ALFRED COINTREAU (31): 'Zeker niet Monsieur Cointreau'

Roots
...

RootsEdouard-Jean en Adolphe Cointreau, de betovergrootvaders van Alfred, openden hun distilleerderij in het Franse Angers in 1849. Als zonen van snoep- en taartenmakers ontwikkelden de broers er likeuren op basis van het overvloedige fruit in hun streek. Het echte succes volgde in 1875, toen Edouard, Edouard-Jeans zoon, het recept voor zijn appelsienenlikeur perfectioneerde. Sinaasappelen waren een exotisch luxeproduct, en Edouards 'triple sec', bereid met zowel bittere als zoete appelsienschillen, was uniek dankzij de sterk geconcentreerde fruitaroma's en het beperkte gebruik van suiker. Alfreds grootvader Pierre Cointreau ging in 1991 in zee met cognachuis Rémy Martin, waardoor de groep Rémy Cointreau ontstond. Daarin hebben de Cointreaus nog steeds een minderheidsaandeel. Na een handelsopleiding in Nantes verkocht Alfred Cointreau onder meer fotokopieermachines en wierf hij kranten-advertenties voor Le Nouvel Économiste. 'Maar ik miste de passie van iemand als mijn vader, die bezeten is van auto's en mechaniek en een herstelplaats voor vintage wagens uitbaat.' Het overlijden van zijn grootvader in 2011 was een beslissend moment, zegt Alfred. 'Hij was het laatste familielid dat echt actief was in het bedrijf, en het leek me verschrikkelijk dat onze kennis en traditie als distilleerders na meer dan 160 jaar verloren zouden gaan.' En dus keerde de naar Parijs uitgeweken telg van de zesde generatie terug naar Angers. Hij ging er aan de zijde van de meester-distilleerder werken - 'tot ik de gebruikte appelsiensoorten kon herkennen door ernaar te kijken' - en verkende er bijna elk departement van het bedrijf. Nu vliegt hij als Heritage Manager en merkambassadeur de wereld rond en onderhoudt hij het contact met de verdelers van het merk en het barpersoneel dat het schenkt. Als cocktailexpert leidt hij ook barmannen en -vrouwen op in de Cointreau Académie in Angers. Vorige maand lanceerde hij Night-Time Walks, een adresjesboek dat hij samenstelde op basis van zijn wereldwijde reizen. 'Er werd nooit druk op me uitgeoefend', zegt Cointreau. 'Integendeel, op professioneel vlak werden we aangemoedigd om onze eigen weg te zoeken. Enkel in een bedrijf stappen omdat het je naam draagt, of er door de vorige generatie in geparkeerd worden, daar wordt niemand beter van.' 'Ik ben opgegroeid met de tradities rond Cointreau. Zoals bij alle kinderen deed mijn grootvader al een scheut likeur in mijn doopvont, en ik was vier toen hij me de distilleerderij toonde - toen én nu een heel indrukwekkende plek met enorme koperen ketels.' Cointreau noemt de appelsiengeur in de distilleerderij een van de sterkste herinneringen aan zijn kindertijd: 'Telkens als ik een fles Cointreau open of er een cocktail mee maak, komt hij naar boven. Al denk ik ook graag terug aan de bar van mijn grootmoeder. Daar hielp ik haar bij familiefeesten om drankjes te bereiden.' Dat het merk dat hij vertegenwoordigt zijn eigen naam draagt, maakt Cointreau naar eigen zeggen eens zo gemotiveerd: 'Het is een reden om mijn werk zo goed mogelijk te doen, en wellicht maakt het een moeilijke of lange dag wat draaglijker. In het bedrijf ben ik echter gewoon Alfred - zeker niet Monsieur Cointreau. In mijn schoenen loop je altijd het risico om gezien te worden als iemand die niets anders te doen had. In het dagelijks leven lokt mijn naam uiteraard reacties uit. Ongemerkt inchecken voor een vlucht is onmogelijk, en bij de geboorte van mijn dochtertje in 2015 vroegen de verpleegsters om cocktailrecepten.' (lacht)Familie Eames Demetrios' grootvader was Charles Eames, die met zijn tweede vrouw Ray een designerduo vormde vanaf hun kennismaking in 1940 tot aan zijn dood in 1978. Ze werden vooral bekend met zitmeubelen als de lounge chair en plastic kuipstoelen en met hun in 1949 gebouwde woning en atelier in Los Angeles. Met dezelfde, functioneel ingestelde designfilosofie maakten ze echter ook foto's, documentaires en filmische essays, expo's, cursusmateriaal, reclamewerk en speelgoed. Sinds het overlijden van de toen 83-jarige Ray in 1988 bewaakt en onderhoudt het Eames Office in Los Angeles hun oeuvre. ParcoursEames voltooide zijn studies aan Harvard in 1984 en is sindsdien filmmaker en kunstenaar. Hij maakte meer dan zestig documentaires en video's, zowel rond cultureel antropologische thema's als design, en werkt al tien jaar aan Kcymaerxthaere, een multidisciplinair storytellingproject waarbij hij wereldwijd installaties plaatst - 'als een roman waarvan elke pagina zich op een andere plek bevindt'. Daarnaast leidt hij sinds 1993 het Eames Office en zit hij de bestuursraad voor van de Eames Foundation. Die laatste beschermt de woning van het designerkoppel en stelt ze open voor het publiek. 