Recht van het chocolade-eiland: hoe bean to bar-merk Nao zijn stempel drukt op de cacaosector

© Nao
Eva Kestemont
Eva Kestemont Journalist KnackWeekend.be

Chocolade die iedereen in de hele productielijn beter maakt: het klinkt te mooi om waar te zijn, maar het verpakkingsvrije merk Nao toont dat het kan. ‘Als je bedrijf het leven van medewerkers, producenten en consumenten niet ten goede verandert, waarom zou je het dan doen?’

Sluit voor je begint met lezen even je ogen en beeld je die zoete geur in van gesmolten chocolade. Heb je hem? Dan krijg je een aardig beeld van de omstandigheden waarin dit interview plaatsvond. We treffen Nao-bedenker Christophe Gossiaux en manusje-van-alles Julien Gallant immers tussen de kisten cacaobonen, met de geluiden van de chocoladeproductie op de achtergrond en hopen chocolade binnen proefafstand. Een mens zou van minder vrolijk worden, maar bij Nao krijg je nog meer: een chocolade waar iederéén tevreden mee kan zijn, niet alleen wie hem opeet.

Al sinds de oprichting van het merk in 2015 probeert Christophe immers een zo lekker mogelijke chocolade te maken met een zo groot mogelijke positieve impact op de wereld. Beginnen doet hij met een verpakkingsvrije biologische chocoladereep, maar algauw voelt hij dat het nog beter kan. Via een omweg langs Peru belanden Christophe en zijn intussen om zich heen verzamelde team in Sao Tomé. Dat land werd in de zeventiende eeuw samen met het nabij gelegen Principe omgedoopt tot chocolade-eiland, nadat het als eerste Afrikaanse eiland cacao uit Brazilië importeerde. Ook vandaag scheert de cacaoproductie – grotendeels biologisch – er hoge toppen. Wij spraken met Julien Gallant over hoe die manier van werken leidt tot een faire, duurzame chocolade.

Dus… gewoon bio was niet goed genoeg voor jullie.

Julien: ‘Biologische chocolade maken was goed genoeg in het begin, maar we zoeken steeds manieren om ons merk te verbeteren. Na een tijdje gingen we dus op zoek naar een manier om dichter bij de producenten te komen. We zochten daarvoor in eerste instantie een ethisch label, zoals Fairtrade. Zo’n label is herkenbaar voor de consument, maar we wilden het onszelf niet te gemakkelijk maken. We beseften namelijk dat we veel dieper in de keten zouden kunnen duiken en dus ook verandering zouden kunnen brengen als we onze producenten direct zouden kunnen betalen, zonder tussenschakels zoals een groot label.

Wij betalen ongeveer veertig procent meer dan de standaard ethische tarieven in Afrika

Daarom besloten we samen te werken met Katrien, een cacaobonenjaagster. Zij zoekt terroircacaobonen die passen bij de chocolade die je wil maken. Via haar kwamen we terecht in Sao Tomé. De keuze voor die ex-kolonie van Portugal was bovendien interessant om andere redenen dan alleen de smaak van de bonen. Na de dekolonisatie stortte de economie op het eiland in elkaar. Om die nieuw leven in te blazen, kregen mensen die wilden inzetten op de cacaoteelt een gratis veld. Veel families tekenden daarop in. Daardoor staat Sao Tomé nu vol kleinschalige boerderijen. De sterkte is dat die familiebedrijfjes niet alleen cacao telen, zoals bijvoorbeeld wel gebeurt in Ghana, maar ook inzetten op zaken als bananen of maniok. Zo telen ze dagelijks voedsel voor zichzelf, verspreiden ze de risico’s en doen ze op een veel duurzamere manier aan landbouw dan elders. Die mensen wilden wij heel graag als startpunt van onze korte keten.’

Hoe hebben jullie de samenwerking dan vorm gegeven?

Julien: ‘Vandaag kennen we onze producenten en weten we hoeveel zij krijgen voor hun product, iets wat door de vele tussenschakels zeldzaam is in de reguliere cacaohandel. Wij betalen ongeveer veertig procent meer dan de standaard ethische tarieven in Afrika. De prijs die wij bieden ligt een jaar lang vast en we garanderen onze afname. We gaan niet shoppen tussen producenten om zo op zoek te gaan naar het beste aanbod: onze producenten zijn onze producenten, punt aan de lijn. Zo weten onze boeren perfect wat ze mogen verwachten, in plaats van net zoals veel van hun collega’s het slachtoffer te worden van speculatie door grote afnemers. (Het wachten met aankopen en pas massaal cacao inslaan als producenten zich genoodzaakt voelen hun prijzen te verlagen, red.) Daarbij begeleiden wij onze producenten om elk jaar een betere oogst te krijgen. Iedereen wordt beter van een betrokken samenwerking op lange termijn.

