Het is vandaag De Dag van de Slaap. Voor menig redactie een reden om ze maar weer eens van stal te halen, de Tien Tips voor een Betere Nachtrust.

Als jij deel uitmaakt van de doelgroep van deze berichten, dan kun je de geboden wel dromen. Een regelmatig ritme houden bijvoorbeeld. Je slaapkamer verduisteren. Niet te veel koffie, geen alcohol, voldoende bewegen. 's Avonds de thermostaat laag en denk eraan, geen schermpjes meer bekijken na negen uur. Waarom moeten we het allemaal nog eens lezen?

De kans is groot dat je al die zogenaamde 'slaaphygiëne' al keurig toepast - zeker als je, zoals ik, behoort tot de ruwweg tien procent van de bevolking die chronisch wakker ligt.

Dag van de Slaap zou eigenlijk Dag van de Dingen Waar we Wakker van Liggen moeten heten

Als slechte slaper kreeg ik, als ik die tips nogmaals las, steevast de neiging om na te gaan waar ik nog te kort schoot. Ik vroeg me af waarom de slaap mijn bed nog altijd schuwde en hoe het kon dat ik, ondanks mijn zorg voor 'slaaphygiëne', nog steeds te slonzig was om bij neer te liggen.

Pas toen ik de slaapwetenschap in dook, begreep ik waarom de insomniac doorgaans weinig heeft aan de enthousiaste heropvoedingspogingen der slaaphygiënisten. Dikkere gordijnen en een duur matras gaan ons echt niet helpen. Stop dus maar met zorgen over theïne en schrap de valeriaanpilletjes van je boodschappenlijstje: het zit hem niet in zulke details.

Bovendien: doordat we alsmaar hameren op dezelfde beperkte (en soms imaginaire) oorzaken van slaapproblemen, zoals 'blauw licht' en 'melatonine', blijven bredere oorzaken van onze gebroken nachten buiten zicht.

Zoals de oplopende druk om elke nacht keurig acht uur te slapen, teneinde de volgende dag optimaal te presteren op het werk. De slechte slaper wordt met de dreiging van de vreselijkste kwalen ingepeperd hoe slecht haar slaapritme is voor de gezondheid; daartegenover wordt het aanmoedigen van een goede nachtrust van werknemers door managementconsultants aangeprezen als een 'goedkope en efficiënte manier om de productiviteit op te stuwen'. (Er zijn al bedrijven die via smartwatches en slaap-apps bijhouden hoeveel hun werknemers elke nacht klokken.) Slaap als prestatie, dus - een weinig behulpzaam concept. Kom op, mensen: alles eruit halen, uurtjes afvinken, je persoonlijke efficiëntie optimaliseren: welterusten, hè!

Doordat we alsmaar hameren op dezelfde beperkte (en soms imaginaire) oorzaken van slaapproblemen blijven bredere oorzaken van onze gebroken nachten buiten zicht

Wat daarnaast onzichtbaar wordt als we ons blindstaren op onze individuele 'slaaphygiëne' als oorzaak van ons nachtelijk gewoel, zijn de bredere, dieper liggende oorzaken van slaapproblemen.

Wist je bijvoorbeeld dat armoede redelijk goed voorspelt wie er slecht en wie er goed slaapt? Dat moeten werken onder tijdsdruk zijn sporen trekt in de nacht? Dat een leefomgeving met heel weinig groen correleert met slechtere slaap? En dat eenzaamheid de kans op gebroken nachten versterkt, terwijl intensief sociaal contact juist goed lijkt te zijn voor je nachtrust?

Doordat ik met deze blik naar mijn eigen slaapprobleem ging kijken, werd mijn slapeloosheid een signaal: een reden om dingen heel anders te gaan doen. Zo verruilde ik mijn stadsleven voor een Frans gehucht, een hond, een moestuin; een leven met minder geld en meer tijd, zonder de deadline van een Amsterdamse huur. Voor het eerst in een decennium heb ik ongebroken nachten.

Je filtert eenzaamheid niet weg met een blauwlichtfilter, net zo min als financiële onzekerheid, het leven als wedloop, of de betonplaag

Neem je de bredere levenscontext van de slaper mee in je blik op slaapproblemen, dan verandert dat misschien je persoonlijke pogingen om slaap te vatten. Maar de gevolgen van die blikwissel gaan verder. Want als je kijkt naar een aantal van de fundamentele zaken die slechte slaap in de hand werken, dan zijn dat duidelijk geen dingen die een individu alleen kan oplossen en waar geen kruidenthee tegen opgewassen is. Je filtert eenzaamheid niet weg met een blauwlichtfilter, net zo min als financiële onzekerheid, het leven als wedloop, of de betonplaag. Die kwesties, die bijdragen aan slapeloosheid, zijn maatschappelijke problemen.

De Dag van de Slaap zou wat mij betreft mogen worden omgedoopt tot Dag van de Dingen waar we Wakker van Liggen. Vraag een doorsnee van de bevolking wat hen uit de slaap houdt, en je zou er een prachtig lijstje met Tien Tips voor de Politiek van kunnen maken.

