. Zelfs de missers, ja, want een vriend mag dan af en toe de mist in gaan, het blijft je vriend. Toen Banks in 2013 overleed, heb ik gehuild. Ik was graag oud met hem geworden. Zijn laatste boek, The Quarry, staat ongelezen in mijn kast. Een mens heeft graag iets om naar uit te kijken, nietwaar. Maar of ik hem kan aanraden? Dat hangt af van wie u bent, beste lezer.