Ik heb in de afgelopen zeventien jaar, telkens als ik er in interviews of anderzijds naar werd gevraagd, benadrukt dat feminisme geen strijd is van de vrouwen tegen de mannen, en daar blijf ik bij. Zeker heb ik me in mijn carrière gesteund geweten door en begrip ervaren van zowel mannen als vrouwen, en hetzelfde kan worden gezegd over tegenwerking. Misogynie is evenmin een aandoening die enkel mannen treft, al zijn er manieren van kleineren en vernederen die een gevolg zijn van superioriteitswanen en het alleenrecht dat sommige mannen nog steeds menen te hebben op alle terreinen buiten het huiselijke. We leven nog steeds binnen een patriarchale machtsstructuur - de sprekende cijfers om dat te staven zullen wellicht worden aangehaald in andere bijdragen aan dit nummer - en onze blik op mensen, hun gedrag en wat ze maken wordt daardoor sterk sekse-afhankelijk ingekleurd. Het vraagt enig inzicht, enige aandacht, bereidwilligheid en inspanning ons van die neiging tot dubbele standaarden bij het beoordelen te bevrijden.

Discriminatie in het literaire veld heeft alles te maken dubbele standaarden en een gekleurde blik

Of een wereldwijd matriarchaat tot meer inclusie en minder destructie had geleid of zou leiden, is een vraag die mag worden gesteld en die we tegelijk misschien enkel speculatief kunnen beantwoorden. Uiteraard zijn vrouwen niet vrij van wreedheid, er is ook niemand die dat beweert. Maar de oorlogstoon in sommige reacties op Saskia De Costers recente initiatief rond deze vraag, boeit: de angst voor een matriarchaat - of waarschijnlijk eerder voor het verliezen van de dominantie - is bij sommigen duidelijk erg groot. Niet bij iemand die er grondige studie aan heeft gewijd echter. In de documentaire Normal is over (Renée Scheltema, 2021) benadrukt econoom Bernard Lietaer dat matriarchale maatschappijen, zoals in het oude Egypte, veel verstandiger met geld omgingen. Een dolgedraaide, hoogst schadelijke 'economische groei' zoals we die vandaag kennen, zou daar geen kans hebben gekregen. We kunnen volgens hem enkel voortbestaan mits een veel grotere klemtoon op zorg, die eveneens voor de voorbeelden van matriarchaat uit het verleden gold. Dit gezegd zijnde: volgens mij moeten we uiteindelijk streven naar een ware gelijke verdeling bij het vormgeven van samenlevingen, met een erkenning van de gelijkwaardige intelligentie van beide geslachten. En die is er nog lang niet.

Dat er geen problemen meer zijn voor vrouwen en vrouwelijke auteurs in het bijzonder, vroeger of vandaag, is evenmin zo. Voor over discriminatie in het literaire veld een terdege discussie kan worden gevoerd lijkt het me nodig de recente studie van Corina Koolen 'Dit is geen vrouwenboek. De waarheid achter man-vrouw-verschillen in de literatuur' te lezen. Zowel kwantitatieve argumenten ('ze zijn er niet') als kwalitatieve argumenten ('ze zijn niet goed genoeg') mogen nu maar eens voorgoed gezien worden voor wat ze zijn: onzin. Je geslacht verhindert je vermogen om uit te blinken in het métier niet, de ondervertegenwoordiging van vrouwelijke winnaars van de grote literaire prijzen - om één euvel te noemen - heeft dus alles met die dubbele standaarden, die gekleurde blik te maken. Met vaak onbewuste discriminatie dus.

Ik heb jarenlang getoeterd dat wie inclusie wil zich niet moet gaan afzonderen, maar kwam toch tot enkele andere behoeften en inzichten. Toen ik gevraagd werd toe te treden tot het auteurscollectief Fix dit, heb ik ingestemd. Fix dit ijvert onder andere voor meer werk van vrouwen in de literaire canon en op de leeslijsten van scholen. Het gaat daarbij volstrekt niet om het minimaliseren of schrappen van de prestaties van mannelijke auteurs uit verleden of heden. Het gaat om aanvullen in plaats van aanvallen. Ik ben in dit kader volop bezig mijn eigen blinde vlek weg te werken, met plezier en bewondering, en ontsteld over het feit dat ik zoveel moois en onbekends geschreven door vrouwen nu pas ontdek.