De bonen zijn in Sao Tomé gefermenteerd en gedroogd, maar roosteren doen we zelf. Ook dat is anders dan hoe de gemiddelde chocolademaker werkt. De meesten van hen werken met kant-en-klare chocolade die al gemaakt werd door een grote speler. En die grote spelers, die hun cacao moeten aankopen bij duizenden producenten, roosteren hun bonen kort op extreem hoge temperaturen, om de minder aangename smaken te verbergen. Daardoor elimineren ze helaas ook andere smaken, die zorgen voor karakter. Wij roosteren langer en op minder hoge temperaturen, waardoor we alle smaken behouden en juist in de verf kunnen zetten. Onder andere daardoor (en door onze variëteit van cacaobonen) is onze zwarte chocolade relatief licht van kleur.’

Een vrouw toont cacaobonen in Sao Tomé (Getty)
Op jullie website spreken jullie van het Sao Tomé-effect. Wat bedoelen jullie daarmee?

Julien: ‘Daarmee bedoelen wij het vlindereffect dat ontstaat door onze manier van werken. De meerprijs die wij betalen, biedt echt het verschil voor de mensen daar, waardoor ter plekke allerlei moois kan ontstaan. We zijn bijvoorbeeld in gesprek met onze coöperatie om te werken rond vrouwenrechten en barsten nog van de ideeën voor zijprojecten, maar we laten de boeren zelf bepalen wat prioritair is voor hun leven daar. We zijn op dit moment nog niet lang genoeg op Sao Tomé om al structurele veranderingen te zien, maar we zijn er heilig van overtuigd dat dat een kwestie van tijd is.’

Er duiken vaak allerlei mooie sociale projecten op in de cacaosector. Is dat omdat er zoveel te verbeteren valt of eerder omdat chocolade een dankbaar product is om zo’n verhalen aan op te hangen?

Julien: ‘Er zijn veel zaken die verbeterd kunnen worden, in veel verschillende sectoren – ik denk maar aan de mode. Maar je ziet vandaag bijna overal mensen opstaan die tegenwicht bieden aan de grote industrie en zo een verhaal uitbouwen van een verantwoordelijke productie en consumptie. Dat is niet de meest eenvoudige manier van werken, maar wij zijn er alleszins trots op dat wij deze keuze maakten en dat geeft veel energie om verder te doen.’

Waarom betalen jullie die meerprijs voor cacao wel en grote chocoladebedrijven niet?

Julien: ‘Als kleine speler op de chocolademarkt kunnen wij rechtstreeks praten met onze producenten en relatief gemakkelijk beslissen om een hogere prijs te betalen voor de bonen. Bij ons hoeft niet elke keuze enkel op grond van economische argumenten gemaakt te worden, maar krijgen ook onze waarden een plaats aan tafel.’

Zijn er zaken die de grote spelers van de chocoladebusiness van jullie kunnen leren?

Julien: ‘Ik denk dat de hele sector zijn klanten zal moeten onderwijzen. Dat is onze plicht. Mensen moeten weten hoe cacao geteeld wordt en wat dat betekent voor de producenten. Als ze dat begrijpen, zullen ze er ook veel minder graten in zien om de juiste prijs te betalen voor zo’n mooi product. Maar dan moeten ze uiteraard ook wel de garantie krijgen dat hun geld naar de boer gaat in plaats van naar de fabrikant, dus ook grote bedrijven zullen transparantie moeten kunnen bieden zodat consumenten kunnen zien wat die paar centen meer concreet betekenen. Dat zit bij ons in ons DNA, maar is iets wat elk bedrijf zal moeten ontwikkelen.’

Is het niet fijn om vandaag te mogen werken in zo’n snel evoluerende chocoladewereld?

Julien: ‘Ja. We zien dat het mogelijk is om een echte impact te kunnen hebben door de dingen die wij doen. Wij kunnen nog lang niet elke cacaoboer helpen – daarvoor is ons volume nog veel te klein – maar we dragen onmiskenbaar ons steentje bij in de levens van onze veertig producenten.

Hoeveel impact kan je maken als mensen je product niet kunnen kopen?

Tegelijk blijft onze chocolade voor consumenten zeker betaalbaar. Wij willen geen exclusieve, kleine chocoladerepen maken waarvoor je diep in de buidel moet tasten. Hoeveel impact kan je immers maken als mensen je product niet kunnen kopen? De grootte van ons ideale bedrijf is een continue evenwichtsoefening: we hebben ruimte om te groeien, maar zullen dat alleen doen als het comfortabel aanvoelt en die groei onze impact ten goede kan vergroten. Groeien om te groeien, dat strookt niet met onze visie.’

Op dat moment mengt ook Christophe zich in het gesprek: ‘Omdat de manier van werken veranderde door de omschakeling naar bean to bar, hebben we ook onze prijzen een beetje omhoog moeten trekken. Maar de klanten volgen. Ze weten dat een kwaliteitschocolade alleen maar kan zijn wat hij is als iedereen in de keten eerlijk betaald wordt.’

Is dat sociaal engagement dat spreekt uit je bedrijf iets wat al je hele leven in jou zit?

Christophe: ‘Het is voor mij inderdaad heel belangrijk om zaken te doen die een positieve verandering met zich meebrengen. Als je bedrijf het leven van medewerkers, producenten en consumenten niet ten goede verandert, waarom zou je het dan doen?’

Nao is te vinden in verschillende biowinkels.

www.nao.bio

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content