Vaak voorkomende ingrediënten in fabrieksvoeding: een woordenboek

De voedingsindustrie doet soms wat denken aan Rube Goldberg machines, die simpele taken extra ingewikkeld maken. © Getty
Eva Kestemont
Eva Kestemont Journalist KnackWeekend.be

Wat zit er allemaal in ons voeding? Zelfs wie de etiketten grondig bestudeert, raakt vaak niet veel wijzer. Een verklarende woordenlijst van enkele van de meest voorkomende producten.

Deze lijst is verre van volledig. Het aantal additieven en ingrediënten dat de voedingsindustrie gebruikt, is immers ellenlang.

Glucose-fructosestroop

Deze stroop, vaak uit maïs of tarwe getrokken, is alomtegenwoordig in de voedingsindustrie. Dat heeft twee redenen: het is goedkoper dan suiker en het is vloeibaar, waardoor het gemakkelijk te verwerken is. Toch rijst er heel wat kritiek over. De consumptie ervan wordt immers in verband gebracht met aandoeningen als hoge bloeddruk, diabetes type 2 en leververvetting. Amerikaanse activisten achten de stof zelfs mee verantwoordelijk voor de obesitasepidemie. Daarbij kwam de industriële stroop ook jaren geleden al in opspraak, toen bleek dat er kwik (een zwaar metaal dat giftig is voor de mens) in voorkwam. Dit was een van de stoffen die in het vizier kwam nadat tien Knack-journalisten een maand lang geen fabrieksvoedsel aten en het gehalte aan kwik in hun lichaam drastisch zagen dalen.

Alternatieve namen: GFS, maïssuiker, fructose, fructose-glucosestroop, isoglucose, high-fructose corn syrup (HFCS)

Glycerol

Deze kleurloze suikeralcohol dat de naam ‘natuurlijke zoetstof’ mag dragen, wordt gewonnen uit dierlijke of plantaardige vetten, maar soms ook uit propeen (in dat geval is het synthetisch). In de voedingsindustrie wordt glycerol gebruikt als zoetstof en om uitdroging tegen te gaan. Daarom komt glycerol vooral voor in heel wat bakkerijproducten, snoep en margarines. Europa deed onlangs nog nieuwe aanbevelingen om de maximaal toegestane hoeveelheid zware metalen hierin naar beneden te halen. Met andere woorden: nu zit er doorgaans te veel lood, kwik, cadmium en/of arsenicum in.

Alternatieve namen: E422, glycerine

Gemodificeerd zetmeel

Dit zetmeel wordt gewonnen uit aardappelen, tarwe, rijst of maïs, en vervolgens chemisch aangepast om meer water te kunnen opnemen en beter bestand te zijn tegen de hoge temperaturen uit de voedingsindustrie. Het is een verdikkingsmiddel dat in de industrie wordt ingezet om producten body te geven.

Alternatieve namen: E-nummers 1400 tot 1500, dextrine, zetmeelacetaat, geacetyleerd dizetmeeladipaat …

Tapiocameel

Een kleverig bindmiddel dat net als (gemodificeerd) zetmeel water vasthoudt en omwille van die eigenschap regelmatig opduikt in vleeswaren. Mits enige toevoeging kunnen die zwaarder (en dus voor meer geld) verkocht worden. Het voordeel voor de industrie: tapiocameel klinkt beter dan de groep hierboven, maar doet hetzelfde.

Rozemarijnextract

Rozemarijnextract heeft veel minder te maken met de kruidige plant dan zijn naam doet vermoeden. De stof – een bruin poeder – wordt wel degelijk gewonnen uit de bekende keukenplant, maar verliest in dat chemisch proces al zijn geur en smaak. Waarom het additief dan wel vaak gebruikt wordt in zaken als vlees? Als natuurlijk klinkend antioxidant, of bewaarmiddel. Dankzij rozemarijnextract lijkt salami wekenlang vers.