Het kernteam van Fix dit bestaat vooralsnog enkel uit vrouwen, al betrekken we ook mannelijke collega's bij onze acties. Hun steun is er gelukkig volop en in toenemende mate, merken we, bovenop die bondgenootschap tussen vrouwen, waaraan het te vaak heeft ontbroken. Het is hartverwarmend te merken dat er over het algemeen een luisterbereide, open sfeer hangt rond ons initiatief, en de wil bij zowel mannen als vrouwen om ertoe bij te dragen. De enkele vijandige uitbarstingen als reactie op onze positieve actie, raken dan ook niet echt.

Dat er momenteel een solidariteitsgolf plaatsvindt tussen vrouwen beperkt zich niet tot vrouwelijke auteurs, er zijn bijvoorbeeld ook initiatieven in de filmwereld en in de IT-sector. Die tonen dat er een enorme behoefte speelde aan die onderlinge solidariteit, ingegeven door gedeelde grieven, die zo vaak als hersenspinsels en gezeur werden en worden weggezet als je ze op je eentje ter sprake brengt.

De wens om 'mensen' te zijn in plaats van 'mannen en vrouwen' of 'zwart en wit' of 'arm en rijk' deel ik helemaal. Juist daarom is het soms nodig dat belangengroepen tonen waar het schoentje wringt, waar het anderen moeilijk wordt gemaakt om volwaardig, gelijkwaardig mens te mogen zijn. En dat vraagt een onderzoek naar de eigen manieren van kijken waaraan we met z'n allen zo gewend zijn geraakt, en waarvan we ons maar moeilijk los kunnen rukken. Daarom is het volgens mij eveneens van groot belang dat feministen steeds waakzaam blijven voor de eigen, andere blinde vlekken, op het gebied van afkomst, bijvoorbeeld, of de sociaal-economische realiteit van bevolkingsgroepen. Als feminisme en intersectionaliteit hand in hand gaan, kan de solidariteit tussen mensen worden vergroot.

