Als je via de Autoroute du Soleil op weg bent naar het Franse zuiden, rijd je tussen Vienne en Valence voorbij een indrukwekkende heuvel, volgeplant met wijnstokken. De meeste toeristen letten er niet op. Ze zijn voorbij Lyon, de bestemming is nabij, dus rijden ze verder. Dat is jammer, want daardoor missen ze een van de uitzonderlijkste wijnterroirs van Frankrijk, en zelfs van de wereld: de Hermitage. De wijnen mogen gerust op één lijn gezet worden met de beste bordeaux- en bourgognewijnen.
...

Als je via de Autoroute du Soleil op weg bent naar het Franse zuiden, rijd je tussen Vienne en Valence voorbij een indrukwekkende heuvel, volgeplant met wijnstokken. De meeste toeristen letten er niet op. Ze zijn voorbij Lyon, de bestemming is nabij, dus rijden ze verder. Dat is jammer, want daardoor missen ze een van de uitzonderlijkste wijnterroirs van Frankrijk, en zelfs van de wereld: de Hermitage. De wijnen mogen gerust op één lijn gezet worden met de beste bordeaux- en bourgognewijnen. Het is niet zo verwonderlijk dat mensen eraan voorbijrijden: alle wijngaarden samen, aangelegd in terrassen, beslaan slechts 137 hectare, amper groter dan een wijndomein in de Bordeaux. Volgens een oud decreet kan er niet uitgebreid worden. De heuvel werd in 2013 zelfs uitgeroepen tot nationaal patrimonium. Hoe kun je hier dan toch aan wijn komen? Door almaar meer te betalen. Een voorbeeld: twintig jaar geleden kostte een fles rode hermitage van Jean-Louis Chave 55 euro, vandaag betaal je er vier tot vijf keer meer voor (en voor oudere jaargangen nóg meer). Maar zelfs als je die prijs kunt betalen, moet je nog een zogenaamde allocatie hebben: het recht op afname van een bepaalde hoeveelheid wijnen. Helaas is op de meeste domeinen geen enkele allocatie meer vrij. Dus gaan invoerders en wijnliefhebbers op een wachtlijst staan. Als een klant van een domein beslist om geen wijn meer te kopen, of zelfs als hij één jaargang overslaat, verliest hij zijn allocatie. Die kan dan overgenomen worden door de eerste op de wachtlijst. Zo gaat dat met zeldzame wijnen. Ruim 80 % van de wijngaarden op de Hermitage is in het bezit van slechts vijf wijnhuizen, de rest wordt verdeeld onder een 25-tal kleinere wijnbouwers en druivenkwekers. In Tain-l'Hermitage, een dorp aan de voet van de heuvel, heb ik een afspraak bij het grootste wijnhuis, Chapoutier. 'Mijn voorvaders vestigden zich hier in 1808', vertelt Michel Chapoutier (54). 'Beetje bij beetje vergaarden zij wijngaarden, verspreid over de Rhônevallei, maar het meest unieke terroir is dat van de Hermitage. De hellingen liggen immers pal op het zuiden en beschutten de wijnstokken tegen de noordenwind. Tegelijk is de bodem zeer gevarieerd, van graniet over leem en kalk tot zand. Daardoor worden op deze ene heuvel, met één enkele druif, toch verschillende wijnen gemaakt. Voor de rode wijnen is die druif syrah, voor de witte wijnen marsanne, soms aangevuld met roussanne.' De hellingen zijn steil, zodat al het werk in de wijngaard manueel moet gebeuren. Elk jaar is er ook erosieschade, die telkens met de hand hersteld moet worden. 'Alleen al het onderhoud van de stenen muurtjes die de heuvel in terrassen verdelen, kost jaarlijks veel tijd en geld', zegt Chapoutier. Dat heeft hem er niet van weerhouden om zijn wijnbedrijf almaar uit te breiden. Op de Hermitage nam hij het historische domein Ferraton over. In de veel grotere buurappellatie Crozes-Hermitage, waar de wijnen lichter en goedkoper zijn, kocht hij eveneens wijngaarden. Hij maakt nu wijnen in de hele Rhônevallei, en zelfs in Duitsland, Spanje, Portugal en Australië. Hij stichtte een wijnschool waar cursussen en degustaties worden gegeven, organiseert geregeld events rond wijn en renoveerde huizen om er toeristen te herbergen. Tussen al dat werk door schakelde hij over naar de biodynamische