'Diversiteit is een kans: bedrijven die ze niet grijpen zullen verdwijnen'

WIE: Taha Riani, 22, runt samen met Hanan Challouki het communicatiebureau Allyens.
...

'Hanan en ik zagen een gat in de markt: een creatief bureau dat zich specialiseert in inclusieve, virale millennialcommunicatie. Onze maatschappij is vandaag superdivers, jammer genoeg weten veel bedrijven niet hoe ze daarmee om moeten gaan. Ze denken in labels, net zoals de maatschappij waarin ze functioneren. Ze bekijken identiteit heel eng en kiezen voor etnomarketing (marketing die zich op specifieke etnische groepen richt, red.). Op lange termijn werkt dat niet, want als individuen zijn we allemaal complex. We hebben een etnische achtergrond, maar ook een gender, seksuele geaardheid, religie, we zijn opgegroeid in een gezin, in een buurt... Als je je klanten of personeel te eenzijdig benadert, zul je ze niet kunnen behouden. Bedrijven die diversiteit niet als een kans benutten, zullen binnen de tien jaar hopeloos onderuitgaan. Dat we met Allyens in 2,5 jaar al klanten als Colruyt, Brussels Airport en BNP Paribas mochten helpen, betekent dat bedrijven zich daarvan bewust zijn. Millennials beleven de realiteit van onze diverse samenleving elke dag, ze weten dat wij er allemaal deel van uitmaken. In plaats van te focussen op de verschillen, moeten we aandacht hebben voor onze gelijkenissen. Pas dan kan er echt verbinding ontstaan. In 2015 beslisten we om ook mvslim.com op te starten. Als een groep binnen de maatschappij gemarginaliseerd wordt, moet je een tegengewicht bieden, en op onze site tonen we dat religie maar één onderdeel is van de identiteit van moslims. Tien miljoen bezoekers per maand zijn het met ons eens. Dat het Amerikaanse zakentijdschrift Forbes Hanan en mij vorig jaar een plaats gaf in hun ' 30 under 30'-lijst is een geweldige opsteker. Ben ik een ondernemer of een activist? Ik hou niet van labels, ik ben het allebei en nog veel meer.' 'Het asielverhaal raakt mij diep. In mijn hart en hoofd komt dat thema harder binnen dan andere uitdagingen waar onze maatschappij voor staat. Dat heeft allicht met mijn opvoeding te maken. Mijn moeder is maatschappelijk werkster, van haar kreeg ik mijn sociaal engagement mee. Mijn vader is overleden, maar was bankdirecteur. Hij heeft mijn economische denken mee gevormd. Later wil ik beide interesses combineren en als politica de vluchtelingensituatie aanpakken. Mensen die petities opstarten of op straat komen om te protesteren: ik vind dat mooi, maar ik wil de oorzaak van de situatie aanpakken op hoger niveau. Ik stel mezelf drie concrete vragen. Eén: waarom vluchten mensen uit hun land en wat kunnen wij daaraan doen? Twee: hoe kunnen we de reis van vluchtelingen zo menswaardig en veilig mogelijk maken? Drie: hoe zorgen we ervoor dat die mensen, eens ze een nieuw thuisland vinden, er de taal leren en werk vinden dat bij hun talent past? Tijdens Road of Change sprak ik met vrijwilligers en vluchtelingen in onder meer Slovenië, Kroatië en Duinkerke. In onze groep debatteerden we over onze eigen verantwoordelijkheden. Vandaag probeer ik dat debat voort te zetten door lezingen te geven, op school en in mijn gemeente. Ik ben ook op zoek naar een jongerenpartij waar ik terechtkan met mijn ideeën.' 'Een online safe space voor meisjes en voor al wie zich een meisje voelt, dat is wat illustratrice Aurike Quintelier en ik wilden creëren. Een plek waar meisjes alles vinden wat ze vandaag moeten weten om een meisje te zijn. We zochten als tieners zelf dat soort info, zonder geroddel of bodyshaming. In de klassieke meisjesbladen vonden we die niet, daarom kiezen we met Fille Folle voor zelfliefde, positieve rolmodellen en empowerment. Meisjes zijn vandaag dan wel mondiger dan vroeger, ze blijven vatbaar voor allerlei boodschappen. 'Hoe je moet zijn', dat leeft nog heel sterk, en jonge meisjes maken zich die sociale normen en maatschappelijke wensen meer eigen dan we soms denken. Wij bieden een alternatief, zonder taboes en dogma's. Het gaat over masturbatie en over hoe je regels werken, mentale gezondheid en eetstoornissen, maar ook over welke boeken je absoluut gelezen moet hebben. Onze centrale boodschap is: jij bent jij en dat is genoeg. En prima. Ik liep al lang met het idee voor Fille Folle rond, maar na een avond op café zijn Aurike en ik er heel impulsief gewoon aan begonnen. Ondertussen werken we met een groep vrijwilligers en de reacties zijn heel positief. Als een meisje vertelt dat ons boek haar door haar eetstoornis geholpen heeft, is dat hartverwarmend. Af en toe komt de vraag of het ondertussen niet overbodig is, empowerment voor meisjes. Die vraag stellen is ze meteen ook beantwoorden: nee, dus.' 