Ingrediënten

Voor 4:

  • 250 g Parijse champignons
  • boter
  • peper en zout
  • 3 el fijngehakte bladeren van bleekselderij
  • 5 aardappelmousseline (fijne aardappelpuree, opgewerkt met room en boter)
  • 8 zeetongfilets
  • bleekselderijbladeren
  • olijfolie

Voor de saus:

  • 4 dl passata
  • 2 dl gevogeltebouillon
  • 1 fijngesneden sjalot
  • 1 el mosterd
  • het sap van 1/2 citroen
  • 4 el verse dragonblaadjes
  • peper en zout

Breng voor de saus de passata met bouillon, sjalot, mosterd, citroensap en dragon zacht aan de kook en laat al pruttelend tot de helft inkoken. Kruid met peper en zout.

Snij de champignons in kleine plakken en bak ze krokant in boter. Kruid met peper en zout en voeg fijngehakt selderijblad eraan toe. Meng onder de aardappelmousseline en houd warm. Bak de visfilets net gaar in boter, kruid met peper en zout. Leg per bord een filet, daarop wat van de champignonmousseline en dek af met een tweede filet. Serveer de saus erbij en werk af met selderijblad en een streep olijfolie.

Breng voor de saus de passata met bouillon, sjalot, mosterd, citroensap en dragon zacht aan de kook en laat al pruttelend tot de helft inkoken. Kruid met peper en zout. Snij de champignons in kleine plakken en bak ze krokant in boter. Kruid met peper en zout en voeg fijngehakt selderijblad eraan toe. Meng onder de aardappelmousseline en houd warm. Bak de visfilets net gaar in boter, kruid met peper en zout. Leg per bord een filet, daarop wat van de champignonmousseline en dek af met een tweede filet. Serveer de saus erbij en werk af met selderijblad en een streep olijfolie.