Recyclage volstaat niet om plasticvervuiling te stoppen volgens experts

Plastic afval © Getty

Met recycleren komen we er niet: alleen de afbouw van de plasticproductie kan de toenemende plasticvervuiling stoppen. Dat schrijven wetenschappers en experts in een open brief in het tijdschrift Science. Ook de mode-industrie zal dus minder synthetische stoffen moeten gebruiken om de natuur te redden.

Eind deze maand starten onderhandelingen over een internationaal verdrag tegen de vervuiling met plastic afval en microplastics. Zo’n verdrag zal alleen effect hebben als de immer groeiende productie van plastic aan banden wordt gelegd, schrijven experts uit Canada, Duitsland, India, Noorwegen, Zweden, Turkije, het VK en de VS in de brief.

Recycling is niet genoeg

De wetenschap is duidelijk, zeggen de experts: recycleren van plastic alleen is niet voldoende. Uit eerder onderzoek is gebleken dat bij strenge ingrepen aan de verbruikerszijde, zoals belastingen of verplichte recyclage, nog altijd 17 miljoen ton per jaar in de natuur zou terechtkomen.

Volgens de auteurs moet de steeds groeiende productie van nieuw plastic daarom geplafonneerd worden, en vervolgens afgebouwd.

‘De exponentieel groeiende productie van plastic is echt de oorzaak van het probleem: de hoeveelheden plastic die we tot nu toe al hebben geproduceerd, overschrijden de planetaire grenzen al’, zegt ecotoxicoloog Bethanie Carney Almroth van de Universiteit van Göteborg. ‘Als we dat niet aanpakken, zullen alle andere maatregelen tekortschieten om de vervuiling met plastic aanzienlijk te verminderen.’

Meer voordelen

Een afbouw van de plasticproductie brengt bovendien heel wat maatschappelijke, ecologische en economische voordelen, stellen de experten. Zo zal de waarde van de kunststoffen toenemen en zal recyclage dus interessanter worden.

Dat komt ook de strijd tegen de klimaatverandering ten goede, want de productie van nieuw plastic gaat gepaard met een grote uitstoot.

‘De massale productie voedt ook de overdracht van plastic afval van het mondiale noorden naar het zuiden’, zegt Sedat Gundogdu van de Cukurova Universiteit in Turkije. ‘Een productieplafond zal het wegwerken van niet-essentiële toepassingen vergemakkelijken en de export van plastic afval verminderen.’

Modesector

Ook de mode-industrie heeft hier een belangrijke rol in te spelen. Ten eerste kopen we steeds meer voor minder: kledingprijzen daalden in de EU tussen 1996 en 2018 met meer dan 30 procent ten opzichte van de inflatie, terwijl de gemiddelde huishouduitgaven voor kleding stegen.

De groeiende vraag naar textiel wakkert bovendien het inefficiënte gebruik van niet-hernieuwbare hulpbronnen aan, waaronder de productie van synthetische vezels uit fossiele brandstoffen. Een belangrijk probleem dat hierdoor veroorzaakt wordt, is het vrijkomen van microplastics uit synthetisch textiel en schoeisel tijdens alle fases van hun levenscyclus.

Polyester is de meest gebruikte vezel in de kledingindustrie en vertegenwoordigt ongeveer 52 procent van het totale volume vezels dat wereldwijd wordt geproduceerd. De kledingindustrie is goed voor ongeveer 32 miljoen ton van de 57 miljoen ton polyester die elk jaar wordt gebruikt. Momenteel is ongeveer 14 procent hiervan afkomstig van gerecycleerde input – voornamelijk van PET-flessen na consumptie.

Plan van de Europese Commissie

De Europese Commissie heeft een ambitieuze textielstrategie naar voren geschoven om dit soort problemen te tackelen en uiteindelijk zelfs af te rekenen met fast fashion. Er worden verschillende maatregelen voorgesteld om de hoeveelheid microplastics die in het milieu terechtkomen terug te dringen.

Er zal een minimumgrens voor het gebruik van gerecycleerd materiaal worden vastgelegd. Ook zal de Commissie samenwerken met de sector om circulaire bedrijfsmodellen op te schalen en hergebruik en reparatie te promoten. Recyclage is dus niet de eerste stap, maar eerder een oplossing voor wanneer een kledingstuk geen andere toekomst heeft en anders op de afvalberg belandt. Producenten zullen verplicht worden om meer acties te ondernemen om de levensduur van hun producten te verlengen. Als het voorstel van de EU wordt goedgekeurd, krijgen ze verplichte ontwerpvoorschriften. 

Ook wordt er door de EU de voorkeur gegeven aan recycleren binnen dezelfde sector. Dit wil zeggen: PET-flessen gebruiken om opnieuw plastic voor de voedingsindustrie van te maken en oude synthetische kledingstukken omvormen tot nieuwe kleding.

Experts en beleidsmakers zijn het er dus over eens dat er minder op fossiele brandstoffen geleund moet worden, maar hoe de theorie naar de praktijk zal worden omgezet is nog maar de vraag.

Partner Content