De zomer is in zicht en barbecueën is een van de weinige manieren waarop je coronaproof een etentje kan organiseren. Toch is een barbecue minder onschuldig dan dat je op het eerste zicht zou vermoeden. In Duitsland alleen al wordt er bijvoorbeeld jaarlijks 250.000 ton houtskool enkel en alleen voor barbecues gebruikt. Om je een idee te geven: dat is het equivalent van 0,5 tot 2,5 miljoen ton hout. Bovendien is een barbecue bij uitstek een gelegenheid om vlees te verorberen, de grote ecologische voetafdruk ten spijt. Het goede nieuws? Het kan ook anders. Met enkele simpele aanpassingen kom je al een heel eind. We geven alvast vier tips.

Investeer in een degelijk barbecuestel of leen een toestel

Voor wie niet zo heel vaak barbecuet kan het verleidelijk zijn om een wegwerptoestel te kopen, ook al is dat een weinig duurzame oplossing. Je zou in plaats daarvan kunnen overwegen om er eentje te lenen bij familie, te huren bij een organisatie of op zoek te gaan naar de barbecueplekken die de gemeente voorziet.

Wil je graag zelf een barbecuestel bezitten, kies dan goede kwaliteit. Mits een zorgvuldig onderhoud kan het toestel lang meegaan. Qua brandstof heb je de keuze tussen gas, elektriciteit of houtskool. Bij elektriciteit zou je kunnen nadenken over groene stroom, bij houtskool kan je dan weer opteren voor een ecologische variant (zie onder). Ook de vorm van je toestel speelt een rol: een kogelbarbecue met een bolrond deksel verliest alvast minder warmte.

Door je barbecue vooraf in te smeren met een plantaardige olie, vermijd je dat er al te veel etensresten op blijven plakken. Wat er toch aan kleeft, krijg je vlot weg door met een halve ajuin of citroen op een vork over de nog hete spijlen te wrijven. Je kan het rooster ook een nachtje laten weken. Met soda los je het vet op en met een stalen borstel verwijder je de meest hardnekkige etensresten.

Gebruik een duurzame brandstof

Als je gaat voor houtskoolbarbecue, kies dan zeker een ecologische variant. Uit een studie van het Wereldnatuurfonds (WWF) in België (2018) blijkt dat de helft van de onderzochte zakken houtskool tropisch hout bevat zonder certificaat. Dat hout werd dus mogelijk illegaal gekapt. Maar liefst 51% van de in België ingevoerde houtskool komt uit Nigeria, 16% uit Oekraïne, twee landen met ernstig bedreigde bossen. Ga dus zeker voor houtskool met het PEFC- of FSC-label, dat garant staat voor een duurzaam bosbeheer. Dergelijke ecologische houtskool is helemaal koolstofneutraal.

Er bestaan ook alternatieven op basis van afval. Kokosbriketten worden bijvoorbeeld gemaakt van de schalen van kokosnoten, een restant van de productie van onder meer kokosmelk. Ook afgedankte, zieke of oude wijnstokken - onder meer van de variëteit cabernet - blijken uitermate geschikt. Beide soorten gloeien langdurig.

Aanmaakblokjes op basis van plantaardige olie en hout (met FSC-label) of houtwol zijn te verkiezen boven die op basis van petroleum. Er bestaan ook houtvezels gedrenkt in was. Ga je liever zelf aan de slag? Online vind je tal van DIY-manieren om ecologische aanmaakblokjes te maken. Met de overblijvende as na de barbecue kan je dan weer je composthoop aanrijken. En de sintels zijn ook bruikbaar als starter voor je volgende barbecue.

Vergeet het plantaardig lekkers niet

Voor veel mensen staat een barbecue gelijk aan een vleesfestijn. Toch zijn er tal van smakelijke, plantaardige opties. Denk bijvoorbeeld aan gevulde Portobello--paddenstoelen, geroosterde asperges of bananen, gegrilde courgettes, aubergines of zoete aardappel, al dan niet geprikt op een brochette. Ook Falafel, tofu, seitan of veggie burgers of worstjes zijn een aantrekkelijke optie.

Zachte groenten zoals tomaten moet je wel inpakken. Veel mensen opteren voor aluminiumfolie, maar dat is allesbehalve duurzaam. Een betere optie is een metalen grilmandje waarin je je groenten legt. Ook kool- of rabarberbladeren zijn een goed alternatief. Aardappelen hoeven niet in een jasje van aluminiumfolie, je legt ze beter rechtstreeks - in de schil - op de gloeiende houtskool.

Als je voor vlees kiest, geef dan de voorkeur aan - lokaal geproduceerd - varken of lam boven rund. Je kan ook (duurzame) vis proberen (zie gids WWF). Tegenwoordig kan je duurzaam gekweekte tilapia of zalmforel verkrijgen. Ook inktvis is een behoorlijk duurzame optie. Sommige kazen lenen zich eveneens goed voor een barbecue: halloumi, camembert en feta bijvoorbeeld.

Koop je etenswaren verder zoveel mogelijk verpakkingsvrij. En waarom zou je niet zelf je sausjes en cocktails bereiden? Probeer de hoeveelheid af te stemmen op het aantal gasten. Heb je toch eten over? Verdeel het onder je gasten, verbruik het zelf de dag erna of composteer wat niet meer eetbaar is.