'Mijn bezorgdheid om het milieu komt voort uit een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Ik vind het verschrikkelijk oneerlijk dat bevolkingsgroepen die nauwelijks schuld hebben aan de opwarming van de aarde er het grootste slachtoffer van zijn. De industriële landen produceren de grootste uitstoot van broeikasgassen en toch zijn het hele gebieden in Afrika die door extreme droogte onbewoonbaar worden en verdwijnen eilanden in de Grote Oceaan als eerste van de kaart, door de stijging van de zeespiegel.Eind 2014 besloot ik om niet enkel meer docu's te bekijken over het milieu. Ik wou een deel van de oplossing worden. Ik ben een blog gestart, the-shift.org, waar ik lezers informeer over de uitdagingen waar we voor staan en de oplossingen die er vandaag al zijn. Ik vind storytelling een fijne manier om anderen te inspireren en probeer een positieve boodschap te verspreiden, al is alles wat ik schrijf wel gebaseerd op feiten en wetenschap. Ik wil met mijn blog vooral tonen dat iedereen een talent heeft om onze toekomst duurzamer te maken, of je nu iets met mode of voeding doet. Het klimaat redden doe je niet enkel met windmolens en om het tij te keren hebben we echt iedereen nodig.' 'De voorbije weken speelde ik mee in Sous les pavés, het strand, een tweetalige theatervoorstelling geïnspireerd op mei '68, gemaakt door studenten van LUCA Drama in Leuven en studenten van het IAD in Louvain-la-Neuve. Centraal stond de vraag of jongeren vandaag nog revolteren, of eerder de apocalyps afwachten. Mijn antwoord? Ik zie nog veel geëngageerde mensen, maar we komen vandaag minder op straat om te protesteren tegen één probleem, zoals de Vietnamoorlog. Onze maatschappij is meer verbrokkeld dan vijftig jaar geleden, daardoor is ook de manier waarop jongeren zich engageren anders. Zelf schrijf ik slam poetry, een vrije vorm van poëzie die ritmisch is en vaak een geëngageerde boodschap heeft. Mijn teksten gaan over het milieu, onder meer over de bosbranden in Portugal, die ik vorig jaar van dichtbij meemaakte. Ik schrijf ook over white innocence, een term gebruikt door de Nederlands-Surinaamse antropologe Gloria Wekker die slaat op het alledaagse racisme waar witte mensen zich schuldig aan maken, vooral in hun denken. Ze zien zichzelf, vaak onbewust, als toonaangevend en begrijpen daardoor bijvoorbeeld niet waarom Zwarte Piet gevoelig kan liggen bij zwarten. Door te praten met slamdichters van kleur en van andere culturen, heb ik leren inzien dat ik zelf ook meer kan doen om uit mijn ivoren toren te geraken. Waarom zit ik Black Lives Matter toe te juichen vanachter mijn computer, in plaats van mee te lopen in een protestmars? Via mijn teksten confronteer ik mezelf, met de nodige humor, met zulke vragen. De lessen die ik dit jaar krijg van Tunde Adefioye, dramaturg van de KVS, helpen mij om controversiële onderwerpen te durven aansnijden.' 'De technologische vooruitgang biedt erg veel mogelijkheden om van onze wereld een betere planeet te maken. Helaas gebruiken veel mensen technologie enkel op een passieve manier. Dagelijks verdoen we kostbare tijd op onze smartphone, in plaats van na te denken over alternatieven voor het kapitalisme, of wat onze kinderen op school écht zouden moeten leren. Bedrijven en overheden zetten technologie dan weer hoofdzakelijk in met het oog op automatisering en winstmaximalisatie. Weinig bedrijfsleiders denken na over een ethisch toekomstbeeld. Omdat ik geloof dat het anders kan, richtte ik samen met vier anderen Dear Tech op, een collectief dat mensen wil inspireren om na te denken over een humanere toekomst en hoe technologie ons daarbij kan helpen. Via opiniestukken, workshops rond ethisch coderen of lespakketten voor scholen over de invloed van technologie op ons leven willen we mensen aan het denken zetten over de uitdagingen van de toekomst. Hoe kan technologie meer ten gunste van mensen en minder in functie van macht en winst komen te staan? Organisaties die bijvoorbeeld een hackathon willen organiseren (event waarbij geëngageerde mensen en IT'ers samenkomen om creatieve oplossingen te bedenken voor een probleem, red.) om de vluchtelingensituatie aan te pakken, kunnen een beroep doen op onze ideeën.' 'Mensen een stem geven? Niet nodig. Iedereen heeft een stem. Je moet mensen een luidspreker geven, zodat er naar hen geluisterd wordt. Dat gebeurt vandaag te weinig. Mensen die in de marge van de samenleving leven, worden niet gehoord. Dat houdt mij bezig. Door een bijdrage te schrijven voor Zwart, een bloemlezing van zwarte auteurs uit de Lage Landen. Of met Black Speaks Back, een mediaplatform voor en door zwarte mensen op Facebook, Twitter en YouTube. Het idee kwam van Emma-Lee Amponsah, maar ik wist meteen dat dit belangrijk was. Deden de klassieke media hun job, dan was Black Speaks Back niet nodig. Maar diversiteit is ver te zoeken, en soms lijkt het of we zelfs de taal niet hebben om over racisme of onze koloniale geschiedenis te spreken. Bij WOII kunnen de meeste jonge mensen zich iets voorstellen, maar het einde van de kolonisatie dateert van 1960 en met dat stuk van onze geschiedenis zijn we nog niet in het reine. Het valt ook op dat het debat rond racisme geanglicaniseerd is. Wie zijn onze helden? Mensen als Martin Luther King Jr. Terwijl onze eigen geschiedenis ons voorbeelden als Patrice Lumumba gaf. De Amerikaanse context is anders dan die van ons hier in België.'