Volgens de internationale organisatie Oxfam bezit vandaag slechts 18 procent van de landbouwsters in Nicaragua eigen grond. De rest moet grond huren en die zelfs al betalen voor ze gaan zaaien.

Coöperaties

Er zijn nu 73 coöperaties waarmee landbouwsters grond proberen te verwerven. Maar zelfs van hun 4200 leden heeft 40 procent nog steeds geen eigen grond. De strijd om grond te verwerven blijft hard, zegt Matilde Rocha López, ondervoorzitter van Femuprocan, de federatie van deze vrouwencoöperaties.

De strijd voor eigen landbouwgrond begon al eind jaren tachtig, zegt Rocha. Vrouwen die gevormd waren door de Sandinistische revolutie, organiseerden zich toen in coöperaties. In 2010 kwam er, mede onder impuls van Femuprocan, een wet, bekend als Wet 717, die de ongeveer 1 miljoen plattelandsvrouwen gelijke toegang gaf tot grondeigendom. Gendergelijkheid werd ook nog eens benadrukt in de wet op Coöperaties en in de vorming van lokale voedselcommissies.

Geen politieke wil

Maar een van de Femuprocan-leden, die anoniem wil blijven, zegt dat er nog altijd geen politieke wil en financiering zijn om Wet 717 toe te passen. "Op hoeveel deuren hebben we niet aangeklopt, bij hoeveel bureaus zijn we niet druk gaan uitoefenen, hoeveel vergaderingen hebben we niet bijgewoond! Het heeft allemaal niets uitgehaald, ze passen de wet niet toe."

"Heel het juridische en economisch-productieve systeem wordt nog steeds door mannen gedomineerd. Ze zien ons niet als concurrentie maar als een bedreiging van hun traditionele manier van zakendoen."

Grond is leven

Grondeigendom is belangrijk voor vrouwen, zegt Rocha. "Voor vrouwen op het platteland staat grond gelijk aan leven, het is van vitaal belang voor het gezin. Het bezit van grond en middelen om erop te produceren hangt nauw samen met de economische versterking van vrouwen, met besluitvorming over voedselproductie, over milieubehoud, over voedselzekerheid via inheemse zaden zodat we niet afhankelijk zijn van genetisch gemodificeerde zaden." Sinds 2010 is er vooruitgang geboekt, zegt Rocha, maar eerder kwalitatief dan kwantitatief.

Andere organisaties van plattelandsvrouwen kwamen al naar de steden om te protesteren tegen het gebrek aan politieke wil. In mei van dit jaar ging María Teresa Fernández, voorzitter van de Koepel van Plattenlandsvrouwen, in Managua aanklagen "dat vrouwen, doordat ze geen eigen grond bezitten, tot 200 dollar huur moeten betalen voor 1 hectare gedurende een landbouwcyclus."

"Zes jaar geleden creëerde Wet 717 een fonds voor de aankoop van grond met gendergelijkheid voor plattelandsvrouwen", zei Fernández. "De middelen voor dat fonds zijn nog steeds niet opgenomen in de algemene begroting."

Geen lening

Wie geen grond heeft, komt ook niet in aanmerking voor een banklening. De overheid probeert dat te verzachten via programma's als Hambre Cero (Honger Op Nul).

Maar dat volstaat niet, zegt socioloog Cirilo Otero, directeur van het Centrum voor Initiatieven voor Milieubeleid. Dat vrouwen geen eigen grond hebben blijft ook voor hem een van de grootste genderproblemen in Nicaragua. "Het is een schuld die de overheid nog heeft uitstaan bij de plattelandsvrouwen."

(IPS/José Adán Silva)

Volgens de internationale organisatie Oxfam bezit vandaag slechts 18 procent van de landbouwsters in Nicaragua eigen grond. De rest moet grond huren en die zelfs al betalen voor ze gaan zaaien.Er zijn nu 73 coöperaties waarmee landbouwsters grond proberen te verwerven. Maar zelfs van hun 4200 leden heeft 40 procent nog steeds geen eigen grond. De strijd om grond te verwerven blijft hard, zegt Matilde Rocha López, ondervoorzitter van Femuprocan, de federatie van deze vrouwencoöperaties.De strijd voor eigen landbouwgrond begon al eind jaren tachtig, zegt Rocha. Vrouwen die gevormd waren door de Sandinistische revolutie, organiseerden zich toen in coöperaties. In 2010 kwam er, mede onder impuls van Femuprocan, een wet, bekend als Wet 717, die de ongeveer 1 miljoen plattelandsvrouwen gelijke toegang gaf tot grondeigendom. Gendergelijkheid werd ook nog eens benadrukt in de wet op Coöperaties en in de vorming van lokale voedselcommissies.Maar een van de Femuprocan-leden, die anoniem wil blijven, zegt dat er nog altijd geen politieke wil en financiering zijn om Wet 717 toe te passen. "Op hoeveel deuren hebben we niet aangeklopt, bij hoeveel bureaus zijn we niet druk gaan uitoefenen, hoeveel vergaderingen hebben we niet bijgewoond! Het heeft allemaal niets uitgehaald, ze passen de wet niet toe.""Heel het juridische en economisch-productieve systeem wordt nog steeds door mannen gedomineerd. Ze zien ons niet als concurrentie maar als een bedreiging van hun traditionele manier van zakendoen."Grondeigendom is belangrijk voor vrouwen, zegt Rocha. "Voor vrouwen op het platteland staat grond gelijk aan leven, het is van vitaal belang voor het gezin. Het bezit van grond en middelen om erop te produceren hangt nauw samen met de economische versterking van vrouwen, met besluitvorming over voedselproductie, over milieubehoud, over voedselzekerheid via inheemse zaden zodat we niet afhankelijk zijn van genetisch gemodificeerde zaden." Sinds 2010 is er vooruitgang geboekt, zegt Rocha, maar eerder kwalitatief dan kwantitatief.Andere organisaties van plattelandsvrouwen kwamen al naar de steden om te protesteren tegen het gebrek aan politieke wil. In mei van dit jaar ging María Teresa Fernández, voorzitter van de Koepel van Plattenlandsvrouwen, in Managua aanklagen "dat vrouwen, doordat ze geen eigen grond bezitten, tot 200 dollar huur moeten betalen voor 1 hectare gedurende een landbouwcyclus.""Zes jaar geleden creëerde Wet 717 een fonds voor de aankoop van grond met gendergelijkheid voor plattelandsvrouwen", zei Fernández. "De middelen voor dat fonds zijn nog steeds niet opgenomen in de algemene begroting."Wie geen grond heeft, komt ook niet in aanmerking voor een banklening. De overheid probeert dat te verzachten via programma's als Hambre Cero (Honger Op Nul).Maar dat volstaat niet, zegt socioloog Cirilo Otero, directeur van het Centrum voor Initiatieven voor Milieubeleid. Dat vrouwen geen eigen grond hebben blijft ook voor hem een van de grootste genderproblemen in Nicaragua. "Het is een schuld die de overheid nog heeft uitstaan bij de plattelandsvrouwen."(IPS/José Adán Silva)