Urbexen voor beginners: ‘Een verlaten gebouw betreden is nooit zonder risico’s’

. © Foto Hullabaloo.be
Amélie Rombauts
Amélie Rombauts Journalist Knack Weekend

‘In elke wijk schuilt wel een verhaal. Je moet gewoon goed rondkijken’, menen Bart Vanacker en Reinout Bossuyt. Als fervent urbexers vullen zijn hun weekends met de zoektocht naar de schoonheid van verborgen gebouwen in verval.

Urb-wat? Urbex – kort voor Urban Exploration – is het bezoeken, fotograferen en documenteren van verlaten infrastructuren, gebouwd door mensen, weet Wikipedia. Denk dan aan ziekenhuizen, fabrieken, scholen, industriële sites, woningen, kastelen en alles daartussenin. Urbex is zeker geen nieuw fenomeen. Mijnheer Ninjalicious of Jeff Chapman van het tijdschrift en de gelijknamige site Infiltration bedacht de term al in 1990. Het is wel nog steeds een populaire activiteit. Er schuilt nu eenmaal een zekere universele schoonheid in verval en in de vergane glorie van bakstenen en beton.

Extreem voorbereid

Urban exploration kun je vergelijken met fietsen. Je hebt amateurfietsers, profwielrenners en de zogenaamde fietsterroristen met daartussen nog een pak gradaties. Dat is niet anders bij Urbex. Je hebt de waaghalzen, de amateurfotografen, de statuszoekers (die het vooral doen voor status en likes op social media), de griezelfanaten, de setdressers of nog de gemakzuchtigen die een geleid bezoek boeken. Sinds de uitzending van de alom geprezen HBO-serie Chernobyl bijvoorbeeld, melden Oekraïense reiskantoren een stijging van 40% in begeleide groepsbezoeken aan de spookstad Pripjat, aldus The Guardian. De stad werd abrupt achtergelaten na de afgrijselijke kernramp in Tsjernobyl in 1986.

Bart Vanacker (39) en Reinout Bossuyt (35) – die samen de blog Hullabaloo.be al vijftien jaar lang van reisverslagen naar vergeten plekken voorzien – noemen zichzelf eerder verhalende, risicoschuwe Urbexers. ‘Je zult ons nooit betrappen op extreem roekeloos gedrag, zoals een dak beklimmen om de perfecte foto te maken’, vertelt Reinout. ‘Een van onze regels is: nooit de tweede verdieping van een verlaten pand bezoeken. Je weet namelijk niet in welke toestand een gebouw verkeert. Verlaten betekent ook vaak verwaarloosd en dat houdt gevaren in.’

.
.© Foto Hullabaloo.be

‘Waar we wel extreem in zijn’, vult Bart aan, ‘is de voorbereiding van een locatiebezoek. We gaan nooit op den bots ergens binnen. We zorgen dat we luchtfoto’s en kaarten op zak hebben en de geschiedenis van de plaats kennen. Zo kunnen we met andere ogen naar het gebouw kijken, en ook de reden van de verwaarlozing beter begrijpen. Voor sommige Urbexers is dat aspect helemaal niet van belang.’

Bart is in het dagelijkse leven communicatiemanager, Reinout is IT-er. Ze delen wel een journalistieke opleiding, vandaar hun specifieke aanpak. ‘Het verhaal is in ons geval belangrijker dan de foto’s. Waarom zijn gebouwen waar we ooit supertrots op waren, zo veel plezier beleefden of graag werkten zo genadeloos afgedankt? We willen ook alles zo realistisch mogelijk documenteren. We doen geen fotobewerkingen achteraf en zetten ook geen shoots op. We verplaatsen met andere woorden niets om ons beeldverhaal te versterken. Laat staan dat we iets zouden meenemen als souvenir.’

Pottenkijker of inbreker?

De meest voorkomende aannames doorprikt het duo meteen. Urbex draait dus niet enkel om waaghalzerij en risico’s. En je hoeft niet noodzakelijk naar de uithoeken van de wereld om interessante spots te vinden. ‘In elke wijk schuilt wel een goed verhaal. Je moet gewoon goed rondkijken.’

Reinout haalt de Palingbeek aan als voorbeeld. De plaats kwam recent in het nieuws naar aanleiding van het kunstwerk Coming World Remember Me van Koen Vanmechelen dat na wat controverse haar definitieve vorm kreeg in het natuurgebied. ‘Als je goed naar de waterloop zelf kijkt, valt het op hoe breed die eigenlijk is voor een beek’, vertelt Bart. ‘Wanneer je verder kijkt dan de geul alleen, merk je verderop ook restanten van een sluis en een brug op. Wie niet stilstaat bij de geschiedenis van de plek, ziet enkel een hoop stenen. Maar eigenlijk zijn ze de stille getuigen van een mislukte onderneming, een logistieke ramp en het Kanaal Komen-Ieper waar nooit een boot op gevaren heeft. Voor ons is dat evengoed Urbex.’

