Wie zou ooit gedacht hebben dat in het vredige Feluy een vrouw woont die het nobele beroep van ambachtelijke koffiebrander uitoefent? 'Vergeet de huisnummers, volg maar gewoon je neus', had de enthousiaste Sylvie Looze me aan de telefoon al duidelijk gemaakt. En ze heeft gelijk: je hoeft geen jachthond te zijn om hier je weg te vinden. De koffiegeuren leiden me rechtstreeks naar de ruw afgewerkte loods waar de activiteiten van Cafés J.J. Looze plaatsvinden.
...

Wie zou ooit gedacht hebben dat in het vredige Feluy een vrouw woont die het nobele beroep van ambachtelijke koffiebrander uitoefent? 'Vergeet de huisnummers, volg maar gewoon je neus', had de enthousiaste Sylvie Looze me aan de telefoon al duidelijk gemaakt. En ze heeft gelijk: je hoeft geen jachthond te zijn om hier je weg te vinden. De koffiegeuren leiden me rechtstreeks naar de ruw afgewerkte loods waar de activiteiten van Cafés J.J. Looze plaatsvinden. Koffie is hier geen hobby van hipsters, maar een familietraditie die al drie generaties meegaat. We worden verwelkomd door Sylvies vader, Jacques Looze, die de fakkel heeft doorgegeven maar nog altijd graag vertelt hoe het allemaal begonnen is. 'Aan de basis van dit verhaal ligt mijn vader Joseph. Begin jaren vijftig kocht hij een plantage van 120 hectare in Kivu. In 1964 ben ik erbij gekomen. In de loop der jaren is er natuurlijk veel veranderd en hebben we onze activiteiten moeten aanpassen. Zo zijn we geleidelijk meer gaan diversifiëren. In 1994 hebben we ons uiteindelijk hier in deze oude boerderij gevestigd, om ons te concentreren op de selectie, de assemblage en vooral het branden van de koffiebonen.' In het rechthoekige, door de tijd gepatineerde pakhuis proeven we de poëzie van verre, vreemde landen. Wie zou niet beginnen dagdromen bij het zicht van de jutezakken met vermeldingen als Papoea-Nieuw-Guinea, Costa Rica Tarrazu, Guatemala Antigua, Kenia Masaï AA, Brazilië...? Jacques Looze graaft met zijn handen in een grote open zak. Hij diept een handvol bonen met exotische, blauwachtige reflecties op. 'Uit Guatemala Antigua, de droom van elke koffieliefhebber', glimlacht hij met zijn fonkelende ogen over zijn brillenglazen heen. We willen dat kostbare zwarte goud weleens van naderbij bestuderen, maar we worden al meteen meegetroond naar de Ideal-Rapid Gothot, een koffiebrander uit 1956, een prachtig, gietijzeren exemplaar dat de tand des tijds met glans heeft doorstaan. Onder het toezicht van haar vader licht Sylvie het verhittingsproces toe. 'Hiervoor is echt vakmanschap vereist', zegt ze. 'Als je te hard brandt, wordt de koffie minder verteerbaar, wat vaak gebeurt met Italiaanse koffie. Als je daarentegen niet ver genoeg gaat, wijzig je het potentieel van het product, met als gevolg een minder expressief aroma. Een koffieboon bevat tot 800 aromatische moleculen. Ideaal is een brandproces van 15 tot 20 minuten, afhankelijk van de oorsprong en de variëteit. Zo is een optimale ontwikkeling van de aroma's gegarandeerd.' De onderlegde vrouw maakt zich dan ook sterk dat zij, in een tijd waarin koffie bij steeds meer mensen opnieuw gewaardeerd wordt, een product aflevert dat dankzij zijn subtiele pittige tonen ook de gastronomische wereld kan bekoren. Alain Bianchin, San Degeimbre en Christophe Pauly behoren alvast tot haar klanten. Daarbij komt nog dat ze de hoogwaardige koffiebonen van drie familiale plantages rechtstreeks importeert, uit Rwanda, Brazilië en... Congo, jawel: Zuid-Kivu, waar het allemaal begon.