Alternatieve namen: E392

Rozemarijn in salami heeft vaak maar weinig te maken met het heerlijke keukenkruid. Getty
Transvetten

Via een chemisch proces dat hydrogenatie heet, maakt de voedingsindustrie vet minder bederfelijk. De olie of gehard vet dat daaruit voortkomt, is nog slechter voor onze gezondheid dan verzadigd vet. Ze vergroten het risico op hartziekten, beroertes en diabetes type 2. De Belgische voedingsindustrie elimineerde de transvetten alvast uit haar producten, maar in Europa geldt nog steeds geen verbod, waardoor ze in crackers, chips, koekjes, gebak en diepvriespizza’s blijven opduiken, ondanks dat deskundigen het erover eens zijn dat er voor transvetten gewoon geen veilige ondergrens bestaat. 

Alternatieve namen: transvetten kunnen omschreven worden als gedeeltelijk gehard vet’, ‘gedeeltelijk geharde olie’ of ‘gehydrogeneerd vet’.

Water

Wie regelmatig zaken als kipfilet koopt in de supermarkt en zich dan ook regelmatig afvraagt waarom die filet plots lijkt te koken in de pan in plaats van te bakken: voorverpakt vlees, vleesbereidingen en visserijproducten bevatten regelmatig toegevoegd water. Op die manier verkoopt de producent een groter en zwaarder stuk vlees, waarvoor hij meer geld kan vragen. Soms bevat het water ook nog zout of andere smaakstoffen, om het industrieel geteelde vlees wat smaak te geven. In verschillende gevallen hoeft de aanwezigheid ervan echter niet op het etiket vermeld te worden. 

Karamel

Karamel is ronduit heerlijk, maar toch wil je het liever niet op het etiket van je eten zien staan. In de industriële voedingsproductie wordt het immers gebruikt als goedkope kleur- en smaakstof voor alle producten die wat zoetigheid en een bruine tot zwarte kleur kunnen gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan hamburgers met een roosterpatroon op alsof ze recht van de grill komen. In een fabriek is er heus geen tijd om die hamburgers op een rooster te leggen en zorgvuldig om te draaien. Dat is kleurstof.

Alternatieve namen: E150, gekaramelliseerde suiker, gebrande suikerstroop, zuivere karamel

Gistextract

Een groepsnaam voor verschillende smaakstoffen, gaande van kipsmaak tot rood braadvlees. Hoort thuis in de familie van de smaakversterkers die glutamaten heten en regelmatig ingezet worden als zoutvanger. Gistextracten hebben geen E-nummer, waardoor er geen regels zijn over de toepassing ervan. 

Ethylvanilline

Deze naam doet qua klank denken aan een luxueus vanillestokje, maar vergis je niet: deze massaal gebruikte smaakstof wordt doorgaans gewonnen uit zaagsel, houtpulp of petrochemicaliën. De smaak ervan komt met een duidelijk namaaketiket, maar ethylvanilline is stukken goedkoper dan echte vanille, en dus is de keuze in fabrieken vaak snel gemaakt.

Alternatieve namen: bourbonal

Maltodextrine

Een licht zoet smakend afbraakproduct van zetmeel dat kristallisatie tegengaat. Het poeder wordt ook gebruikt als vulmiddel bij bijvoorbeeld stevia in poedervorm. In die toepassing neemt het ook wat van de bitterheid van stevia weg. Daarnaast verbetert het het mondgevoel van voedingsmiddelen. Het zit onder meer verwerkt in puddingpoeders, bakmixen, babyvoeding, koffiecreamer, koekjes, sportdranken enzovoort.

Wat met E-nummers?

De beruchte E-nummers staan voor producten in een Europees classificatiesysteem voor goedgekeurde voedingsadditieven. Ze hebben een slechte reputatie, maar zijn niet per definitie verkeerd. Zo is E100 ook wel bekend onder de naam curcumine, ofwel de gele kleurstof uit kurkuma. 

Raak je niet wijs aan de E-nummers? Dan kan deze app je helpen. Voor net geen 4 euro krijg je al het wetenschappelijk onderzoek over vele honderden producten op een begrijpelijke en overzichtelijke manier op je smartphone.

Meer lezen over wat er in fabrieksvoedsel zit en wat dat betekent voor jou? Dat doe je op weekend.knack.be/WeetWatJeEet.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content