wijnbouw, die streeft naar zo natuurlijk mogelijke wijnen. Ik maak een memorabele proeverij mee van zijn hermitagewijnen, beginnend bij de 'instapwijnen' rond 50 euro, tot zijn magi- strale topwijnen van de beste percelen op de heuvel, die tussen 250 en 400 euro kosten. Boven op de heuvel staat een kapel, die verwijst naar een van de beroemdste hermitagewijnen: La Chapelle. De wijngaarden eromheen behoren toe aan Chapoutier, maar het domein Paul Jaboulet Aîné is eigenaar van de kapel en de merknaam. Sinds 1934 is de kapel beschermd als historisch monument. Je kunt ze te voet bereiken, na een prachtige wandeling door de wijngaarden. Eens boven geniet je van een panoramisch uitzicht over de Rhône en de Alpen. 'La Chapelle is een blend van verschillende percelen', vertelt wijnmaker Jacques Desvernois. 'Dat is altijd de traditie geweest op deze heuvel, omdat de percelen vaak te klein zijn om er één wijn van te maken. Maar sinds de interesse voor hermitage is toegenomen, beslissen domeinen wel vaker om toch speciale cuvées te maken van één perceel, die ze dan duurder kunnen verkopen.' La Chapelle is evenmin goedkoop: 180 tot 200 euro per fles. Maar het is een prachtige, volmaakt evenwichtige wijn. 'De prijzen begonnen hier pas te stijgen sinds 1990,' zegt Desvernois, 'daarvoor werden rhônewijnen, ook de hermitage, beschouwd als des vins de comptoir.' Paul Jaboulet Aîné was vijf generaties lang in handen van de gelijknamige familie. Maar in 2006 werd het bedrijf overgenomen door de Franse familie Frey, rijk geworden met commercieel vastgoed, die ook andere wijndomeinen bezit in Frankrijk, zoals Château La Lagune in Bordeaux. Sommige leden van de familie Jaboulet wilden niet verkopen, maar waren financieel niet bij machte om de anderen uit te kopen. 'Ik heb dus met veel tegenzin ons bedrijf uit handen moeten geven', zegt Philippe Jaboulet (66). 'Daar ben ik echt kapot van geweest, en het heeft onze familie uit elkaar gerukt.' Toch vond hij de moed om, samen met zijn zoon Vincent, opnieuw te beginnen: 'Gelukkig was anderhalve hectare op de heuvel mijn persoonlijk bezit, zodat ik die kon houden.' Zo kon het nieuwe domein meteen uitpakken met een witte en rode hermitage van hoge kwaliteit. Voor de liefhebbers was het goed nieuws dat de prijs redelijk bleef: tussen 35 en 50 euro. Een ander lid van de familie, Nicolas Jaboulet (wiens oom Philippe is), werd eveneens gedwongen om te verkopen. Ook hij richtte, samen met partners, een nieuw wijnbedrijf op onder de naam Maison des Alexandrins. Al dertig jaar voor de verkoop van Paul Jaboulet Aîné werd het familiale domein Maison Delas Frères overgenomen door het champagnehuis Deutz, vandaag in handen van het champagnehuis Louis Roederer. 'Daar hebben ze een goede zaak aan gedaan', vertelt wijnmaker Jacques Grange (52). 'Want alleen al de prijs van de grond is hier sindsdien veertig keer duurder geworden, tot één à twee miljoen euro per hectare. Maar in die tijd was het gedurfd om een domein op de Hermitage over te nemen. Lange tijd hebben de wijnbouwers hier gezwoegd op onze heuvel zonder een redelijke prijs voor hun wijnen te krijgen.' Het domein van Jean-Louis Chave staat niet te koop, daarvoor koestert hij te veel de familiale traditie. Hij behoort tot de zestiende (!) generatie, zijn familie doet al sinds 1481 aan land- en wijnbouw in deze streek: 'Oorspronkelijk woonde en werkte mijn familie aan de westkant van de Rhône. Op het einde van de negentiende eeuw waagde zij zich aan de overtocht naar de oostelijke oever waar de Hermitageheuvel ligt. Vooral rijke adellijke families waren toen eigenaar van de gronden. Maar door sparen en hard werken slaagde mijn familie erin enkele percelen te verwerven, en van daaruit te groeien.' Jean-Louis Chave woont in een van de zeldzame huizen op de heuvel, te midden van de