Ik geloof niet in een strikt onderscheid tussen creatives en non-creatives. In het begin hielden we ons alleen bezig met grafische vormgeving, nu helpen we onze klanten om een merk uit te bouwen van A tot Z. Dan heb je geen alleswetende designer op een piëdestal nodig, maar een debatcultuur waarin ook mensen met een zakelijk profiel een stem hebben. Anders maak je algauw design om het design en spreek je enkel de voorhoede aan. Check bij onze officemanager, vertel ik het team weleens. Als zij mee is, zit je goed.
...

Ik geloof niet in een strikt onderscheid tussen creatives en non-creatives. In het begin hielden we ons alleen bezig met grafische vormgeving, nu helpen we onze klanten om een merk uit te bouwen van A tot Z. Dan heb je geen alleswetende designer op een piëdestal nodig, maar een debatcultuur waarin ook mensen met een zakelijk profiel een stem hebben. Anders maak je algauw design om het design en spreek je enkel de voorhoede aan. Check bij onze officemanager, vertel ik het team weleens. Als zij mee is, zit je goed. In het begin waren we alleen met de projecten van onze klanten bezig, niet met onszelf. Ik had Base Design opgericht met vrienden die ik had leren kennen tijdens mijn studie grafische vormgeving aan La Cambre, maar we deden alles op buikgevoel. Vonden we iemand interessant, dan zochten we naar een manier om met die persoon samen te werken. Een businessplan, de bedrijfsstructuur, een team motiveren, een inspirerende visie uitschrijven: daar kenden we allemaal niets van. Dat klinkt rock-'n-roll, maar ik ben blij dat de groeipijnen achter ons liggen. De droom is om iets uit te bouwen dat onszelf overstijgt, een platform voor communicatie en creativiteit dat ook in de toekomst volgens onze designprincipes werkt. Wie delegeert, moet ook persoonlijk nieuwe objectieven stellen. Op zeker moment wisten we dat we onze kennis en visie moesten overdragen op anderen, dat we bepaalde taken uit handen moesten geven, maar dan rijst ook de vraag hoe je zelf verdergaat en wat jou dan prikkelt. Gelukkig weet ik al langer dat mijn rol constant evolueert. Ik was bij Base Design achtereenvolgens vormgever, artdirector, creatief directeur van ons kantoor in New York en algemeen manager van de groep, en nu ben ik als partner vooral bezig met het verkennen van nieuwe opportuniteiten en activiteiten. Je omringen met kunst is voor mij een levenswijze. Net zoals het dat voor mijn vader was, een kunstschilder die uiteindelijk mijn moeder ging helpen in de modezaken die ze runde in Hasselt en dan maar werken van anderen kocht. Voor hem was dat een sociaal gegeven: een bron van vriendschappen met kunstenaars die soms wekenlang bij ons thuis logeerden, maar ook van gesprekken aan de keukentafel, inzichten over de wereld en levensgeluk. Noem me dus geen kunstverzamelaar pur sang - voor mij is kunst een permanente bron van inspiratie en volledig verweven met mijn privéleven en werk. Zo ben ik ook aan mijn eerste stukken gekomen: ik maakte voor bevriende kunstenaars een uitnodiging of een catalogus, en daarvoor kreeg ik dan een van hun werken. Onze specialisatie is dat we ons niet specialiseren. Onze klanten gaan van culturele instellingen, de modewereld en steden tot technologie en de bankensector. Omdat Thierry (Brunfaut, medeoprichter van Base Design, red.) en ik van thuis verschillende passies hebben meegekregen - hij architectuur, ik kunst en mode - maar ook omdat we in heel veel dingen geïnteresseerd zijn. Kiezen voor één sector zou ons alleen maar ongelukkig maken. Een van de fijnste aspecten van dit vak is net dat je uiteenlopende mensen kunt ontmoeten, en de expertise die je in één sector opdoet neem je mee naar een andere. Voor mij telt de kwaliteit van je werk, niet de uren die je erin steekt. Vroeger was het in onze sector heel gewoon dat je zeven dagen op zeven werkte en nooit voor tien uur 's avonds naar huis ging, nu aanvaardt niemand dat nog. Ik verwacht ook niet van mensen dat ze alles aan de kant schuiven voor hun job - in ons vak is het juist belangrijk dat je jezelf blijft voeden met andere dingen en weet wat er speelt in de wereld. Hoe meer je alles beredeneert, hoe minder je doet. Denk aan onze snelle uitbreiding naar New York in de jaren negentig, een periode waarin België amper een grafische cultuur kende en Belgische creatievelingen zelden internationale ambities koesterden. Na ons werk voor het MoMa in Queens kende iedereen ons, maar tot dan waren we vreemde vogels. Het enige wat we hadden was ons enthousiasme en een no-nonsensestijl. Die ondernemende, soms naïeve instelling heb ik ook te danken aan mijn ouders. Ze moedigden me aan om ervoor te gaan en lieten me voelen dat ze achter me stonden - een luxe die ik ook aan mijn eigen kinderen wil geven.