Vermijd wegwerpgerief

Plastic of kartonnen bordjes en bestek zijn uiteraard een groot gemak, maar allesbehalve duurzaam. Het meest logische is om gewoon je eigen borden, messen, vorken en bekers te gebruiken. Wie echt geen zin heeft in de afwas achteraf, kan herbruikbare alternatieven overwegen, of servies huren of lenen. Als er in niet-coronatijden echt een massa volk over de vloer komt, kan je opteren voor biodegradeerbaar materiaal

De zomer is in zicht en barbecueën is een van de weinige manieren waarop je coronaproof een etentje kan organiseren. Toch is een barbecue minder onschuldig dan dat je op het eerste zicht zou vermoeden. In Duitsland alleen al wordt er bijvoorbeeld jaarlijks 250.000 ton houtskool enkel en alleen voor barbecues gebruikt. Om je een idee te geven: dat is het equivalent van 0,5 tot 2,5 miljoen ton hout. Bovendien is een barbecue bij uitstek een gelegenheid om vlees te verorberen, de grote ecologische voetafdruk ten spijt. Het goede nieuws? Het kan ook anders. Met enkele simpele aanpassingen kom je al een heel eind. We geven alvast vier tips. Voor wie niet zo heel vaak barbecuet kan het verleidelijk zijn om een wegwerptoestel te kopen, ook al is dat een weinig duurzame oplossing. Je zou in plaats daarvan kunnen overwegen om er eentje te lenen bij familie, te huren bij een organisatie of op zoek te gaan naar de barbecueplekken die de gemeente voorziet. Wil je graag zelf een barbecuestel bezitten, kies dan goede kwaliteit. Mits een zorgvuldig onderhoud kan het toestel lang meegaan. Qua brandstof heb je de keuze tussen gas, elektriciteit of houtskool. Bij elektriciteit zou je kunnen nadenken over groene stroom, bij houtskool kan je dan weer opteren voor een ecologische variant (zie onder). Ook de vorm van je toestel speelt een rol: een kogelbarbecue met een bolrond deksel verliest alvast minder warmte. Door je barbecue vooraf in te smeren met een plantaardige olie, vermijd je dat er al te veel etensresten op blijven plakken. Wat er toch aan kleeft, krijg je vlot weg door met een halve ajuin of citroen op een vork over de nog hete spijlen te wrijven. Je kan het rooster ook een nachtje laten weken. Met soda los je het vet op en met een stalen borstel verwijder je de meest hardnekkige etensresten.Als je gaat voor houtskoolbarbecue, kies dan zeker een ecologische variant. Uit een studie van het Wereldnatuurfonds (WWF) in België (2018) blijkt dat de helft van de onderzochte zakken houtskool tropisch hout bevat zonder certificaat. Dat hout werd dus mogelijk illegaal gekapt. Maar liefst 51% van de in België ingevoerde houtskool komt uit Nigeria, 16% uit Oekraïne, twee landen met ernstig bedreigde bossen. Ga dus zeker voor houtskool met het PEFC- of FSC-label, dat garant staat voor een duurzaam bosbeheer. Dergelijke ecologische houtskool is helemaal koolstofneutraal.Er bestaan ook alternatieven op basis van afval. Kokosbriketten worden bijvoorbeeld gemaakt van de schalen van kokosnoten, een restant van de productie van onder meer kokosmelk. Ook afgedankte, zieke of oude wijnstokken - onder meer van de variëteit cabernet - blijken uitermate geschikt. Beide soorten gloeien langdurig.Aanmaakblokjes op basis van plantaardige olie en hout (met FSC-label) of houtwol zijn te verkiezen boven die op basis van petroleum. Er bestaan ook houtvezels gedrenkt in was. Ga je liever zelf aan de slag? Online vind je tal van DIY-manieren om ecologische aanmaakblokjes te maken. Met de overblijvende as na de barbecue kan je dan weer je composthoop aanrijken. En de sintels zijn ook bruikbaar als starter voor je volgende barbecue.Voor veel mensen staat een barbecue gelijk aan een vleesfestijn. Toch zijn er tal van smakelijke, plantaardige opties. Denk bijvoorbeeld aan gevulde Portobello--paddenstoelen, geroosterde asperges of bananen, gegrilde courgettes, aubergines of zoete aardappel, al dan niet geprikt op een brochette. Ook Falafel, tofu, seitan of veggie burgers of worstjes zijn een aantrekkelijke optie. Zachte groenten zoals tomaten moet je wel inpakken. Veel mensen opteren voor aluminiumfolie, maar dat is allesbehalve duurzaam. Een betere optie is een metalen grilmandje waarin je je groenten legt. Ook kool- of rabarberbladeren zijn een goed alternatief. Aardappelen hoeven niet in een jasje van aluminiumfolie, je legt ze beter rechtstreeks - in de schil - op de gloeiende houtskool.Als je voor vlees kiest, geef dan de voorkeur aan - lokaal geproduceerd - varken of lam boven rund. Je kan ook (duurzame) vis proberen (zie gids WWF). Tegenwoordig kan je duurzaam gekweekte tilapia of zalmforel verkrijgen. Ook inktvis is een behoorlijk duurzame optie. Sommige kazen lenen zich eveneens goed voor een barbecue: halloumi, camembert en feta bijvoorbeeld.Koop je etenswaren verder zoveel mogelijk verpakkingsvrij. En waarom zou je niet zelf je sausjes en cocktails bereiden? Probeer de hoeveelheid af te stemmen op het aantal gasten. Heb je toch eten over? Verdeel het onder je gasten, verbruik het zelf de dag erna of composteer wat niet meer eetbaar is. Plastic of kartonnen bordjes en bestek zijn uiteraard een groot gemak, maar allesbehalve duurzaam. Het meest logische is om gewoon je eigen borden, messen, vorken en bekers te gebruiken. Wie echt geen zin heeft in de afwas achteraf, kan herbruikbare alternatieven overwegen, of servies huren of lenen. Als er in niet-coronatijden echt een massa volk over de vloer komt, kan je opteren voor biodegradeerbaar materiaal