Ik heb in de afgelopen zeventien jaar, telkens als ik er in interviews of anderzijds naar werd gevraagd, benadrukt dat feminisme geen strijd is van de vrouwen tegen de mannen, en daar blijf ik bij. Zeker heb ik me in mijn carrière gesteund geweten door en begrip ervaren van zowel mannen als vrouwen, en hetzelfde kan worden gezegd over tegenwerking. Misogynie is evenmin een aandoening die enkel mannen treft, al zijn er manieren van kleineren en vernederen die een gevolg zijn van superioriteitswanen en het alleenrecht dat sommige mannen nog steeds menen te hebben op alle terreinen buiten het huiselijke. We leven nog steeds binnen een patriarchale machtsstructuur - de sprekende cijfers om dat te staven zullen wellicht worden aangehaald in andere bijdragen aan dit nummer - en onze blik op mensen, hun gedrag en wat ze maken wordt daardoor sterk sekse-afhankelijk ingekleurd. Het vraagt enig inzicht, enige aandacht, bereidwilligheid en inspanning ons van die neiging tot dubbele standaarden bij het beoordelen te bevrijden. Of een wereldwijd matriarchaat tot meer inclusie en minder destructie had geleid of zou leiden, is een vraag die mag worden gesteld en die we tegelijk misschien enkel speculatief kunnen beantwoorden. Uiteraard zijn vrouwen niet vrij van wreedheid, er is ook niemand die dat beweert. Maar de oorlogstoon in sommige reacties op Saskia De Costers recente initiatief rond deze vraag, boeit: de angst voor een matriarchaat - of waarschijnlijk eerder voor het verliezen van de dominantie - is bij sommigen duidelijk erg groot. Niet bij iemand die er grondige studie aan heeft gewijd echter. In de documentaire Normal is over (Renée Scheltema, 2021) benadrukt econoom Bernard Lietaer dat matriarchale maatschappijen, zoals in het oude Egypte, veel verstandiger met geld omgingen. Een dolgedraaide, hoogst schadelijke 'economische groei' zoals we die vandaag kennen, zou daar geen kans hebben gekregen. We kunnen volgens hem enkel voortbestaan mits een veel grotere klemtoon op zorg, die eveneens voor de voorbeelden van matriarchaat uit het verleden gold. Dit gezegd zijnde: volgens mij moeten we uiteindelijk streven naar een ware gelijke verdeling bij het vormgeven van samenlevingen, met een erkenning van de gelijkwaardige intelligentie van beide geslachten. En die is er nog lang niet. Dat er geen problemen meer zijn voor vrouwen en vrouwelijke auteurs in het bijzonder, vroeger of vandaag, is evenmin zo. Voor over discriminatie in het literaire veld een terdege discussie kan worden gevoerd lijkt het me nodig de recente studie van Corina Koolen 'Dit is geen vrouwenboek. De waarheid achter man-vrouw-verschillen in de literatuur' te lezen. Zowel kwantitatieve argumenten ('ze zijn er niet') als kwalitatieve argumenten ('ze zijn niet goed genoeg') mogen nu maar eens voorgoed gezien worden voor wat ze zijn: onzin. Je geslacht verhindert je vermogen om uit te blinken in het métier niet, de ondervertegenwoordiging van vrouwelijke winnaars van de grote literaire prijzen - om één euvel te noemen - heeft dus alles met die dubbele standaarden, die gekleurde blik te maken. Met vaak onbewuste discriminatie dus. Ik heb jarenlang getoeterd dat wie inclusie wil zich niet moet gaan afzonderen, maar kwam toch tot enkele andere behoeften en inzichten. Toen ik gevraagd werd toe te treden tot het auteurscollectief Fix dit, heb ik ingestemd. Fix dit ijvert onder andere voor meer werk van vrouwen in de literaire canon en op de leeslijsten van scholen. Het gaat daarbij volstrekt niet om het minimaliseren of schrappen van de prestaties van mannelijke auteurs uit verleden of heden. Het gaat om aanvullen in plaats van aanvallen. Ik ben in dit kader volop bezig mijn eigen blinde vlek weg te werken, met plezier en bewondering, en ontsteld over het feit dat ik zoveel moois en onbekends geschreven door vrouwen nu pas ontdek. Het kernteam van Fix dit bestaat vooralsnog enkel uit vrouwen, al betrekken we ook mannelijke collega's bij onze acties. Hun steun is er gelukkig volop en in toenemende mate, merken we, bovenop die bondgenootschap tussen vrouwen, waaraan het te vaak heeft ontbroken. Het is hartverwarmend te merken dat er over het algemeen een luisterbereide, open sfeer hangt rond ons initiatief, en de wil bij zowel mannen als vrouwen om ertoe bij te dragen. De enkele vijandige uitbarstingen als reactie op onze positieve actie, raken dan ook niet echt. Dat er momenteel een solidariteitsgolf plaatsvindt tussen vrouwen beperkt zich niet tot vrouwelijke auteurs, er zijn bijvoorbeeld ook initiatieven in de filmwereld en in de IT-sector. Die tonen dat er een enorme behoefte speelde aan die onderlinge solidariteit, ingegeven door gedeelde grieven, die zo vaak als hersenspinsels en gezeur werden en worden weggezet als je ze op je eentje ter sprake brengt. De wens om 'mensen' te zijn in plaats van 'mannen en vrouwen' of 'zwart en wit' of 'arm en rijk' deel ik helemaal. Juist daarom is het soms nodig dat belangengroepen tonen waar het schoentje wringt, waar het anderen moeilijk wordt gemaakt om volwaardig, gelijkwaardig mens te mogen zijn. En dat vraagt een onderzoek naar de eigen manieren van kijken waaraan we met z'n allen zo gewend zijn geraakt, en waarvan we ons maar moeilijk los kunnen rukken. Daarom is het volgens mij eveneens van groot belang dat feministen steeds waakzaam blijven voor de eigen, andere blinde vlekken, op het gebied van afkomst, bijvoorbeeld, of de sociaal-economische realiteit van bevolkingsgroepen. Als feminisme en intersectionaliteit hand in hand gaan, kan de solidariteit tussen mensen worden vergroot.