'In mijn kindertijd waren designers nog geen rocksterren. Voor mij waren mijn grootvader en stiefgrootmoeder in de eerste plaats boeiende mensen die helemaal hun ding deden en daar enthousiast over vertelden', zegt Eames. Dat de familienaam van zijn grootvader zijn voornaam werd, een kwestie die hij vaak moet uitleggen, was een ingeving van zijn moeder Lucia, een kind uit Charles Eames' eerste huwelijk. Demetrios is de familienaam van de Griekse beeldhouwer die ze huwde. De heruitgave van de Eames-ontwerpen door Vitra en Herman Miller, de restauratie van de films van het duo, de tentoonstellingen en toonaangevende publicaties over de designers, de vertaling van hun ideeën in educatieve projecten: overal is hun kleinzoon bij betrokken. 'Ik ben er allemaal veel intensiever mee bezig dan ik me vooraf kon voorstellen. Maar dit raakt me persoonlijk. Doordat ik de laatste jaren van haar leven veel met Ray optrok en een film over de sluiting van het atelier maakte, raakte ik ervan overtuigd dat hun werk bewaard moest blijven voor de toekomst, en dat ik daar actief bij betrokken wilde zijn. Ik wijdde enkele jaren aan research naar hun oeuvre en werkwijze, en dat kwam voor mij neer op learning design backwards. Hun opvattingen over de designer als goede gastheer bijvoorbeeld, daar hadden ze me in mijn jeugd nooit over verteld. Maar ze verklaren perfect hoe ze met ons omgingen en wat we volgens hen nodig hadden als kinderen.' Conflicten tussen zijn verschillende activiteiten zijn onvermijdelijk, bekent Eames. 'Zeker wanneer een daarvan even al mijn aandacht vergt. Maar als ik zie wat we allemaal bereikt hebben, hoe we hun ideeën vertolken en toegankelijk maken, dan ben ik gelukkig. Zoals velen heb ik mijn eigen projecten, maar geef ik me daarnaast ook over aan iets dat niet om mezelf draait. Andere mensen doen dat bijvoorbeeld door liefdadigheids- of buurtwerk. En als het allemaal wat te veel dreigt te worden, dan denk ik aan een uitspraak van mijn grootvader. De beste manier om bij te komen van een project, stelde hij, is bezig zijn met een ander project.'RootsAerins grootmoeder Estée Lauder, de dochter van Hongaarse immigranten, groeide op in Queens en raakte via haar oom, een chemicus en dermatoloog, in de ban van huidverzorging. Ze bereidde haar eerste zalfjes en crèmes in 1946 in de keuken en verkocht ze aan New Yorkse schoonheidssalons. Met de hulp van zonen Leonard en Ronald werd haar cosmeticabedrijf een beursgenoteerde groep. Die omvat naast Estée Lauder merken als Clinique, M.A.C, Aveda en La Mer en was bij Estées overlijden in 2004 - ze was toen 94 - ruim tien miljard dollar waard. De familie controleert ongeveer 87 procent van de aandelen en bekleedt diverse topfuncties. Aerins vader Ronald, zus Jane, oom Leonard en neef William zetelen allen ook in het directiecomité. De oudste kleindochter van Estée groeide op in Washington DC, New York en Wenen, waar haar vader Amerikaans ambassadeur was onder Ronald Reagan. Ze liep tijdens schoolvakanties al stage in de creatieve en marketingafdelingen van de groep en ging in 1995, na haar studies communicatie aan de University of Pennsylvania, aan de slag in het marketingteam van Prescriptives, een kleiner merk van de groep. 'Presentatie en reclame hebben me altijd gefascineerd. Het personeel voelde zich eerst niet echt op hun gemak, maar ze merkten al snel dat ik een echte passie koesterde voor het werk en de producten.' Ze noemt haar eerste stappen in het bedrijf nu de 'ideale leerschool' voor haar functies bij het huismerk Estée Lauder sinds 1997. Ze leidde er achtereenvolgens de afdelingen productontwikkeling, creatieve marketing en global advertising en is sinds 2011 Style & Image Director. In 2012 lanceerde de miljardaire, zelf een gevierd stijlicoon, haar eigen lifestylemerk Aerin, dat naast een beauty- en parfumlijn onder meer een interieurcollectie omvat. De gezamenlijke trips naar de modeshows in Parijs, de eveneens met haar grootmoeder gedeelde voorkeur voor blauw, goud en statement pieces: geen interview met Aerin of de intense band met Estée komt ter sprake. 'Ze was een ongelofelijk rolmodel. Ze leerde me het belang van passie, stijl, familie en, uiteraard, schoonheid. 'Wat je ook doet, doe het goed en maak het af', zei ze, en 'werk hard, en hou van wat je doet'.' De betrokkenheid bij Estée Lauder en de inzet voor het merk, zijn onvermijdelijk, vertelde Aerin ons: 'Het feit dat je naam op de verpakking staat, maakt je meer gehecht aan het merk. Je wilt dat het perfect is.' De 'tegelijk beangstigende en bevrijdende' lancering van een eigen merk - géén dochteronderneming van de Laudergroep - verraadt niettemin dat Aerin op haar beurt een selfmade woman wil zijn. 'Weinig vrouwen in haar positie steken hun nek uit', vertelde een vertrouweling aan Vogue bij de lancering. 'Ze wil duidelijk onafhankelijk zijn.'