wijngaarden: 'Al in de achttiende eeuw werd de Hermitage geroemd om zijn wijnen. Producenten uit Bordeaux en Bourgogne pepten zelfs hun wijnen op met die van ons, omdat hier meer zon is. Maar dat is nu niet meer toegelaten.' De wijnen van Chave hebben tijd nodig om zich te ontplooien: 'Het is doodzonde om een hermitage jong te drinken, hij is dan nog gesloten en stug. Maar eens hij op dronk is, word je overweldigd door zijn diepe en complexe aroma's.' Dat geldt ook voor de witte hermitage, die ontegensprekelijk behoort tot de grote witte wijnen van deze planeet: goudkleurig, droog en vol, met aroma's van exotische vruchten en noten, en een lange, lange afdronk. Ik sluit het rijtje van de vijf grootste wijnhuizen af bij David Quillin, directeur van de coöperatie Cave de Tain, aan de voet van de heuvel. Bijna elke Franse wijnstreek kent zo'n coöperatief wijnbedrijf, opgericht door en voor eigenaars van kleinere wijngaardpercelen die geen eigen wijn maken van hun druiven. David Quillin is er terecht trots op dat Cave de Tain in 2015 door het gezaghebbende La Revue du vin de France werd uitgeroepen tot beste coöperatie van Frankrijk. Hij leidt mij naar de proefzaal die een indrukwekkend uitzicht biedt op de heuvel. Ik kan er proefondervindelijk vaststellen dat het waar is wat Quillin zegt: 'Wijnen van coöperaties worden in Frankrijk vaak lager ingeschat, maar onze wijnen kun je gerust vergelijken met die van de hermitagedomeinen.' Er zijn ook eigenaars van kleine percelen die wel hun eigen wijn maken. Zoals Marc Sorrel, die 2,5 hectare op de heuvel bezit en eind dit jaar met pensioen gaat. Hij zweert alle moderne technieken af en bottelt zelfs nog met de hand. Die traditionele visie levert wijnen op met karakter. Ongetwijfeld hopen zijn klanten dat zijn zoon Guillaume die stijl verderzet. Nog traditioneler is Bernard Faurie, een wijnbouwer van 69 jaar jong. Het is niet makkelijk om hem te vinden, want hij maakt zijn wijnen in een kleine kelder achter zijn huis, en er hangt geen naambordje aan de gevel. Om mij enkele wijnen te laten proeven, zet hij een houten plaat op een wijnvat. Dan gaat hij op zoek naar een kurkentrekker, de glazen wast hij nog snel even af. Maar zijn wijnen zijn van een ongekende complexiteit en persoonlijkheid. Terwijl ik aan het proeven ben, rinkelt de telefoon. 'Ik kan u helaas niets leveren', hoor ik hem zeggen. Laurent Fayolle (41) heeft een van de kleinste percelen op de heuvel: een halve hectare. Maar hij maakt er een bijzonder fijne, elegante hermitage van, zowel wit als rood. Omdat hij minder bekend is, is de prijs nog redelijk: 40 euro. Met amper drieduizend flessen per jaar, overtreft de vraag ook hier het aanbod, wat onvermijdelijk de prijs zal doen stijgen. Wat zal er met deze streek gebeuren als rijke zakenlui met grote sommen geld komen zwaaien? Yann Chave (47) is er bezorgd over. Hij is geen familie van Jean-Louis Chave, maar hij koestert even sterk de traditie van deze heuvel, waar hij anderhalve hectare heeft: 'Ik hoop dat Hermitage niet de weg opgaat van Bordeaux en Bourgogne, waar steeds meer domeinen in handen komen van investeerders. Dat zou onze lokale wijncultuur drastisch veranderen. Gelukkig zijn de percelen hier klein en moeilijk te bewerken, wat hen hopelijk afschrikt.' Yann Chave is een ex-rugbyspeler, wat zich weerspiegelt in krachtige bewaarwijnen. 'Ik ben in elk geval niet van plan om te verkopen', zegt hij. 'Ik heb deze wijngaarden gekregen van mijn ouders, en ik ga ze doorgeven aan mijn kinderen. Zo is het hier altijd geweest, en zo wil ik het houden.' 's Avonds wandel ik op de voetgangersbrug over de Rhône. In het donker kan ik de Hermitageheuvel niet zien, en toch weet ik waar hij ligt. Want op de top ervan is de kapel verlicht. Ze lijkt te zweven in de lucht, tussen de sterren, wakend over de wijngaarden.