.
.© Foto Hullabaloo.be

Verlaten gebouwen zijn meestal afgesloten voor ongenodigde pottenkijkers. Zijn de meeste Urbexers dan per definitie inbrekers? ‘Daar hebben we een eigen regel voor’, glimlacht Reinout. ‘Zelf maken we nooit een gat in een omheining. Maar als er al een gat of een andere mogelijkheid om het domein te betreden is, houden we ons niet in. Het is een dunne lijn, maar de context is volledig anders. Als een plek hermetisch afgesloten is, heeft dat een goede reden. Is dat het geval, dan zit er niks anders op dan op onze stappen terug te keren.’

Dat Urbexers ergens onuitgenodigd binnensluipen is niet de enige reden waarom er een wolk van geheimzinnigheid rond hun activiteiten hangt. De geheimhouding rond de locaties speelt ook een rol. Voor de meeste Urbexers is het not done om een adres prijs te geven. De reden hiervoor is simpel. Hoewel de overgrote meerderheid van de verkenners op een respectvolle manier met een plek omgaat, zijn er ook boosdoeners die kicken op verlaten panden. Ze dealen er drugs, stelen koper of halen andere vandalenstreken uit.

‘De adressen die wij delen op de site zijn intussen verdwenen of al bekend als Urbex-spot’, legt Bart uit. ‘Is dat niet het geval, dan publiceren we onze verslagen onder embargo. Wat wil zeggen: zonder specifiek adres of zelfs naamloos.’

.
.© Foto Hullabaloo.be

Vorig jaar bundelden Bart en Reinout vijftig van hun zoektochten in het boek ‘Verdwijnend België’. Eén plaats raden ze aan om van hun uit de hand gelopen hobby te proeven: een treinstationnetje in de buurt van Houyet in Namen. ‘Koning Leopold II gaf eind 19de eeuw de opdracht om het station te bouwen om gasten in zijn Château Royal d’Ardenne te kunnen ontvangen. Het kasteel zelf, een luxehotel dat honderd kamers telde, sloot een eerste keer na de dood van de koning in 1909, en dan opnieuw na de Tweede Wereldoorlog. Het brandde volledig uit in 1968. Het station is het weinige dat nog herinnert aan de glorieperiode van de streek. Iedereen kan het bezoeken. Het is perfect veilig, het omvat een mooie wandeling van zo’n twee kilometer vanuit Houyet en vormt een perfecte start om te beginnen Urbexen’, aldus Reinout.

Meer lezen? www.hullabaloo.be of ‘Verdwijnend België, Zoektocht naar 50 vergeten plekken’, uitgegeven bij Borgerhoff & Lamberigts.

De do’s-and-don’ts van de beginnende Urbexer:

  • Zoek het niet te ver. ‘Iedere wijk heeft wel een verlaten plek met een verhaal.’
  • Speur Google Maps af op sporen. ‘Door de laatste digitale satellietbeelden naast oude luchtfoto’s of kaarten te leggen, kun je locaties ontdekken. Littekens in het landschap zijn een goede aanwijzing: een eenzame bomenrij of viaduct kan op een oude spoorweg duiden die je dan weer tot een industriële site kan leiden.’
  • Houd de regiopagina’s of websites van kranten in het oog. ‘Er gaat geen week voorbij of regionale media melden wel een brand, een toekomstige sloop of sluiting. Daar zitten altijd potentiële locaties tussen.’
  • Vertrek nooit alleen. ‘Je weet nooit precies waar je zult terechtkomen. In gezelschap sta je sterker. Stel dat er toch iets misloopt, dan heb je tenminste iemand om je te helpen.’
  • Houd je niet in om toestemming te vragen. ‘Het is natuurlijk heel verleidelijk om zonder enige toestemming een site binnen te lopen, maar aandringen om toegang te krijgen tot een afgesloten plek kan ook heel bevredigend zijn. Hoor je niks, dan kun je achteraf nog altijd op eigen verantwoordelijkheid een plaats bezoeken.’
  • Verontrust geen buurtbewoners. ‘Sluip niet rond, maar spreek ze aan. Vraag hun naar achtergrondinformatie of anekdotes. Het loont de moeite.’
  • Neem de tijd om het gebied te verkennen. ‘Tot waar reikt de omheining, wat zijn de verschillende toegangswegen? Maar even belangrijk: hoe voel jij de plek aan? Zelf ben ik geen held als het op honden aankomt. Hoor ik ze in de verte blaffen en kan ik niet met zekerheid zeggen of ze op het gebied zijn of ernaast, dan stop ik liever de zoektocht.’
  • Het is oké om van een kale reis terug te komen. ‘Soms is een locatie niet wat je had verwacht of is het onmogelijk om op een verantwoorde manier binnen te sluipen. Het zij zo.’
  • Eens binnen geldt ‘take nothing but pictures, leave nothing but footprints‘, het eerste en belangrijkste Urbex-gebod. ‘Ensceneer niets, verplaats niets en neem zeker niets mee. Dergelijke tijdscapsules laat je achter zoals je ze gevonden hebt, zodat de anderen na jou er evenveel van kunnen genieten.’
  • Denk aan het juiste materiaal. ‘Een fototoestel, een statief en een zaklamp spreken voor zich, net als een opgeladen telefoon en genoeg baterijen. Een wandel-gps is ook handig. Veel plekken liggen midden in de bossen, waar klassieke gps’en niet zullen werken. Laat kniptangen thuis, ze zijn te zwaar en wat ons betreft heb je ze helemaal niet nodig.’

Partner Content