Bregje Hofstede (1988) schrijft voor De Correspondent. Haar roman 'Drift' stond op de Libris-shortlist 2019, en in februari van dit jaar verscheen 'Slaap Vatten. Hoe een slapeloze de nacht terugwon'. Haar boeken worden uitgegeven door Das Mag.

Het is vandaag De Dag van de Slaap. Voor menig redactie een reden om ze maar weer eens van stal te halen, de Tien Tips voor een Betere Nachtrust. Als jij deel uitmaakt van de doelgroep van deze berichten, dan kun je de geboden wel dromen. Een regelmatig ritme houden bijvoorbeeld. Je slaapkamer verduisteren. Niet te veel koffie, geen alcohol, voldoende bewegen. 's Avonds de thermostaat laag en denk eraan, geen schermpjes meer bekijken na negen uur. Waarom moeten we het allemaal nog eens lezen? De kans is groot dat je al die zogenaamde 'slaaphygiëne' al keurig toepast - zeker als je, zoals ik, behoort tot de ruwweg tien procent van de bevolking die chronisch wakker ligt. Als slechte slaper kreeg ik, als ik die tips nogmaals las, steevast de neiging om na te gaan waar ik nog te kort schoot. Ik vroeg me af waarom de slaap mijn bed nog altijd schuwde en hoe het kon dat ik, ondanks mijn zorg voor 'slaaphygiëne', nog steeds te slonzig was om bij neer te liggen. Pas toen ik de slaapwetenschap in dook, begreep ik waarom de insomniac doorgaans weinig heeft aan de enthousiaste heropvoedingspogingen der slaaphygiënisten. Dikkere gordijnen en een duur matras gaan ons echt niet helpen. Stop dus maar met zorgen over theïne en schrap de valeriaanpilletjes van je boodschappenlijstje: het zit hem niet in zulke details. Bovendien: doordat we alsmaar hameren op dezelfde beperkte (en soms imaginaire) oorzaken van slaapproblemen, zoals 'blauw licht' en 'melatonine', blijven bredere oorzaken van onze gebroken nachten buiten zicht. Zoals de oplopende druk om elke nacht keurig acht uur te slapen, teneinde de volgende dag optimaal te presteren op het werk. De slechte slaper wordt met de dreiging van de vreselijkste kwalen ingepeperd hoe slecht haar slaapritme is voor de gezondheid; daartegenover wordt het aanmoedigen van een goede nachtrust van werknemers door managementconsultants aangeprezen als een 'goedkope en efficiënte manier om de productiviteit op te stuwen'. (Er zijn al bedrijven die via smartwatches en slaap-apps bijhouden hoeveel hun werknemers elke nacht klokken.) Slaap als prestatie, dus - een weinig behulpzaam concept. Kom op, mensen: alles eruit halen, uurtjes afvinken, je persoonlijke efficiëntie optimaliseren: welterusten, hè!Wat daarnaast onzichtbaar wordt als we ons blindstaren op onze individuele 'slaaphygiëne' als oorzaak van ons nachtelijk gewoel, zijn de bredere, dieper liggende oorzaken van slaapproblemen. Wist je bijvoorbeeld dat armoede redelijk goed voorspelt wie er slecht en wie er goed slaapt? Dat moeten werken onder tijdsdruk zijn sporen trekt in de nacht? Dat een leefomgeving met heel weinig groen correleert met slechtere slaap? En dat eenzaamheid de kans op gebroken nachten versterkt, terwijl intensief sociaal contact juist goed lijkt te zijn voor je nachtrust? Doordat ik met deze blik naar mijn eigen slaapprobleem ging kijken, werd mijn slapeloosheid een signaal: een reden om dingen heel anders te gaan doen. Zo verruilde ik mijn stadsleven voor een Frans gehucht, een hond, een moestuin; een leven met minder geld en meer tijd, zonder de deadline van een Amsterdamse huur. Voor het eerst in een decennium heb ik ongebroken nachten. Neem je de bredere levenscontext van de slaper mee in je blik op slaapproblemen, dan verandert dat misschien je persoonlijke pogingen om slaap te vatten. Maar de gevolgen van die blikwissel gaan verder. Want als je kijkt naar een aantal van de fundamentele zaken die slechte slaap in de hand werken, dan zijn dat duidelijk geen dingen die een individu alleen kan oplossen en waar geen kruidenthee tegen opgewassen is. Je filtert eenzaamheid niet weg met een blauwlichtfilter, net zo min als financiële onzekerheid, het leven als wedloop, of de betonplaag. Die kwesties, die bijdragen aan slapeloosheid, zijn maatschappelijke problemen. De Dag van de Slaap zou wat mij betreft mogen worden omgedoopt tot Dag van de Dingen waar we Wakker van Liggen. Vraag een doorsnee van de bevolking wat hen uit de slaap houdt, en je zou er een prachtig lijstje met Tien Tips voor de Politiek van kunnen maken.