Binnenkomen doe je aan de kant van het hoger gelegen keukentje, waar die avond drie koks op twee vierkante meter hun kunsten vertoonden. Eten doe je in het aanpalende vertrek, waar de akoestiek te wensen overlaat.
...

Binnenkomen doe je aan de kant van het hoger gelegen keukentje, waar die avond drie koks op twee vierkante meter hun kunsten vertoonden. Eten doe je in het aanpalende vertrek, waar de akoestiek te wensen overlaat. De inrichting is ontworpen door niemand minder dan cafébaas Frédéric Nicolay, die er op zijn eentje in slaagt om vergeten stadsdelen weer onder de aandacht te brengen. Alles is ruw en absoluut basic. De lampen komen van een bouwwerf en op het binnenplaatsje staat een werfkeet uit Gdansk. De stoelen komen uit een kantine en de zelf in elkaar getimmerde tafels van hout en staal zijn zo klein dat de koelemmer met de fles wijn op de grond komt te staan. Het serviesgoed en het bestek hebben al een leven achter zich. Crab Club is een initiatief van Philippe Emanuelli en Yoth Ondara. De eerste is van Bretoense origine, was sommelier in restaurant Le Pain et le Vin, liep in de kijker via originele initiatieven als het paddenstoelenrestaurant Café des Spores en de paddenstoelenwinkel Supersec. Hij is auteur van boeken als Coquillages et Crustacés en Fish (uitgeverij Marabout). Yoth Ondara is van Thaise oorsprong, groeide op in Nîmes en was chef-kok van het restaurant Yoma. Yoth was onder de indruk van Philippes boeken en de twee besloten om een bistro te openen, waar alles draait rond schaal- en schelpdieren. In Crab Club kiest Yoth Ondara voor een spontane kookstijl, zonder veel techniek, maar met emoties. Een leien bord vertelt wat de pot schaft. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen voor- en hoofdgerecht. Alles komt midden op tafel en is, zoals in Azië, bedoeld om te delen. De prijzen van spijs en drank zijn redelijk.Onze keuzeHeel wat flessen vallen onder de categorie natuurwijnen. Maar de twee natuurwijnen die wij per glas bestelden, kwamen uit een fles die minstens enkele uren open had gestaan en waren duidelijk al op hun retour. Op tafel kwam superbrood van bakker Yves Guns. Een royale portie messchelpen lag in het bord met chorizo, Griekse tranen en zwarte olijven (15 euro). Grote kokkels lagen in hun jus, verrijkt met yuzu en kregen het gezelschap van paksoi (14 euro). Een malse en vlezige arm van inktvis lag in zijn stoofjus op basis van algenbouillon en saké en werd vergezeld door pompoen en duf smakende trechtercantharel. Mul, mosselen en champignons stonden centraal in een vissoep (19 euro). Afsluiten deden wij met een alledaagse mousse van chocolade (6 euro). Betalen kon alleen contant en er was, twee maanden na opening, geen btw-briefje beschikbaar. (Pieter Van Doveren)